five

Gemeente Overbetuwe. Plangebied Rijksweg Zuid 41 te Elst. Archeologisch bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek (karterende fase).

收藏
DANS Data Station Archaeology2016-07-24 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZST-2DE5
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Archeologische bureau- en karterend booronderzoek</p><p>In opdracht van mw. J.M.T. de Swart heeft het onderzoeks- en adviesbureau BAAC bv een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek met behulp van boringen (karterende fase) uitgevoerd in het plangebied Rijksweg Zuid 41 te Elst. De aanleiding voor het onderzoek vormt de geplande nieuwbouw van een loods in het plangebied (omgevingsvergunning). Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied deel uitmaakt van de stroomgordel van Ressen, die ten zuidwesten van het plangebied omstreeks 4250 geleden (laat-neolithicum B) actief is geworden en zich tot circa 3200 jaar geleden (midden-bronstijd) geleidelijk in noordoostelijke richting heeft verplaatst naar het gebied ten noordoosten van het plangebied. Gezien het hoogteverloop en de resultaten van onderzoek in de omgeving, wordt het noordelijke deel van het plangebied doorsneden door een restgeul van deze stroomgordel (tot circa 1,5 tot meer dan 3 m -mv met daaronder beddingafzettingen), die vermoedelijk in de late bronstijd-vroege ijzertijd is dichtgeslibd. In het zuidoostelijke deel komen de beddingafzettingen relatief ondiep (d.w.z. binnen 1 m –mv) voor. Bij onderzoeken in de omgeving zijn op de stroomgordel van Ressen archeologische waarden aangetroffen uit het neolithicum tot en met de middeleeuwen. Deze archeologische waarden bevinden zich op de hogere delen van de stroomgordel. Het plangebied was in ieder geval in het begin van de negentiende eeuw onbebouwd en in gebruik als bouwland. Pas in de jaren dertig van de twintigste eeuw is in het noordwestelijke deel van het plangebied een boerderij met schuur gebouwd met daarom heen een boomgaard. Het gebruik van het erf zal tot een afwisseling van diepe verstoringen (ter hoogte van de (gier)kelders) en ondiepe verstoringen hebben geleid met plaatselijk een intacte bodemopbouw. Het zuidelijke en oostelijke deel van het plangebied is, voor zover bekend altijd onbebouwd gebleven. De enige verstoring die hier heeft plaatsgevonden, is verploeging (30 à 40 cm –mv). Op basis van deze gegevens wordt aan het zuidelijke deel van het plangebied (3280 m2), dat een relatief hoge ligging heeft, een hoge verwachting toegekend voor archeologische waarden (nederzettingen, graven e.d.) uit de bronstijd tot en met de volle middeleeuwen en een lage verwachting voor de late middeleeuwen en nieuwe tijd. De archeologische waarden worden verwacht in de top van de kronkelwaard/oeverwalafzettingen op het beddingzand, d.w.z. tussen 30 cm (dikte bouwvoor) en 70 cm –mv. Vermoedelijk bevindt zich onder de bouwvoor een archeologische laag (oud woonniveau) van naar verwachting maximaal 30 cm dik. Deze kan echter deels of geheel in de bouwvoor zijn opgenomen. Voor het noordelijke deel van het plangebied (8560 m2), waar zich naar verwachting een restgeul bevindt, geldt een lage verwachting voor nederzettingsresten, graven e.d. voor alle perioden. Voor aan natte context gerelateerde archeologische waarden uit de bronstijd en vroege ijzertijd geldt een middelhoge verwachting.</p><p>Uit het veldonderzoek blijkt dat zich in het plangebied vanaf 5,86 à 7,27 m +NAP beddingafzettingen van de stroomgordel van Ressen bevinden en in het centrale deel pleistocene terrasrest met laag van Wijchen (vanaf 7,1 à 7,6 m +NAP). In het noordelijke deel van het plangebied bevinden zich op de beddingafzettingen restgeulafzettingen. Elders in het bevinden zich direct op de beddingafzettingen oeverwal-/crevasseafzettingen (top op 7,23 à 8,4 m +NAP oftewel 30 à 150 cm – mv). Deze afzettingen zijn afgedekt met komafzettingen die tot aan het maaiveld reiken. Over het algemeen reikt de verstoring in het plangebied niet dieper dan de bouwvoor (d.w.z. 25 à 45 cm –mv). In vier boringen is de bodem als gevolg van het gebruik als erf of boomgaard tot maximaal 75 cm –mv verstoord. In het plangebied zijn geen relevante archeologische indicatoren of aanwijzingen voor de aanwezigheid van een archeologische laag aangetroffen. Indien ooit sprake is geweest van een archeologisch niveau in het plangebied is deze vermoedelijk bij de crevassedoorbraak geërodeerd. Derhalve is de archeologische verwachting voor het gehele plangebied en voor alle perioden bijgesteld naar laag en wordt geen vervolgonderzoek aanbevolen.</p>
提供机构:
BAAC bv
创建时间:
2016-01-21
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务