Transect-rapport 1225: Inventariserend Veldonderzoek, IVO Verkennende Fase. Hoofddorp, De Hoek Fase 2, Gemeente Haarlemmermeer (NH)
收藏DANS Data Station Archaeology2016-03-22 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X9T-TS5W
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In de periode december 2016 - februari 2017 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied als onderdeel van het bedrijventerrein De Hoek in Hoofddorp (gemeente Haarlemmermeer). De aanleiding voor het onderzoek vormt de aanvraag van een omgevingsvergunning in het gebied die nieuwbouw van diverse bedrijfsgebouwen in dit plangebied mogelijk moet maken. In het plangebied is volgens het vigerend bestemmingsplan echter sprake van een archeologische waarde. Dit betekent dat, gezien de omvang van de voorgenomen bodemingrepen, archeologisch vooronderzoek nodig is. Op basis van het vooronderzoek zijn de volgende conclusies te trekken: In het plangebied ligt een relatief vlak dekzandlandschap begraven, waarbinnen centraal in het gebied een dekzandwelving begraven ligt. Deze sluit aan op de welving die tijdens het eerder onderzoek ten westen van het plangebied is gevonden. Ook in het uiterst zuidoostelijk deel van het plangebied is een opduiking aanwezig. Op deze welvingen heeft in de top van het dekzand bodemvorming plaatsgevonden, zij het in beperkte mate. Dit hangt naar verwachting samen met de snelheid van verdrinking in het begin van het Holoceen. Deze trad dermate vroeg op, dat echte bodemvorming amper plaats kon vinden. Alleen op de toppen van de dekzandwelvingen, waar het dekzand zich binnen -11,25 m NAP bevond, is (een aanzet tot) bodemvorming waargenomen. Nadat het gebied was verdronken, heeft zich in het plangebied veen gevormd. Dit veen is in een groot deel van het plangebied nog aanwezig, waarmee op die plaatsen de top van het dekzand intact is te beschouwen. Gezien de diepteligging is het dekzand in het plangebied tussen circa 5.900 en 5.800 voor Chr. verdronken. Dit betekent dat in de top van het dekzand archeologische waarden aanwezig kunnen zijn die uit de periode van het Laat-Paleolithicum tot en met het Laat-Mesolithicum kunnen dateren. Buiten de dekzandwelvingen bevinden zich laagtes, waarin geen sporen van bodemvorming aanwezig zijn. Tevens hebben getijdegeulen in deze laagtes de top van het dekzand en het veen geërodeerd. Ten aanzien van de archeologische verwachting van het plangebied zijn uitgangspunten geformuleerd op grond waarvan het plangebied in verwachtingszones is in te delen. Hierbij is een onderscheid te maken in een zone, waar sprake is van een middelhoge archeologische verwachting op de aanwezigheid van (nederzettings-)resten uit de periode Laat-Paleolithicum en Mesolithicum en een zone met een lage archeologische verwachting. De middelhoge archeologische verwachting is hierbij gebaseerd op de relatief hogere ligging van die gebiedsdelen binnen het dekzandlandschap en de geconstateerde intactheid van en aanwezigheid van bodems in de top van het dekzand. De lage verwachtingsgebieden zijn gebaseerd op het ontbreken van bodemvorming, de relatief lagere landschappelijke ligging en erosie in die gebieden. Een verwachtingskaart van het plangebied is weergegeven in bijlage 4.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2016-03-23



