Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek verkennende fase Ohmweg 13 te Woerden
收藏DANS Data Station Archaeology2016-11-14 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z2F-VFYB
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Op grond van het bureauonderzoek werden de afzettingen van de Linschoten stroomgordel pas vanaf 3,0 m –mv verwacht. De zandige afzettingen die in de boringen binnen 2,0 m –mv zijn aangetroffen behoren waarschijnlijk toe aan de crevasse van de Korte Linschoten. Crevasseafzettingen worden gekenmerkt door een grote variatie in samenstelling over een korte afstand. Boring 5 laat zien dat onder het 75 cm dikke grofzandige en grindhoudend een komafzetting aanwezig is, wat vaak kenmerkend is voor crevasses, omdat deze meestal niet gefunderd zijn tot in de zandige ondergrond. Alleen in boring 6 is een intacte bodem in de vorm van een ooivaaggrond aangetroffen, die waarschijnlijk ligt in de geul van de crevasse. Over het algemeen is de bovengrond diep verstoord (85-145 cm –mv), waardoor ook de oorspronkelijke bodem is verdwenen. In de zandige afzettingen zijn geen bodemhorizonten of resten daarvan waargenomen. Gezien het feit dat het plangebied grotendeels is bebouwd, zal de bodem sterk verstoord zijn, waardoor de kans op het aantreffen van eventuele archeologische resten klein wordt geacht.</p><p>Vuursteenvindplaatsen van jagers-verzamelaars bestaan voornamelijk uit strooiing van fragmenten vuursteen en ondiepe grondsporen, zoals haardkuilen, in de bovengrond van de oorspronkelijke bodem, die op 5-8 m –mv wordt verwacht. Aangezien het booronderzoek slechts tot ruim 2 m –mv reikte, valt dit niveau buiten het bereik van het huidige onderzoek. Hierdoor kan de onbekende verwachting uit het bureauonderzoek voor vuursteenvindplaatsen van jagers-verzamelaars uit het Laat-Paleolithicum tot en met Mesolithicum worden gehandhaafd.</p><p>Nederzettingsresten uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe tijd bestaan niet alleen uit fragmenten aardewerk, maar ook uit diepere sporen zoals paalgaten en afvalkuilen. Deze sporen kunnen tot in de C-horizont reiken en zijn mogelijk nog intact. Nederzettingsresten uit de periode Vroeg-Neolithicum tot en met Midden-Neolithicum worden verwacht vanaf 5-8 m –mv. Aangezien het booronderzoek slechts tot ruim 2 m –mv reikte, valt dit niveau buiten het bereik van het huidige onderzoek. Hierdoor kan de lage verwachting uit het bureauonderzoek voor het aantreffen van vindplaatsen uit het Vroeg- en Midden-Neolithicum worden gehandhaafd. De binnen 2 m –mv aangetroffen crevasseafzettingen van de Korte Linschoten stammen uit de Vroege-IJzertijd tot en met Midden-Romeinsetijd. Gezien de diepe bodemverstoring en het ontbreken van aanwijzingen voor resten van bodemhorizonten dan wel intacte bodems in de kom- en crevasseafzettingen alsmede in de daaronder gelegen komafzettingen, wordt de kans klein geacht dat hier vindplaatsen uit het Laat-Neolithicum tot en met de Romeinse tijd aanwezig zijn dan wel bewaard zijn gebleven. Daarom wordt de hoge verwachting uit het bureauonderzoek voor het aantreffen van vindplaatsen uit de perioden Laat-Neolithicum tot en met Romeinse tijd op grond van de veldresultaten voor het plangebied bijgesteld naar laag. Het veldonderzoek heeft geen aanleiding gegeven om de lage verwachting uit het bureauonderzoek voor de perioden Vroege-Middeleeuwen tot en met Nieuwe tijd bij te stellen.</p>
提供机构:
Archeodienst BV
创建时间:
2016-11-15



