Transect-rapport 2092 :Een Inventariserend Veldonderzoek (verkennende fase). Spijkenisse, Voorweg 9, Gemeente Nissewaard (ZH).
收藏DANS Data Station Archaeology2019-02-28 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XZZ-WK2X
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In februari 2019 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Voorweg 9 in Spijkenisse (gemeente Nissewaard). De aanleiding voor het onderzoek vormt de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de realisatie van een loods met kantoorgebouwen. Deze ontwikkeling vindt plaats in het kader van de herinrichting van de onder Stadsbeheer vallende gemeentelijke werf Rayon Noord. </p><p>In het plangebied geldt volgens het bestemmingsplan Spijkenisse Noord een bouwregeling en omgevingsvergunning voor ingrepen die dieper reiken dan 30 cm -Mv en die in oppervlakte groter zijn dan 100 m2 (Waarde – Archeologie). Dit betekent dat voor de voorgenomen nieuwbouw van een onderheide loods met een omvang van circa 1500 m2 in het plangebied een archeologisch onderzoek nodig is.</p><p>Het archeologisch vooronderzoek bestaat hier uit een Inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase. Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen en waar mogelijk bijstellen van de gespecificeerde archeologische verwachting, door het verzamelen van informatie over de feitelijke bodemopbouw, bodemreliëf en bodemintactheid in het plangebied. Dit is gedaan met behulp van boringen.</p><p>Op basis van het archeologisch vooronderzoek zijn de volgende conclusies te trekken: <br>1) Het plangebied ligt in een voormalig kwelderlandschap, waarbinnen sprake is van een afwisseling van kleiafzetting en veenvorming. Op basis van het veldonderzoek is vastgesteld dat in het plangebied vanaf de Midden- tot Late-IJzertijd in een (omvangrijke) getijdegeul lag. Deze is verland, waarna vanaf de Late Middeleeuwen als gevolg van overstromingen een 50-75 cm dik pakket klei is afgezet.<br>2) Op grond van de resultaten van het veldonderzoek valt af te leiden dat de op voorhand veronderstelde redelijk hoge tot hoge archeologische verwachting te nuanceren is. Het oorspronkelijk archeologisch relevante veen is als gevolg van erosie aangetast en de aangetroffen geulafzettingen zijn te nat bevonden voor bewoning. Vegetatieniveaus, cultuur- of ophooglagen, of rijpingsverschijnselen op grond waarvan bewoonbaarheid kan worden verondersteld, ontbreken. Tevens zijn geen oeverafzettingen aanwezig, hoewel deze doorgaans in het gebied lastig te herkennen zijn. Dit verkleint de kans dat er intacte archeologische waarden uit de periode Neolithicum-Middeleeuwen binnen 5,0 m -Mv aanwezig zijn. Voor resten uit de Nieuwe tijd geldt op basis van het bureauonderzoek van Moree (2018) reeds een lage archeologische verwachting.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2019-03-01



