five

Waterland Monnickendam Havenstraat 20 Bureau-onderzoek

收藏
DANS Data Station Archaeology2014-08-18 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZT9-572Y
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>ADC ArcheoProjecten heeft in juli 2014 ten behoeve van de locatie Havenstraat 20 te Monnickendam, gemeente Waterland een bureauonderzoek uitgevoerd.</p><p>Aanleiding voor het onderzoek vormt de voorgenomen ontwikkeling van de locatie. Deze omvat de sloop van het op de locatie aanwezige pand ‘Stuttenburg’, het aanbrengen van een erfafscheiding rondom het plangebied en inrichting van het plangebied met parkeerplaatsen.</p><p>Het plangebied ligt evenwel in een gebied waar een gemeentelijk archeologisch beleid is vastgesteld. Op grond van dit beleid valt het plangebied in een zone die is aangemerkt als archeologisch waardevol gebied van de tweede categorie. Dit betekent dat bij ontwikkelingen die groter zijn dan 100 m2 en dieper reiken dan 35 cm –Mv de initiatiefnemer ten behoeve van het verkrijgen van een omgevingsvergunning een rapport dient te overleggen waarin naar oordeel van de bevoegde overheid de archeologische waarde van het plangebied voldoende is vastgesteld. In het kader van dit proces heeft het in dit rapport beschreven bureauonderzoek plaatsgevonden.</p><p>Op basis van het bureauonderzoek kan gesteld worden dat binnen het plangebied rekening gehouden moet worden met de aanwezigheid van archeologische waarden uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Zo is vermoedelijk rond 1400 het plangebied deel gaan uitmaken van de stad Monnickendam. Wanneer op de locatie de eerste bebouwing verscheen is vooralsnog niet bekend, maar op de kaart van Van Deventer uit 1560 staat op de locatie in ieder geval bebouwing aangegeven. In de 17de eeuw is het terrein middels aanplempingen vervolgens in oostelijke richting uitgebreid en in gebruik genomen als werf. Dit gebruik heeft zich tot vandaag de dag voortgezet, alhoewel in de loop van de tijd wel sprake is geweest van een wisseling in intensiteit van de bebouwing. De kans op sporen of vondsten uit de periode voorafgaand aan de Late Middeleeuwen wordt als zeer laag ingeschat. Dit op basis van het feit dat het gebied voorafgaand aan de bedijkingen in de Late Middeleeuwen geen gunstige omstandigheden voor bewoning bood. Het niveau waarop sprake kan zijn van de aanwezigheid van archeologische waarden bevindt zich in principe direct onder de huidige bouwvoor. Vraag is in hoeverre bouw- en sloopactiviteiten in met name de 19e en 20ste eeuw eventueel aanwezige oudere sporen beschadigd hebben.</p><p>Op basis van bovenstaande verwachting en het gegeven dat de mogelijk aanwezige waarden door de voorgenomen werkzaamheden bedreigd worden adviseert ADC ArcheoProjecten om de voorgenomen sloop- en graafwerkzaamheden archeologisch te begeleiden. De archeologische begeleiding dient hetzelfde doel als een opgraving (AB/Opgraven). Dit betekent dat bij de civiele werkzaamheden aangetroffen vondsten of archeologische sporen worden geregistreerd en, in zover de werkzaamheden dat toelaten, worden gedocumenteerd. Om eventuele beschadiging van het bodemarchief zoveel mogelijk te voorkomen wordt geadviseerd om de ondergrondse sloop van de bestaande bebouwing zo beperkt mogelijk te houden.</p><p>De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE). De keuze voor vervolgonderzoek is gebaseerd op het gegeven dat de voorgenomen ontwikkeling binnen het plangebied vooralsnog beperkt van omvang is. Afgezien van de sloop van de bestaande bebouwing gaat het in principe om de aanleg van een erfafscheiding en de herinrichting van het terrein als parkeerplaats. Aangenomen wordt dat de daarmee gepaard gaande bodemverstoring beperkt van omvang zal zijn.</p>
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2014-08-19
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务