Archeologisch onderzoek bij de Boltastate in Harlingen, provincie Friesland.
收藏DataCite Commons2025-06-13 更新2025-06-14 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-zrj-3vrd
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
Bij de aanleg van een langgerekte dam in de nieuwe industriehaven in Harlingen, is een brede sleuf gegraven over een lengte van enkele honderden meters. In deze ontgrondingsleuf is ten zuidwesten van de voormalige Boltastate door een amateurarcheoloog een aantal vondsten geborgen. Het vondstmateriaal bestaat voornamelijk uit aardewerk. De meeste scherven hiervan behoren tot het zogenaamde Pingsdorfaardewerk. Daarnaast is er ook kogelpotaardewerk en faience gevonden.Begin 2001 is het terrein samen met de desbetreffende amateurarcheoloog geïnspecteerd. In de reeds uitgedroogde grond op de bodem van de sleuf waren grondsporen zichtbaar, waaronder een ronde kuil en twee sloten. Er werd besloten om het terrein archeologisch nader te onderzoeken. Van 18 tot en met 26 september 2001 werd door Archaeological Research & Consultancy (ARC bv) een Definitief Onderzoek uitgevoerd.Conclusie:Het onderzoeksterrein bij de Boltastate ligt waarschijnlijk op een uitloper van de kwelderwal waarop Firdgum, Oosterbierum en Sexbierum liggen. De oudste bewoningssporen die op deze locatie zijn aangetroffen dateren uit de (Late) Middeleeuwen. Deze datering is gebaseerd op het aardewerk en wordt ondersteund door de dendrodatering van hout afkomstig van de houten ton gevonden onderin de waterput. De vondsten van Pingsdorf- en Kogelpotaardwerk , Andenne aardewerk en proto-steengoed duiden er waarschijnlijk op dat het complex als geheel uit de 12e en 13e eeuw dateert.Ten noordoosten van de Baltastate is een beperkt aantal sporen aangetroffen en ten zuidwesten aanzienlijk meer. Mogelijk betreffen het twee verschillende bewoningsconcentraties.Het botanische onderzoek toont aan dat het milieu ten tijde van de middeleeuwse bewoning voornamelijk zoet is geweest. Onderzoek van het botmateriaal en de aanwezigheid van graan en dorsresten duidt op het houden van een gemengd bedrijf.Na deze bewoning uit de middeleeuwen is er een twee bewoningsfase geweest in de Nieuwe Tijd (1600-1900 n Chr.). Sporen op beide delen duiden hierop.Tijdens het onderzoek is een gering aantal vondsten geborgen. Dit is waarschijnlijk te wijten aan het feit dat het onderzoek plaatsvond in een ontgrondingsleuf waarvan de bovenste 80-100 cm reeds was verwijderd. Ondiepe sporen waren mogelijk al vergraven.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2015-06-12



