Transect-rapport 954: Archeologisch Inventariserend Veldonderzoek, Verkennende, Karterende en Waarderende Fase. Waterberging Vliersepad te Elspeet, Gemeente Nunspeet (GD)
收藏DANS Data Station Archaeology2016-06-08 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XWD-RR2M
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Een archeologisch vooronderzoek is uitgevoerd in een plangebied aan het Vliersepad-Hogeweg te Elspeet (gemeente Nunspeet). De aanleiding voor het onderzoek is de aanleg van een waterberging, waarbij de bodem in het plangebied tot maximaal ca. 2,0 m onder het bestaande maaiveld wordt ontgraven. Als gevolg hiervan kunnen eventueel in het plangebied aanwezige archeologische waarden worden verstoord. Daarom is in het kader van de omgevingsprocedure een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd, waarvan de resultaten in dit rapport zijn vastgelegd. Het vooronderzoek bestond uit een gecombineerde verkennende, karterende en waarderende fase, door middel van boringen. Uit het booronderzoek blijkt dat zich op circa 50-60 cm onder het huidige maaiveld een potentieel archeologisch niveau bevindt, bestaande uit een mogelijke cultuurlaag en de top van het pleistoceen dekzand. In het zuidelijke deel van het plangebied, ter hoogte van boringen 7 en 14 zijn op dit niveau twee stuks bewerkt vuursteen in de verkennende en karterende boringen aangetroffen, die vermoedelijk uit de periode van de Midden- tot Nieuwe Steentijd dateren. Dit was aanleiding om dicht op deze boringen (afstand 5 m) extra waarderende boringen te zetten, die niet meer vondsten hebben opgeleverd, anders dan een fragment verweerd aardewerk (grootte ca. 2 cm), dat bij nader inzien als Nieuwe Tijd aardwerk moet worden gedateerd (mogelijk verweerd roodbakkend aardewerk). Als zodanig betreft het hier materiaal dat met plaggen op het oud bouwlanddek terecht is gekomen, dat het archeologisch niveau binnen het plangebied afdekt. Van een overtuigende vindplaats ter hoogte van boringen 7 en 14 kan op basis van de karterende en waarderende boringen niet worden gesproken. Het betreft eerder ‘losse vondsten’; vondsten zonder nederzettingscontext. De exacte identiteit van de bruingrijze laag die tussen het pleistoceen (dek-)zand en de enkeerdgrond in ligt, blijft onbekend. Deze kan op basis van het onderzoek als een Bs-horizont worden beschouwd, maar ook als een cultuurlaag (met onbekende genese en datering). Concluderend heeft het onderzoek onvoldoende aanwijzingen voor een behoudenswaardige vindplaats c.q. behoudenswaardige archeologische vondstcontext opgeleverd.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2016-06-09



