five

Een archeologisch en bouwhistorisch onderzoek op de Kronehoef te Eindhoven, gemeente Eindhoven

收藏
DataCite Commons2025-12-04 更新2026-04-25 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/1YNABW
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p> Inleiding <p> In opdracht van OMEGA projectconsult bv heeft RAAP met tussenpozen van 6 maart 2021 tot en met 11 juni 2021 een archeologisch onderzoek uitgevoerd op de Kronehoef te Eindhoven, gemeente Eindhoven. Onderdeel daarvan was een bouwhistorisch onderzoek, uitgevoerd door Bureau voor Bouwhistorie en Architectuurgeschiedenis. De aanleiding tot onderhavig onderzoek vormt de geplande sloop van een historische boerderij (Kronehoefstraat 62), een bodemsanering en realisatie van nieuwbouw in het plangebied. Het voornaamste doel van het onderzoek was het veiligstellen van de wetenschappelijke informatie (behoud ex situ). <p> Landschap <p> De ondergrond bestaat uit Brabantse leem, afgezet gedurende het Midden-Weichselien. De top ligt binnen 1,0 m beneden maaiveld, lokaal zelfs 40 cm –Mv. De jongste natuurlijke afzettingen in het plangebied bestaan uit dekzand en is afgezet in een jongere fase van het Pleniglaciaal. Hoewel de grondwatertrap van het terrein niet is gekarteerd, is de ontwatering van nature goed. In bodemkundig opzicht is sprake van een hoge zwarte enkeerdgrond, maar deze was meestal niet meer intact. Het esdek (plaggendek) is zeer variabel in dikte, namelijk 30 tot 80 cm. <p> Onder het plaggendek of verstoringen is vaak het dekzand of Brabantse leem aanwezig, zodat overwegend sprake is van een AaC-profiel. Alleen plaatselijk zijn ook andere bodemlagen aanwezig. Het gaat dan meestal om de ABhorizont van een dunne veldpodzol of een oude akkerlaag; soms is ook de onderliggende BC-horizont aanwezig. <p> De late middeleeuwen: 13-15e eeuw <p> De oudste resten bestaan uit enkele scherven keramiek uit de vroege 13e eeuw, mogelijk nog de late 12e eeuw. De oudste bewoningssporen dateren evenwel pas uit het tweede kwart van de 14e eeuw. Het gaat om enkele kleine bijgebouwen van een erf, waarvan het hoofdgebouw iets zuidelijker lag. De bijgebouwen zijn vermoedelijk schuren. In één geval wijst met name een greppel op de lengte-as van de schuur op een stalfunctie voor (klein)vee, maar een groot maalsteenfragment sluit beter aan bij het uitoefenen van huishoudelijke activiteiten. Een forse hoeveelheid baksteen, alsook mortel, vormt een aanwijzing voor een zeer vroeg gebruik van deze bouwmaterialen. Het vroege baksteengebruik kan mogelijk worden gerelateerd aan de heren van Cranendonk en Eindhoven. Een nabijgelegen grote kuil is aangelegd als leemwinkuil, maar in tweede instantie als waterkuil gebruikt. In een nabijgelegen greppel uit dezelfde periode zijn in 2006 resten van rund en varken gevonden, terwijl een spinklosje is gebruikt voor de verwerking van schapenwol en daarmee wellicht op de aanwezigheid van schapen wijst. Het moet niet worden uitgesloten dat deze niet alleen de grens van het bijbehorend cultuurland aangeven, maar ook de perceelsvormen en -groottes markeren. <p> De vroege Nieuwe tijd: 16-18e eeuw <p> Het plangebied bleef in gebruik – mogelijk als achtererf van het goed Ten Gruythuze. De archeologische resten bestaan vooral uit greppels. Één greppel is echter ouder. Deze ligt onder de 19e eeuwse Kronehoef en dateert uit de 17e of mogelijk nog de 16e eeuw. Wanneer men de omgrachting ten zuidwesten van de Kronehoef van het minuutplan uit 1832 doortrekt, dan sluit deze greppel hierop aan. Mogelijk stond de boerderij vóór 1832 zuidwestelijker en is die voordien deels herbouwd over de oude Kronehoefloop. <p> <p> Mogelijk heeft men deze sloot toen naar het noorden toe verlegd en verbreed; ook deze is aangetroffen. De datering van de greppels en het sporenbeeld, met name het ontbreken van bijbehorende waterputten – wijst erop dat bewoning van de 15e tot de 19e eeuw ontbreekt in het plangebied. Een cluster grote kuilen in de zuidwesthoek van het plangebied moet mogelijk als 15-16e eeuwse waterkuilen worden geïnterpreteerd. In dat geval betreft het waterkuilen van het goed Ten Gruythuze of de Grote Prinsehoeve. Echter, een jonge datering in de 19e eeuw is ook mogelijk en hebben de sporen geen directe relatie met deze oude hoeves. De vondst van een vetvanger wijst erop dat de bewoners van het goed Ten Gruythuze een gegoede keuken hadden en van bovengemiddelde welstand waren. <p> De moderne tijd: 19e en 20e eeuw <p> Pas in de 19e eeuw neemt de hoeveelheid vondstmateriaal en waarneembare bouwactiviteiten in het plangebied sterk toe. De meeste sporen dateren uit deze periode. Rond 1800 verschijnt de Kronehoef in het plangebied. Gelet op het oudste kadastrale minuutplan was de voorganger al een langgevelboerderij. Bij de herbouw na de brand van 1883 is slechts een klein deel van de het oude muurwerk hergebruikt, namelijk de brandmuur, de noordgevel en het diepere deel van de fundering van de zuidgevel. Op de kadastrale hulpkaarten is de boerderij van 1884 niet op exact dezelfde plaats getekend als de voorganger. De plaats van de bewaard gebleven muren strookt niet met de kadastrale hulpkaarten. Mogelijk is er een fout geslopen in de oorspronkelijke opmeting van de boerderij. Men is vrijwel direct na de brand begonnen met de herbouw. Dit sluit aan bij de kadastrale leggers van 1883 en de kadastrale hulpkaart uit 1884, die al de herbouw toont. <p> De nieuwe boerderij heeft de voor die tijd karakteristieke opzet voor een langgevelboerderij. De indeling van de boerderij is bekend: het woonhuis ligt in het westelijke, de potstal in het centrale en de stal in het oostelijke bouwdeel. Het woonhuis is ingedeeld in vier vertrekken: de heerd, de woonkamer, de opkamer en de geut (spoelkeuken). Het belangrijkste vertrek is de heerd. Daar speelt zich een groot gedeelte van het dagelijkse leven op de boerderij af. Hier wordt gekookt en geleefd. Tegen de oostwand van dit vertrek is dan ook een grote haardpartij aanwezig. Het bedrijfsgedeelte heeft de typerende indeling met direct achter het woongedeelte de potstal en vervolgens een dwarsdeel en daarachter de tas. Aangezien er meerdere bijgebouwen op het terrein aanwezig waren zal één daarvan gebruikt zijn geweest voor de wagenberging. De potstal besloeg de gehele breedte van de boerderij en reikte tegen de onderkant van de funderingen van de buitenmuren. De bodem was komvormig. In het profiel tekenden zich diverse lagen af. Op de bodem zijn enkele dunne laagjes aanwezig, waaronder één uit leem met kalkmortel en baksteenpuin – mogelijk gestort na de brand van 1883. Tussen de westelijke lange gevel en de naastgelegen binnenmuur bestaat de vulling uit een homogeen pakket humeus zand, maar in de rest van de potstal is een opeenvolging van dunne lagen gevormd. <p> In de loop van de 20e eeuw is de verouderde en onhygiënische potstal dichtgestort met geel zand en vervangen door de modernere Hollandse- of grupstal. Bij de Hollandse stal staan de koeien voortaan op een koestand met aan de voorzijde een voedergoot en aan de achterzijde de grup voor de afvoer van de fecaliën. Begin 20e eeuw wordt ook het woongedeelte aangepast. Bij die verbouwing verkleint men de heerd ten gunste van de spoelkeuken. Dat vertrek wordt nu de keuken, waarvoor in de zuidoosthoek een keukenhaard wordt geplaatst. Door deze aanpassing komt de grote haard van de heerd te vervallen. Dat vertrek werd een “normale” kamer. Door het vergroten van de oorspronkelijke spoelkeuken ontstaat er een kleine rechthoekige ruimte in het midden van het woongedeelte. Deze ruimte kan als bedstede of voor opslag zijn gebruikt. In een latere fase wordt de tussenwand verwijderd en voegt men de kleine ruimte bij de keuken. <p> De boerderij wordt in 1985 verkocht. Op dat moment is vrijwel al het land rond de boerderij gewijzigd in woongebied en het gebouw heeft vanaf dat moment alleen nog een woonfunctie. Hiervoor wordt het gebouw in 1987 ingrijpend verbouwd. Het voormalige bedrijfsgedeelte wordt opgedeeld in een aantal woonvertrekken. Achter de voormalige deeldeuren wordt een garage ingericht. Het interieur van het woongedeelte wordt bij de verbouwing aangepast aan de smaak van dat moment. Zo wordt onder meer de oude heerd voor een groot deel gesloopt en vervangen door een doorgang in schoon metselwerk. Het exterieur van de boerderij wordt bij de verbouwing in 1987 ook ingrijpend aangepast. Het laat 19e eeuwse uiterlijk van het woongedeelte wordt historiserend omgevormd tot een 18e eeuws uiterlijk. <p> Aanbevelingen <p> Met deze opgraving is de wetenschappelijke informatie ex situ bewaard, zodat verder archeologisch veldonderzoek niet meer aan de orde is. Daarmee heeft OMEGA projectconsult bv aan haar archeologische verplichting voldaan. Er zijn dan ook geen belemmeringen voor de geplande planvorming. De gemeente Eindhoven kan de wetenschappelijke informatie van het onderzoek ook gebruiken om de archeologische verwachtingskaart van de gemeente bij te stellen. <p> De resultaten van het archeologisch en bouwhistorisch onderzoek kunnen tenslotte ook worden gebruikt als inspiratiebron. Het onderzoek aan de Kronehoef heeft veel informatie opgeleverd, die zowel OMEGA projectconsult bv als de gemeente Eindhoven op verschillende manieren kan benutten. <p> Er zijn verschillende manieren die kunnen helpen bij de ontsluiting van de verborgen en eventueel de verdwenen archeologische en bouwhistorische resten, met name de Kronehoef en de Wijntgraaf / Kronehoefloop. De omgevingsruimte is (te) beperkt om de exacte ligging van deze elementen in het landschap opnieuw zichtbaar te maken, bijvoorbeeld door deze te accentueren door middel van een sloot of beplanting. Er kan echter ook gebruik worden gemaakt van informatieborden, oude afbeeldingen, schilderijen en historische foto’s van de Kronehoef en dit deel van Woensel/Eindhoven, zoals de kaart van Jacob van Deventer uit 1560, de kadastrale minuutplannen en historische kaarten vanaf de vroege 19e eeuw, alsook de archeologische en bouwhistorische (ontwikkelings)reconstructies van de Kronehoef en het plangebied. Meestal wordt bij een reconstructie uitgegaan van een bepaald thema, bijvoorbeeld het goed Ten Gruythuze, de Grote Prinsehoeve, en de relatie tussen de gebouwen en de heren van Eindhoven en de Van Oranjes. Wellicht is een ruimte of vertrek in de nieuwbouw een geschikte plek voor een kleine, tijdelijke tentoonstelling over de opgraving. Het geheel zou begeleid kunnen worden door een kleine folder over de geschiedenis van de Kronehoef.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-11-28
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务