five

IVO-P De Diepeling Zuid Plangebied De Diepeling te Tienray, gemeente Horst aan de Maas. Een Inventariserend Veldonderzoek door middel van proefsleuven

收藏
DataCite Commons2026-04-28 更新2026-05-03 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/HQZ8XH
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Van 27 tot en met 31 maart 2023 is door Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie een archeologisch onderzoek uitgevoerd in de nabijheid van de groeve De Diepeling langs de Reijnbroeckerweg. Vanaf 1979 bezit Teunesen Zand en Grint B.V. een ontgrondingsvergunning voor de exploitatie van de groeve De Diepeling aan de Reijnbroeckerweg te Tienray, gemeente Horst aan de Maas. Teunesen Zand en Grint b.v. is voornemens deze ontgrondingslocaties uit te breiden. Hiervoor dient het bestemmingsplan te worden gewijzigd en dient op basis van de Ontgrondingenwet een ontgrondingsvergunning te worden aangevraagd bij de provincie Limburg. Het onderzoek betrof een proefsleuvenonderzoek bestaande uit 18 proefsleuven en 12 profielputjes. Dit onderzoek volgt op een serie van onderzoeken middels bureaustudies en inventariserende veldonderzoeken door middel van boringen (verkennend en karterend) en proefsleuven in de afgelopen jaren. Dit heeft geresulteerd in onderhavige onderzoek dat zich toespitst op twee akkers ter weerszijde van de Reijnbroeckerweg. Tijdens het onderzoek zijn 229 spoornummers verdeeld onder zeven verschillende spoorcategorieën. De grootste sporen clusters bevonden zich ten zuidwesten van de Reijnbroeckerweg in onder andere de werkputten 10, 13 en 18. De grootste spoorcategorie betrof paalkuilen. De paalkuilen zullen onderdeel geweest zijn van meerdere structuren maar de structuren konden niet herkend worden. Het vondstmateriaal betrof gruis en enkele grotere fragmenten handgevormd aardewerk, stenen, waaronder vermoedelijk twee kookstenen en twee fragmenten vuursteen. Het gruis van het handgevormde aardewerk kon niet nader worden gedateerd en heeft een globale prehistorische datering. De enkele grotere fragmenten dateren echter uit de Late Bronstijd/Vroege IJzertijd of IJzertijd; er lijkt een mogelijkheid op de aanwezigheid van materiaal uit het Laat-Neolithicum maar deze is zeer spaarzaam. De natuurstenen, waaronder de vermoedelijke kookstenen, duiden op een datering uit de Late Bronstijd / Vroege IJzertijd. Het vuursteen kon niet nader dan prehistorisch gedateerd worden. Ten noordoosten van de Reijnbroeckerweg zijn weinig sporen aangetroffen in de proefsleuven. Dit komt vermoedelijk doordat dit gedeelte lager ligt ten opzichte van het gebied ten zuidwesten. Binnen dit gebied zijn nattere condities geconstateerd, wat de verwachting van een vindplaats op deze locatie verlaagd heeft. Op basis van de uitkomsten van het proefsleuvenonderzoek concludeert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie voor het plangebied de Diepeling te Tienray, gemeente Horst aan de Maas, dat binnen het gebied ten noordoosten van de Reijnbroeckerweg geen behoudenswaardige archeologische vindplaats hoeft te worden verwacht en dat dit deel van het plangebied kan worden vrijgegeven voor nadere ontwikkeling. Het gebied ten zuidwesten van de Reijnbroeckerweg bevat een behoudenswaardige vindplaats en daarvoor adviseert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie dat het bewaard moet worden in situ. Indien behoud in situ niet tot de mogelijkheden behoort, zal de vindplaats middels een opgraving nader moeten worden gedocumenteerd om zo de informatie ex situ te behouden. Het is aan het bevoegd gezag, de provincie Limburg in het kader van de ontgrondingvergunning en gemeente Horst aan de Maas in het kader van de Ruimtelijke Ordening, een besluit te nemen ten aanzien van de Archeologische Monumentenzorg en het daarin te volgen onderzoeksproces. Ook wanneer het bevoegd gezag besluit het plangebied vrij te gegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst) aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische 'toevalsvondst' wordt gedaan. Het is dan ook wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, gemeente Horst aan de Maas, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.</p>
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2026-04-28
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务