Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek – verkennende fase Jodocus Heeringastraat 7te Gorredijk, gemeente Opsterland (FR) Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek – verkennende fase Jodocus Heeringastraat 7te Gorredijk, gemeente Opsterland (FR)
收藏DANS Data Station Archaeology2021-12-31 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZN9-68UM
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Laagland Archeologie heeft in maart 2021 een Archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor een terrein aan de Jodocus Heeringastraat 7 (voormalige locatie van De Vries Kozijnen) te Gorredijk. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de herontwikkeling van dit terrein. Op basis van de resultaten van dit onderzoek is vervolgens in april 2021 een verkennend booronderzoek uitgevoerd.<br>Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.<br>Het plangebied ligt in het Friese veengebied. Op basis van paleogeografische kaarten kan worden vastgesteld dat een veenpakket is ontstaan tussen 3850 en 1500 voor Chr. Onder dit veenpakket bevindt zich een pakket dekzand, waarin zich een veldpodzol heeft ontwikkeld. Deze podzolgronden ontwikkelden zich in relatief vochtige omstandigheden.<br>In de omgeving van het plangebied zijn diverse archeologische onderzoeken uitgevoerd. Bij de meeste onderzoeken is een verstoord bodemprofiel aangetroffen. In twee gevallen is een (deels) intact bodemprofiel aangetroffen waarin zich een podzol heeft ontwikkeld. Tijdens de booronderzoeken zijn geen archeologische vindplaatsen aangetroffen. Direct ten noordwesten van het plangebied bevindt zich een AMK-terrein; dit betreft de dorpskern van Gorredijk. Dit dorp is rond 1630 ontstaan bij veenontginning in het gebied. Het is daarom waarschijnlijk dat de locatie van het plangebied ook in de 17e eeuw is ontgonnen. Op basis van de bodemkundige en historische gegevens kan worden geconcludeerd dat er een lage verwachting geldt voor archeologische resten uit de periode Paleolithicum – Bronstijd, een lage verwachting voor archeologische resten uit de IJzertijd -Middeleeuwen. Voor de Nieuwe tijd geldt een hoge verwachting.<br>Binnen het plangebied heeft een fabriek gestaan. Bouw- en sloopwerkzaamheden hebben waarschijnlijk verstoringen met zich meegebracht. Op basis van milieukundige boringen kan de mate van verstoring niet in kaart worden gebracht. Aansluitend op het bureauonderzoek is daarom een verkennend booronderzoek uitgevoerd. In de meeste boringen is daarbij een AC-profiel aangetroffen, waarbij de dikte van het verstoorde pakket ongeveer 90 cm bedraagt. Sporadisch is onder het verstoorde pakket een (deels) intacte dekzandtop aangetroffen. In het meest oostelijke deel van het plangebied is sprake van een clustering van intact dekzand met sporen van bodemvorming. De verstoorde laag is hier aanzienlijk dunner en de dekzandtop ligt hier – in m NAP – waarschijnlijk wat hoger dan elders in het plangebied. Dit deel van het plangebied kan gezien worden als de voet van een grotere dekzandopduiking buiten het plangebied. De aangetroffen B-horizonten zijn alle onder natte omstandigheden gevormd. Bewoning van dit gebied ligt daarom niet voor de hand en op basis van het grotendeels verstoorde bodemprofiel nabij de oude historische kern van Gorredijk kunnen hooguit diepere grondsporen uit de Nieuwe Tijd bewaard zijn gebleven. Dergelijke grondsporen zijn vanuit archeologisch standpunt meestal niet waardevol. We adviseren daarom geen nader archeologisch onderzoek uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor wat betreft het aspect archeologie.<br>De implementatie van dit advies is in handen van de bevoegde overheid, de gemeente Opsterland. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, mevr. J. van Leeuwen.<br>Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.4) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
Laagland Archeologie VOF
创建时间:
2022-01-01



