Transect-rapport 2791: Een Archeologisch Bureaonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase. Utrecht, Deken Roesstraat 13. Gemeente Utrecht (UT).
收藏DANS Data Station Archaeology2020-09-20 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z5U-K6EC
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In mei en juni 2020 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Deken Roesstraat 13 in Utrecht (gemeente Utrecht). De aanleiding voor het onderzoek vormt de aanvraag van een omgevingsvergunning, die de verbouwing van het klooster op dit adres tot 15 appartementen mogelijk moet maken en het overschrijden van de vrijstellingsgrens van de zone met hoge archeologische waarde op de archeologische waardenkaart. </p><p>• Uit het archeologisch bureauonderzoek blijkt dat het plangebied op grond van de gemeentelijke archeologische waardenkaart in een terrein van hoge waarde. Deze waarde is hoofdzakelijk gebaseerd op de ligging van het plangebied in het oude vroeg-19e eeuwse kerkhof Buiten Wittevrouwe. De begraafplaats is in 1818-1875 in gebruik geweest en later geruimd ten behoeve van de bouw van onder meer het huidige kloostercomplex in het plangebied. Het grondgebruik als begraafplaats maakt de kans groot dat in het plangebied resten van geruimde graven (knekelkuilen), menselijk bot of niet-geruimde graven aanwezig zijn. Ook kunnen restanten van vroegere inrichting aanwezig zijn. Over dit laatste bestaat namelijk geen informatie.<br>• Ook blijkt dat voor het plangebied een archeologische verwachting geldt op de aanwezigheid van resten uit de periode Bronstijd-Late Middeleeuwen. In het plangebied zijn namelijk oever- en beddingafzettingen te verwachten van de Oud-Aa stroomrug, een voorganger van de rivier de Vecht. De top van de oeverafzettingen, die naar verwachting vlak onder het maaiveld kunnen liggen, waren in principe geschikt voor bewoning sinds het ontstaan van de rivier (in de Bronstijd).<br>• De mogelijkheid bestaat dat eventueel aanwezige archeologische waarden verstoord zijn geraakt tijdens de nieuwbouw en het ruimen van het kerkhof. In hoeverre hiermee alle resten (waaronder die van de begraafplaats) verdwenen zullen zijn, is onbekend. Daarom is in aanvulling op het bureauonderzoek verkennend booronderzoek uitgevoerd.<br>• Op grond van de resultaten van het veldonderzoek is vastgesteld dat in de tuin, grenzend aan de veranda, de archeologische verwachting hoog is. Vanaf een diepte van 130-140 cm -Mv is sprake van een homogene bruine zandlaag, waarin resten bot zijn waargenomen (1,8-1,9 m NAP). Deze zandlaag is zeer waarschijnlijk opgebracht ten behoeve van de aanleg van het kerkhof Buiten Wittevrouwe. Begraving moet namelijk boven grondwater plaatsvinden, in droge zandgrond om een voldoende rottingsproces op te kunnen laten treden. De vondst van bot vormt tevens een aanwijzing dat het kerkhof mogelijk niet volledig geruimd is (of minder nauwkeurig dan verondersteld). Het is zodoende niet uitgesloten dat in deze laag meer botresten of zelfs resterende begravingen uit de Nieuwe tijd aanwezig zullen zijn. Voor de overige perioden is de verwachting naar laag bij te stellen. Aan de basis van het zandig ophogingspakket liggen omgewerkte oeverafzettingen van de Oud-Aa stroomrug. Deze omwerking moet voor de aanleg van de begraafplaats hebben plaatsgevonden. Aangezien baksteenresten in de omgewerkte oeverafzettingen tot bijna in de beddingafzettingen aanwezig zijn, wordt aangenomen dat deze toen volledig zijn verstoord. De verwachting dat hiermee nog intacte archeologische resten uit de periode Bronstijd-Late Middeleeuwen aanwezig zullen zijn, is hiermee laag.<br>• Voor de te verdiepen kelder en de te realiseren onderdoorgang is de verwachting voor alle perioden in zijn geheel naar beneden bij te stellen. Voor deze gebieden is immers vastgesteld dat er ten behoeve van de aanleg van het gebouw verstoringen tot in de rivierbeddingafzettingen hebben plaatsgevonden. Alle archeologisch relevante lagen (oeverafzettingen, grafgrond) zijn hierbij verdwenen. In deelgebied Kelder is onder de vloer alleen sprake van “verstofd” zand op rivierbeddingafzettingen, in deelgebied Onderdoorgang is uitsluitend sprake van een rommelig, siltig/kleiig, sterk puinhoudend ophoogpakket. Op grond van het voorkomen van grote hoeveelheden bouwpuin is het niet waarschijnlijk dat de laag met ophoging ten behoeve van een oude begraafplaats samenhangt.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2020-08-22



