Archeologisch vooronderzoek in het kader van de geplande ontwikkeling van De Esch IV in Staphorst, gemeente Staphorst.
收藏DANS Data Station Archaeology2019-12-04 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZM2-XUV9
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft een archeologisch vooronderzoek door middel van een bureauonderzoek uitgevoerd voor een plangebied te Staphorst, gemeente Staphorst (afbeelding 1, Kaart 1). Binnen het plangebied is een bestemmingsplanwijziging gepland t.b.v. de uitbreinding van bedrijventerrein De Esch. Het gaat om een terrein van 17,1 hectare dat momenteel grotendeels als grasland in gebruik is. Het is op dit moment niet bekend wat de exacte geplande ontwikkeling en vergravingsdiepte zal zijn. Uit het bureauonderzoek (Vestigia-rapport V1765) blijkt dat een inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) dient te worden uitgevoerd om het archeologisch verwachtingsmodel te toetsen. Ondanks de overwegend lage verwachting binnen het plangebied is dit noodzakelijk gezien de omvang van de ingrepen.</p><p>Het inventariserend veldonderzoek door middel van boringen heeft tot doel om de gespecificeerde archeologische verwachting op basis van de resultaten van het bureauonderzoek in het veld te toetsen. Het booronderzoek heeft tevens tot doel vast te stellen of een intact bodemprofiel aanwezig is binnen het plangebied, om te toetsen of er mogelijk toch kleinere landschapselementen aanwezig met een hogere archeologische verwachting, of dat er sprake is van verstoring dan wel erosie, met het oog op de eventuele aanwezigheid van een archeologische vindplaats.</p><p>Tijdens het veldonderzoek zijn in totaal 83 boringen gezet tot een diepte van maximaal 1,25 meter beneden maaiveld. In alle boringen is verspoeld dekzand aangetroffen. Er zijn geen dekzandruggen aangetroffen. Door de afwezigheid van dekzandruggen heeft het plangebied een lage archeologische verwachting. Het was vrij snel te nat voor permanente bewoning. Tijdens en na het Neolithicum is veengroei ontstaan binnen het plangebied. In de periode voor het Neolithicum heeft een podzolbodem zich echter kunnen ontwikkelen. Resten uit vroegere periodes (Paleolithicum en Mesolithicum) zouden zich op de oorspronkelijke bodem kunnen hebben bevonden. De top van de oorspronkelijke bodem is echter meegenomen in de bouwvoor. Gezien de geringe diepte waarop pre-neolithisch vondmateriaal kan worden aangetroffen is dit zeer waarschijnlijk verploegd in de bouwvoor.</p><p>De resultaten van het onderzoek bevestigen dat de archeologische verwachting voor het plangebied ‘laag’ is en adviseert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie dan ook geen vervolgstappen in het kader van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ).</p><p>Tenslotte kan worden opgemerkt dat bij elk eventueel grondverzet de kans bestaat dat een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan. Het is daarom wenselijk de uitvoerder van dit grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Staphorst en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.</p>
创建时间:
2019-07-10



