Plangebied de Mendert te Neer, gemeente Leudal. Archeologisch vooronderzoek: een karterend veldonderzoek
收藏DANS Data Station Archaeology2007-04-02 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-26C-39YS
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Voor plangebied de Mendert gold op basis van het reeds uitgevoerde bureauonderzoek voorafgaand aan het veldwerk een middelhoge archeologische verwachting voor vindplaatsen uit de Prehistorie en Middeleeuwen. Tijdens het karterend archeologisch vooronderzoek is in het plangebied een hoge enkeerdgrond aangetroffen, die gezien de bruine kleur van het esdek wordt geclassificeerd als een bruine enkeerdgrond. Onder het esdek bevindt zich veelal een BC-horizont overgaand in de C-horizont. Lokaal is de bodem verstoord en in het uiterste noordoosten is het gebied deels afgegraven, naar verluidt ten behoeve van de plaggen voor in de schapenstal. Het mengsel uit de stal werd later ter bemesting op de akkers gebracht. In het plangebied zijn verspreid over het oppervlak en in het esdek fragmenten aardewerk en bouwpuin uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd aangetroffen. Waarschijnlijk betreft het afval dat tijdens de bemesting samen met de plaggen op de akkers terecht is gekomen. Het middeleeuwse aardewerk vormt een aanwijzing dat het gebied al vanaf die periode landbouwkundig in gebruik is. Verspreid over het plangebied is aardewerk uit de Prehistorie (o.a. Midden Bronstijd) aangetroffen. Deze archeologische indicatoren bevonden zich aan de basis van het esdek en de overgang naar de onderliggende BC-horizont. Deze resultaten doen in het plangebied een nederzettingsterrein uit de Prehistorie vermoeden. De precieze begrenzing hiervan kan op basis van de resultaten van onderhavig onderzoek niet worden vastgesteld. Het prehistorische landbouwsysteem gebruikte een relatief groot landbouwareaal, waarbij regelmatig nieuwe akkers werden aangelegd (met achterlating van uitgeputte akkers). De nederzettingen verhuisden mee naar het nieuwe akkerareaal, waardoor wel wordt gesproken van de zogenaamde ‘zwervende erven’. Uit het resultaten van onderhavig onderzoek is gebleken dat de BCen Chorizont door de bufferende werking van het esdek beschermd zijn gebleven tegen diepe grondbewerking. Dit is een goede voorwaarde voor het aantreffen van archeologische grondsporen. Het is echter niet uit te sluiten dat ten gevolge van de hoge biologische activiteit en verbruining in de bodem, de grondsporen vervaagd zijn. Aanbevelingen Uitvoering van de geplande werkzaamheden in plangebied de Mendert, waarbij het gebied tot 3 m -Mv wordt afgegraven, zal leiden tot de vernietiging van de archeologische resten. Op grond van de resultaten van het karterend booronderzoek wordt derhalve aanbevolen de kwaliteit (gaafheid en conservering), aard, datering, omvang en exacte diepteligging nader vast te stellen door middel van een vervolgonderzoek. Het uiterste noordoosten van het plangebied is reeds afgegraven en daarmee zijn de archeologische resten hier waarschijnlijk reeds verdwenen. Dit deel kan zodoende uitgesloten worden van vervolgonderzoek. Het wordt aanbevolen het vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een waarderend proefsleuvenonderzoek. Op basis van de resultaten van het proefsleuvenonderzoek dient het bevoegd gezag een beslissing te kunnen nemen over het vervolgtraject. Hierbij bestaan drie mogelijke uitkomsten: Het plangebied is niet archeologisch waardevol: geen verdere restricties voor planuitvoering. Het plangebied is archeologisch waardevol: bescherming ex situ, de archeologische resten worden opgegraven. Het plangebied is archeologisch waardevol: bescherming in situ, de archeologische resten worden beschermd. (Gezien de aard van de geplande werkzaamheden is deze optie niet waarschijnlijk). Voorafgaand aan het archeologisch vervolgonderzoek dient een Programma van Eisen (PvE) te worden opgesteld. Hierin worden de archeologische eisen omschreven waaraan het onderzoek dient te voldoen.</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2007-04-03



