five

Archeologisch bureau- en booronderzoek Sinnebuorren te Joure, gemeente De Friese Meren (FR)

收藏
DANS Data Station Archaeology2014-09-03 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z2Q-ZNHG
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Aanleiding tot het hier beschreven archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek zijn de plannen van gemeente De Friese Meren voor de herinrichting van het plangebied aan de Sinnebuorren te Joure. Omdat deze plannen met bodemverstorende ingrepen gepaard gaan, is een archeologisch vooronderzoek noodzakelijk. De geplande verstoringsdiepte is 1 m-mv.</p><p>Op basis van het bureauonderzoek wordt uitgegaan van een ligging van het plangebied op de rand van een dekzandrug met een dekzandvlakte. Verwacht wordt het voorkomen van laarpodzolgronden of koopveengronden binnen het plangebied. Ook is er mogelijk een oud landbouwdek aanwezig.</p><p>In het 1,2 ha grote onderzoeksgebied zijn zeven boringen gezet. Twee hiervan zijn overgezet met een megaboor wegens de aanwezigheid van archeologisch relevante lagen. Dit zijn boring 1 en 2. De relevante archeologische lagen zijn bemonsterd, gezeefd en doorzocht op archeologische indicatoren.</p><p>Op het terrein is een in de 20e eeuw opgebrachte, recente laag of bouwvoor aanwezig. In boring 1 en 5 is hieronder een veenpakket aangetroffen, waarvan in de veraarde top roodbakkend aardewerk uit de nieuwe tijd voorkomt. De vondsten hangen waarschijnlijk samen met agrarische activiteiten in de periode 1700 tot 1900. Op bestudeerde historische kaarten wordt de locatie aangegeven als akker- of weiland. Waarschijnlijk is het vondstmateriaal afkomstig uit huisafval dat werd uitgereden over de akkers ter bemesting. Onder het veen is de top van het dekzand verspoeld en toont geen sporen van bodemvorming.</p><p>In boring 2 is een circa 10 cm dik restant van een podzol B-horizont aanwezig (90 cm-mv) en in boring 6 een dun restant van een podzol BC-horizont (50 cm-mv). Het verschil in hoogte van het dekzand wijst erop dat in boring 2 de helling van een verdwenen zandkopje is aangeboord (boring 6). Van de zandkop is alleen de circa 10 cm dikke BC-horizont bewaard gebleven. In de overige boringen komt geen podzolprofiel voor in het dekzand. In boring 2 en 7 is tevens aan de top van het dekzand te zien dat deze is verspoeld. In boring 3, 4 en 7 ligt het 20e-eeuwse ophogingspakket direct op het ongepodzoleerde dekzand C-horizont. Hier werden sporen verwacht van de panden uit de nieuwe tijd die op de historische kaart staan aangegeven. De top van het dekzand is niet meer aanwezig en de eventueel ooit aanwezige podzol is hier dan ook verdwenen. Er werden geen archeologische indicatoren gevonden in het dekzand.</p><p>Er is door MUG Ingenieursbureau, afdeling Milieu, ook een booronderzoek uitgevoerd binnen het plangebied. Er werd een veel dichter boorgrid gehanteerd en 53 boringen tussen de 50 en 200 cm-mv gezet. Ondanks het feit dat bij dit onderzoek het voorkomen van archeologische resten geen uitgangspunt was kan een aantal resultaten worden gebruikt. Uit het milieukundig onderzoek blijkt dat het opgebrachte pakket en het onderliggende veenpakket sterk in dikte fluctueren. De top van het veen ligt in de archeologische boringen op 50-60 cm-mv. In de milieukundige boringen ligt deze top tussen de 80 en 110 cm-mv. Hieruit is af te leiden dat de top van het veen grotendeels verstoord zal zijn. Daarnaast blijkt dat ten zuiden van boring 6 tijdens het milieukundig onderzoek ook het veenpakket is aangeboord. Hieruit is af te leiden dat de verdwenen zandkop in het dekzand een zeer beperkte omvang had. Tenslotte zijn in de milieuboringen resten van modern puin, glas, plastic en kolen gevonden in ieder geval de eerste 80 cm-mv en in zeker achttien boringen verspreid over het terrein.</p><p>Op basis van de bovenstaande onderzoeksresultaten is de verwachting dat de bodem in een groot deel van de zuidzijde van het terrein is verstoord tot in de C-horizont van het dekzand. De verstoorde toplaag is waarschijnlijk na de sloop van de huizen in de westhoek van het plangebied opgebracht. Het restant van de podzolvorming in het dekzand heeft een zeer beperkte omvang en is, daar waar aangetroffen, slechts matig bewaard gebleven. De veraarde top in het veen komt beperkt voor op het noordelijke deel van het plangebied en bevat twee losse vondsten van roodbakkend, tweezijdig geglazuurd keramiek, daterend uit de nieuwe tijd. Deze vondsten zijn waarschijnlijk afkomstig uit uitgereden huisafval of hebben te maken met het dempen van de sloten. De vondsten vormen geen directe indicator voor bewoningssporen.</p><p>Omdat er geen prehistorische sporen en vondsten zijn gevonden of worden verwacht in het dekzand en geen andere sporen dan een beperkt bewaarde akkerlaag uit de nieuwe tijd in de top van het veen, wordt geadviseerd geen vervolgonderzoek uit te voeren.</p>
创建时间:
2014-09-04
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务