five

Transect-rapport 2031: Een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase. Tobbert 2, Barchem. Gemeente Lochem (GD).

收藏
DANS Data Station Archaeology2019-01-17 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z7F-XZU4
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In januari 2019 is een archeologisch bureauonderzoek (BO) en Inventariserend veldonderzoek (IVO), verkennende fase, uitgevoerd op de locatie Tobbert 2 te Barchem (gemeente Lochem; figuur 1). De aanleiding voor het onderzoek is de bouw van een nieuwe paardenrijhal.</p><p>Het perceel heeft een oppervlakte van circa 1606 m2. Op basis van de dubbelbestemming “Waarde Archeologie 5 en 6” is voor het bouwplan een archeologisch vooronderzoek vereist (vrijstellingsgrens 500 m2, respectievelijk 1000 m2).</p><p>Het archeologisch vooronderzoek heeft tot doel om op basis van een bureauonderzoek de archeologische verwachting van het plangebied te specificeren en vervolgens deze te toetsen door middel van een verkennend archeologisch booronderzoek. Op basis hiervan bepaalt de gemeente of archeologische vervolgmaatregelen moeten worden genomen, dan wel dat het onderzoek volstaat (bijv. in het geval er sprake is van een lage archeologische verwachting).</p><p>Uit het uitgevoerde bureauonderzoek en verkennend booronderzoek blijkt dat het plangebied in principe een hoge verwachting heeft op archeologische resten uit de periode van de steentijd tot en met de Middeleeuwen. Gezien het ontbreken van bebouwing en andere relevante structuren op historische kaarten heeft het plangebied een lage verwachting op archeologische resten uit de nieuwe tijd. In de omgeving van het plangebied zijn resten van ijzerwinning gevonden, die deels in de 12e eeuw worden gedateerd. Ook zijn in de omgeving van het plangebied archeologische resten gevonden die samenhangen met middeleeuwse bewoning. Op grond van de landschappelijke ligging op de rand van een (gordel)dekzandrug naar een vlakte van verspoelde dekzanden moet in het plangebied echter vooral rekening worden gehouden met archeologische resten uit de steentijd, bronstijd en ijzertijd.</p><p>Uit het booronderzoek blijkt echter dat het dekzand, dat in het plangebied tussen 60 en 75 cm onder het huidige maaiveld ligt, grotendeels tot in de C-horizont is geroerd (slechts in een boring is nog een B-horizont aanwezig). Hiermee vervalt grotendeels de verwachting op intacte vondstconcentraties en archeologische lagen. Wel blijft er een kans bestaan op grondsporen. Er zijn in de boringen geen archeologische vondsten gedaan, hoewel dit ook niet het doel was van het onderzoek (het booronderzoek had een verkennend karakter). Daarentegen ontbreken ook secundaire archeologische indicatoren in de boringen, zoals houtskool en fosfaat. </p><p>Daarnaast blijkt uit de venige basis van het oud bouwlanddek, dat het plangebied relatief laag gelegen is ten opzichte van het oostelijke dekzandgebied. Dit blijkt ook uit de bodemclassificaties (laarpodzolen en gooreerdgronden) en historische kaarten, waarop het plangebied in een moeraszone is gesitueerd.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2019-01-18
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务