five

Bureauonderzoek en Verkennend Booronderzoek Archeologie Plangebied Holwierderweg naast nr. 26, kavel Bierum, sectie N perceel 488 te Krewerd, gemeente Eemsdelta

收藏
DataCite Commons2026-04-20 更新2026-04-25 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/QZB8U4
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
amaland Advies heeft in opdracht van Bouwderij BV een archeologisch bureauonderzoek en verkennend booronderzoek uitgevoerd ten behoeve van de bouw van vakantiebungalows (tijdelijke voorzieningen voor NCG) in het plangebied Holwiederweg naast nr. 26, kavel Bierum, sectie N perceel 488 te Krewerd, gemeente Eemsdelta (zie Afbeelding 1). De oppervlakte van het plangebied bedraagt circa 2.979 m². De toekomstige verstoringsdiepte van de verschillende grondwerkzaamheden voor aanleg van de vakantiebungalows zal naar verwachting minstens 40 cm-mv bedragen en maximaal 100 cm-mv. Op 1 januari 2021 zijn de gemeente Appingedam, Delfzijl en Loppersum samengegaan in de gemeente Eemsdelta. Vanuit de gemeente Delfzijl is in 2015 voor het plangebied een dubbelbestemming Archeologie Waarde 4 vastgesteld. Dit houdt in dat bij bodemingrepen dieper dan 0,45 m-mv niet mag worden gebouwd, tenzij de bouwwerken een bestaand bouwwerk vervangen en niet meer wordt uitgebreid dan 200 m² of het bouwwerk kleiner is dan 200 m² en ten behoeve is van andere voor deze gronden geldende bestemmingen. Het beleid in deze zone is dat bij bodemingrepen die deze grenzen overschrijden inventariserend archeologisch onderzoek conform de KNA noodzakelijk is. Omdat de beoogde bodemingrepen de vrijstellingsgrenzen overschrijden, is archeologisch onderzoek noodzakelijk. Het uitgevoerde archeologisch onderzoek bestaat uit een bureauonderzoek conform SIKB BRL 4002. Op basis van het bureauonderzoek is een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel opgesteld dat vervolgens is getoetst door een inventariserend veldonderzoek middels verkennende boringen (conform KNA 4.1 BRL SIKB protocol 4003). Conclusie bureauonderzoek Op grond van de bekende geologische, landschappelijke, aardkundige, archeologische en historische gegevens in en rond het plangebied kan de archeologische verwachting worden bepaald. Het plangebied ligt ten zuidoosten van de historische wierde van Krewerd. Op de geomorfologische kaart is het plangebied gekarteerd als een vlakte van getij-afzettingen. Op de bodemkaart is het plangebied gekarteerd als een knippige poldervaaggrond in zware zavel profielverloop 5 (gMn25C) en voor een klein deel als een knippige poldervaaggrond in klei (gMn85C). Op basis van de geologische boring in het plangebied ligt de C-horizont relatief dicht aan het oppervlak, op 40 cm-mv. De historische wierde van Krewerd heeft een datering van ongeveer het begin van onze jaartelling en kent sporen uit de Late Middeleeuwen tot de Nieuwe Tijd. Het plangebied ligt niet op deze wierde, maar ten zuidoosten hiervan. Om deze reden heeft het plangebied een middelhoge verwachting gekregen voor de periode Late Middeleeuwen tot Nieuwe Tijd. Bewoning in de omgeving van het plangebied zal door het regelmatige overstromingsgevaar eerder op de hoger gelegen wierde hebben plaatsgevonden. Pas na de bedijking zal bewoning ook op lagere delen in het landschap hebben plaatsgevonden. Het plangebied is volgens het kadastrale minuutplan van 1811-1832 eigendom van de pastorie van Krewerd en in gebruik als weiland. Later is het plangebied voornamelijk gebruikt als agrarisch land. De agrarische activiteiten zullen ongetwijfeld tot verstoringen in de bodem hebben geleid, maar hoe diep deze verstoringen gaan is op voorhand niet duidelijk. Het plangebied is vanaf het minuutplan weinig verandert en nooit bebouwd tot op heden. Daarnaast heeft in het noorden van het plangebied een klein stukje van de historische weg tussen Krewerd en Holwierda gelegen, resten hiervan kunnen in het plangebied worden aangetroffen. Indien er archeologische vindplaatsen aanwezig zijn in het plangebied, dan kunnen deze direct onder de huidige bouwvoor en tot of in de top van de C-horizont worden aangetroffen, mits de bodem nog intact is. De top van de C-horizont ligt op basis van geologisch omgeving onderzoek op circa 40 cm-mv. Organische resten en bot zullen door de nattere bodemomstandigheden matig tot goed zijn geconserveerd. Andere typen indicatoren zoals aardewerk en houtskool zijn waarschijnlijk eveneens matig tot goed geconserveerd. Booronderzoek De maximale boordiepte bedroeg tijdens het onderzoek 290 cm-mv (boring 5). De overige boringen zijn tot 200 of 220 cm-mv doorgezet. In alle boringen is onder de bouwvoor sprake van een pakket matig gerijpte, kalkloze klei. De top hiervan ligt op minimaal 60 cm-mv in boring 1, 2 en 3 en op maximaal 80 cm-mv in boring 5. Dit kleipakket, met een dikte variërend tussen 90 en 110 centimeter is geïnterpreteerd als jonge zeeklei van de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren. Middels een geleidelijke overgang is vanaf minimaal 150 cm-mv (boring 1) en maximaal 175 cm-mv (boring 4) sprake van een pakket ongerijpte klei met iets lemige brokjes. Ook deze afzettingen zijn als jonge zeeklei geïnterpreteerd. De dikte van het pakket kan alleen in boring 5 vastgesteld worden, namelijk op 55 centimeter. In de overige boringen betreft dit pakket de basis van het boorprofiel. In boring 5 ligt geleidelijk onder de jonge zeeklei tussen 225 en 268 cm-mv een pakket getijdeafzettingen. Deze manifesteren zich als kalkrijke, ongerijpte, iets zandige klei met dunne zandlensjes. Ook deze afzettingen behoren tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren. Hieronder is tot het einde van de boring op 290 cm-mv middels een geleidelijke overgang wederom sprake van jonge zeeklei. Dit onderste pakket betreft kalkrijke, vette, ongerijpte klei. Binnen de maximale boordiepte is geen Hollandveen (Formatie van Nieuwkoop) aangetroffen. Zodoende zijn alle afzettingen als het Laagpakket van Walcheren (Formatie van Nieuwkoop) geclassificeerd en ontbreken afzettingen van het Laagpakket van Wormer (Formatie van Nieuwkoop), die alleen onder Hollandveen voorkomen1. Selectieadvies Op basis van de resultaten van het booronderzoek acht Hamaland Advies vervolgonderzoek niet noodzakelijk. Er zijn geen indicaties voor menselijke bewoning of kansrijke archeologische niveaus aangetroffen. Het plangebied ligt buiten de wierde van Krewerd. De kans dat met de geplande ontwikkelingen archeologische waarden verloren gaan, wordt gering geacht. Selectiebesluit De resultaten van het onderzoek zijn op 2 juni 2023 namens gemeente Eemsdelta door Libau getoetst. Behoudens enkele opmerkingen die verwerkt zijn in deze definitieve rapportage, gaat het bevoegd gezag akkoord met het selectieadvies. Vervolgonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht2. Voorbehoud Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: ‘Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister’. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Vanuit praktisch oogpunt verdient het aanbeveling ook de verantwoordelijke beleidsadviseur van de gemeente Eemsdelta, dhr. D. van Ommeren, hiervan per direct in kennis te stellen. 1 Hollandveen kan verslagen zijn door latere inbraken vanuit zee. Plaatselijk is het veen verdwenen door vertering (erosie). 2 Schriftelijke beoordeling door Libau via e-mail van dhr. M. Bos van gem. Eemsdelta, d.d. 02-06-2023.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2026-04-20
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务