Archeologisch onderzoek veldvervangingen AIS 110kv-150kV te Raalte, gemeente Raalte
收藏DataCite Commons2025-01-20 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/WNB4NY
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In opdracht van TenneT BSO B.V. heeft Sweco Nederland B.V. een archeologisch inventariserend veldonderzoek karterende fase uitgevoerd naar de locatie Westdorplaan 130 te Raalte, gemeente Raalte. De aanleiding voor het archeologisch onderzoek is de voorgenomen veldvervanging van het aanwezige trafostation. Hierbij worden graafwerkzaamheden uitgevoerd die de eventueel aanwezige archeologische waarden kunnen verstoren. Vanwege de gunstige droge en hoge ligging op een dekzandrug is het plangebied sinds de prehistorie aantrekkelijk geweest voor menselijke bewoningen en/of activiteit. Er is in de directe omgeving van het plangebied weinig archeologisch onderzoek uitgevoerd. In de wijdere omgeving zijn archeologische waarden aangetroffen daterend van de Steentijd tot de Nieuwe Tijd. De bouw van het rond 1965 aangelegde trafostation zal vermoedelijk enige bodemverstoring met zich mee hebben gebracht. Deze verstoring kan tot een diepte van ca. 1 m -mv worden verwacht. Waarden daterend uit de Steentijd kunnen voorkomen in de top van het dekzand in de vorm van jachtkampementen, bewerkt vuursteen, of houtskool. Sporen daterend vanaf de Bronstijd tot aan de Middeleeuwen kunnen voorkomen in de vorm van nederzettingsresten, afval- en waterkuilen, greppels en haarden. Waarden daterend vanaf de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd kunnen voorkomen in de vorm van van aardewerk, bot of ander afval dat met de bemesting van het land is opgebracht. Archeologisch relevante bodemlagen (top van het dekzand) kunnen direct onder het huidige maaiveld worden verwacht. Mogelijk is er binnen het plangebied een plaggendek aanwezig van 30 tot 60 cm dikte, direct onder het maaiveld, met daaronder het dekzand met een deels intacte top. Mocht er een plaggendek aanwezig zijn, dan kan de top van het pleistocene zand (met Steentijdvondsten) mogelijk verstoord zijn geraakt. Dieper ingegraven sporen kunnen nog wel aanwezig zijn. Uit het eerder uitgevoerde veldonderzoek (verkennende fase) is gebleken dat de ondergrond in het grootse gedeelte van het onderzochte gebied verstoord is tot in de C-horizont. Enkel in boring RA18 is een intacte podzol aangetroffen, bestaande uit een A-E-B-C profiel. De reden dat er nog een intacte bodem is aangetroffen in deze boring in tegenstelling tot alle andere, diep verstoorde, boringen, heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat op dit intacte dekzandpakket een voormalig semiverhard pad lag (te zien aan een laag van 30 cm asfaltgranulaat in de boring, op de Ap-horizont). Op deze specifieke locatie hebben dus geen grootschalige graafwerkzaamheden aangetroffen, zoals wel het geval is in de overige boringen. Het veldwerk voor het inventariserende veldonderzoek (karterende fase) is verricht op 18 december 2023. Hierbij zijn zeven handmatige grondboringen verricht met behulp van een Edelmanboor met een diameter van 15 cm. De boringen zijn uitgevoerd tot 0,1 m in de C-horizont en/of tot een maximale diepte van 2 m beneden maaiveld. De boringen zijn verspreid over het plangebied gezet. In het plangebied heeft er zich een podzolbodem gevormd en deze podzolbodems zijn gedurende de Middeleeuwen opgehoogd met plaggen om de grond te vermengen met vruchtbare mest. De met mest verrijkte plaggen zijn over een periode van vermoedelijk honderden jaren op de akkers opgebracht waardoor een zogenoemde es is ontstaan ter hoogte van het plangebied. De oorspronkelijke podzolbodem is in sommige gevallen tot in de B-horizont en C-horizont vergraven of deels opgenomen in het plaggendek. Tijdens het karterende onderzoek zijn in drie boringen een intacte podzolbodem onder het plaggendek te aangetroffen. De aanwezigheid van het plaggendek wijst op een agrarisch gebruik van het landschap tijdens de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Er zijn op basis van het archeologische onderzoek geen aanwijzingen voor bewoning uit die periode binnen het plangebied. Dit komt overeen met het bureauonderzoek, vanaf de Late Middeleeuwen wordt er geen bewoning verwacht in het plangebied. Tijdens het veldwerk zijn alle relevante archeologische lagen gezeefd op een zeef met een maaswijdte van 3mm. Het zeven heeft geen archeologische indicatoren en/of vondsten opgeleverd. Tijdens de verkennende fase is er in boring RA18 op 80 cm onder maaiveld een intacte podzolbodem aangetroffen. Tijdens het karterende onderzoek is er in de directe nabijheid een bodemopbouw aangetroffen van plaggendek op E-B-C horizont of plaggendek op vergraven B-C horizont op C-horizont. De oorspronkelijke bodem is waarschijnlijk plaatselijk verstoord door ingrepen die te maken hebben met het essenlandschap. Voor afwatering werden esgreppels gegraven langs de essen. Dit kan verklaren waarom er zo plaatselijk verstoringen aanwezig zijn direct naast een intact podzolprofiel. Aangezien er sprake is van intacte podzolbodems zou er nog een verwachting voor archeologische resten uit de Periode Paleolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen kunnen bestaan, maar door het ontbreken van archeologische indicatoren kan de verwachting worden bijgesteld naar laag. Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek wordt voor het plangebied geen vervolgonderzoek aanbevolen. De voorgenomen bodemingrepen kunnen zonder archeologisch voorbehoud worden uitgevoerd.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2024-07-22



