five

2017061501 gemeente Alphen aan den Rijn Alphen aan den Rijn Zegerplas

收藏
DANS Data Station Archaeology2017-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z42-N4FD
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Bureau voor Archeologie heeft een archeologisch bureauonderzoek en cultuurhistorische quickscan uitgevoerd voor kadeverbetering en de aanleg van een park langs de noordelijke zijde van de Zegerplas te Alphen aan den Rijn. Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA, protocol 4002. In het kader van het onderzoek zijn kaarten, databases en literatuur geraadpleegd om te komen tot een gespecificeerde archeologische verwachting van het gebied. Daarnaast zijn nationale, provinciale en gemeentelijke gegevensbestanden (Monumentenregister, CultGIS, Cultuurhistorische Atlas Zuid-Holland) geraadpleegd met betrekking tot de aanwezigheid van cultuurhistorische waarden.Het plangebied bestaat uit de noordelijke kade van de Zegerplas en een bebost perceel ten noorden van de rioolwaterzuivering.Het plangebied ligt op de overgang van het Midden-Hollands rivierengebied naar het Midden-Hollands laagveengebied. In het plangebied kunnen op meerdere niveaus archeologische waarden aanwezig zijn. Vanaf ca. 7.000 v. Chr. tot de periode tussen 5.500 en 3.850 v. Chr. heeft het plangebied deel uitgemaakt van een kweldergebied. In de top van (kreekrug)afzettingen van het laagpakket van Wormer, op ca. 6 m -NAP, kunnen in theorie bewoningsresten aanwezig zijn uit het Mesolithicum en het begin van het Neolithicum. Er kunnen daarom nog resten van een klein jachtkamp aanwezig zijn. Een eventuele vindplaats zal zich manifesten als een vondststrooiing van vuursteen(artefacten) en houtskool, mogelijk in een humeuze laag. Na een periode van zeeactiviteit raakt het plangebied bedekt met veen. Tegelijkertijd kwam de Oude Rijn ten zuiden van het plangebied tot ontwikkeling. De oeverwallen van de Oude Rijn zijn vanaf het Neolithicum bewoonbaar. In de IJzertijd werd ten oosten van het plangebied de Aar actief. Bovendien is in de Romeinse tijd een crevasse van de Oude Rijn actief geweest in het plangebied. Deze twee ontwikkelingen hebben ervoor gezorgd dat het plangebied in de IJzertijd en de Romeinse tijd aantrekkelijk werd voor bewoning. De gebieden waar oeverafzettingen en crevasseafzettingen van de Oude Rijn en de Aar aanwezig zijn kunnen archeologische waarden uit de IJzertijd en de Romeinse tijd worden aangetroffen. Een eventuele vindplaats zal zich manifesteren als een archeologische laag, een humeuze, ontkalkte laag met daarin fragmenten aardewerk en houtskool. In de gebieden buiten de oeverwal en de crevasse zijn komafzettingen afgezet.Na de Romeinse tijd is er sprake van vernatting en rukt het veenmoeras weer op in zuidelijke richting. In het begin van de Late Middeleeuwen werd het gebied ontgonnen. In de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd zijn met name de oevers van de Oude Rijn en de Kromme Aar bewoond. Het geraadpleegde historische kaartmateriaal geeft geen aanleiding om in het plangebied bewoningsresten uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd te verwachten. Bovendien zal het niveau uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd direct onder het maaiveld inmiddels verstoord zijn door afgraving (bebost perceel ten noorden van de rioolwaterzuivering) of door de plaatsing van betonelementen als kadeversteviging. In het plangebied worden geen cultuurhistorische waarden verwacht. Op basis van het bureauonderzoek is geconcludeerd dat een groot deel van het beboste perceel ten noorden van de rioolwaterzuivering is afgegraven tot ca. 1 m -mv. Naar verwachting zijn hier nog nauwelijks intacte crevasse- en oeverafzettingen van de Oude Rijn aanwezig en dus worden geen archeologische waarden uit de IJzertijd en Romeinse tijd meer verwacht. Bij de aanleg van de kade is een ophoging aangebracht. Ook is de kade versterkt met betonelementen.Bureau voor Archeologie adviseert het beboste perceel ten noorden van de rioolwaterzuivering vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling omdat dit perceel grotendeels tot een diepte van ca. 1 m -mv is afgegraven. Indien ter plaatse van de kade de graafwerkzaamheden beperkt blijven het kade-ophogingspakket is geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Als er echter sprake is van graafwerkzaamheden buiten deze zone kan door middel van een verkennend booronderzoek uitgezocht worden of in het plangebied intacte crevasse- en oeverafzettingen van de Oude Rijn aanwezig zijn.Dit onderzoek is met grote zorgvuldigheid uitgevoerd. Het is echter nooit uit te sluiten dat toch archeologische resten worden aangetroffen bij de graafwerkzaamheden. Eventuele archeologische resten is men verplicht te melden bij de Minister van OCW in overeenstemming met de Erfgoedwet uit 2016. In dit geval wordt aangeraden om contact op te nemen met de gemeente Alphen aan den Rijn.</p>
提供机构:
Bureau voor Archeologie
创建时间:
2017-01-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务