Middeleeuwse ontginning onder de Dordtse Waard; aardgastransportleidingtrac? Wijngaarden-Westerschelde (A-667), catalogusnummers 6, 10, 12 en 18, gemeente Dordrecht; archeologisch onderzoek: proefsleuven en opgraving
收藏DANS Data Station Archaeology2025-09-15 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XZ3-KCDD
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In het kader van het project Noord-Zuid Route legt N.V. Nederlandse Gasunie in de periode 2009-2013 vele honderden kilometers ondergrondse gasleiding aan. In opdracht van N.V. Nederlandse Gasunie heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau in juni-juli 2009, in verband met de aanleg van de aardgastransportleiding, archeologisch onderzoek uitgevoerd op het Eiland van Dordrecht. Het onderzoek, in de vorm van een opgraving en een proefsleuvenonderzoek, was gericht op vier vindplaatsen, te weten catalogusnummers 6, 10, 12 en 18, verspreid over twee onderzoeksgebieden op het Eiland van Dordrecht. Ter hoogte van catalogusnummers 6 en 18 in de Alloijzen-Bovenpolder werden sporen van agrarisch landgebruik en eventueel nederzettingsresten uit de Late Middeleeuwen verwacht. Ter hoogte van catalogusnummers 10 en 12 in de Louisapolder werden resten verwacht van een mogelijke dijk of terp uit de Late Middeleeuwen met eveneens sporen van agrarisch gebruik uit deze periode.</p><p>Op basis van de resultaten van het archeologisch onderzoek is vastgesteld dat er een gaaf laatmiddeleeuws agrarisch landschap aanwezig is met sporen van systematische (cope-)ontginning. Er zijn archeologische resten in de vorm van kavelsloten aangetroffen. Op basis van de afstand tussen en de ori?ntatie van de sloten is er sprake van een systematische ontginning ter hoogte van het onderzoeksgebied. Aangenomen wordt dat de ontginning in het onderzoeksgebied Alloijzen-Bovenpolder vanuit de zuidelijk gelegen Dubbel heeft plaatsgevonden. Het Oude Maasje zal als ontginningsbasis voor de kavelsloten uit onderzoeksgebied Louisapolder hebben gefungeerd. De aanleg van de sloten kan op basis van historische bronnen vanaf de 11e eeuw plaatsgevonden hebben. Het vondstmateriaal van de vindplaatsen laat een gebruiksfase zien die niet strakker te dateren is dan de Late Middeleeuwen. Een einddatering voor het gebruik van de sloten kan met grote zekerheid rond 1421-1424 na Chr. worden geplaatst, aangezien de jongste vulling wordt gevormd door laagjes Sint-Elizabethsvloedafzettingen onder het Merwededek. Dit geeft aan dat tijdens de stormvloed(en) de gedeeltelijk verlande sloten nog open lagen en dat deze na de overstromingen niet meer zijn opgeschoond. Dat ter hoogte van de vindplaatsen sprake was van akkerbouw en veeteelt wordt bevestigd door de resultaten van het archeobotanisch onderzoek. Verbouwde granen in de directe omgeving van de monsterlocaties zijn tarwe en mogelijk gerst. Ook hennepteelt zal in de omgeving hebben plaatsgevonden. Alhoewel er geen nederzettingsresten zijn gevonden en er feitelijk sprake is van slechts ??n complextype (een laat-middeleeuws agrarisch gebied met kavelsloten) biedt het geheel aan resten een fraaie kijk op een deel van de oorspronkelijke middeleeuwse inrichting van de Groote Waard, waarvan slechts versnipperde restanten bekend zijn.</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau BV
创建时间:
2015-06-16



