Archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, door middel van boringen Bredeweg 18 te Bergharen (gemeente Wijchen)
收藏DataCite Commons2025-04-22 更新2025-05-10 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/DBPHZO
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In juni – juli 2024 is door Aeres Milieu een archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek uitgevoerd aan de Bredeweg 18 te Bergharen (gemeente Wijchen). Aanleiding voor het laten uitvoeren van dit archeologisch onderzoek betreft de sloop en nieuwbouw van de huidige woning en schuur. De diepte van de toekomstige bodemverstoring is op dit moment onbekend, maar uitgaande van een standaard funderingsdiepte zonder onderkeldering, zal de bodemverstoring tot ten minste 80 centimeter (vorstvrije diepte) beneden maaiveld reiken. De verwachting is dan ook dat bij het uitgraven van de bouwputten, ten behoeve van de voorgenomen nieuwbouw, de bodem tot in het archeologische niveau verstoord zal worden en eventueel aanwezige archeologische waarden daardoor verloren zullen gaan. De onderzoekslocatie ligt volgens de Archeologische Beleidskaart van de gemeente Wijchen in de zone ‘Hoge archeologische verwachting’. Voor deze verwachtingszone geldt een onderzoeksplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 100 m2. Binnen het bestemmingsplan: ‘Geconsolideerde versie Buitengebied en herziening 2014’ geldt een onderzoeksplicht voor plangebieden met een oppervlakte groter dan 120 m². Middels deze kaart heeft de gemeente aangegeven dat de locatie onderzoeksplichtig is. De ligging van het plangebied op de flank van een rivierduin zal voor jager-verzamelaar groepen en latere landbouwende samenlevingen een aantrekkelijke vestigingsplaats zijn geweest. Resten uit het laat paleolithicum en mesolithicum liggen verder verspreid in de omgeving. Binnen het rivierduinencomplex van Bergharen zijn wel meerdere vondsten gedaan van nederzettingsresten uit de periode bronstijd - Romeinse tijd. Binnen het plangebied heeft echter in het verleden zandwinning plaatsgevonden, verder lag binnen het plangebied een voormalige stortplaats. De verwachting is dan ook dat de bodem binnen deze delen van het plangebied dermate verstoord is dat het archeologisch niveau niet meer intact is. Alleen binnen het zuidwestelijk deel van het plangebied lijkt geen sprake te zijn van zandwinning en het gebruik als stortplaats. Voor het zuidwestelijk plangebied geldt daarom een hoge verwachting voor zowel nederzettingsresten uit de periode neolithicum tot en met de ijzertijd als voor nederzettingsresten uit de Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen. Voor de overige delen van het plangebied geldt een lage verwachting vanwege de verwachte bodemverstoring. Het plangebied ligt aan de Bredeweg ten noordwesten van de historische kern van Bergharen. Op basis van historisch kaartmateriaal kan worden gesteld dat het plangebied tot aan de 20e eeuw hoogstwaarschijnlijk onbebouwd was. Gezien de ligging tussen twee verbindingswegen waarlangs sporadisch bebouwing aanwezig was, kan voor het plangebied echter niet uitgesloten worden dat er vóór de 20e eeuw bebouwing aanwezig was. Ten westen van het plangebied is een boomgaard/bos aanwezig. Op het kadastraal minuutplan staat aangegeven dat binnen meerdere percelen in het westen van het plangebied zandwinning heeft plaatsgevonden. Op basis van deze gegevens geldt voor het plangebied een middelhoge verwachting voor de periode late middeleeuwen tot en met nieuwe tijd. Wat betreft de conservering en gaafheid van eventueel aanwezige archeologische resten kan het volgende gesteld worden: Wegens de verwachte aanwezigheid van een stuifzanddek kunnen eventueel aanwezige archeologische resten zijn beschermd tegen latere invloeden. Door de ligging in een duingebied is niet duidelijk wat de mate van conservering is van eventuele archeologische resten. Dit hangt samen met de mate van verstuiving of afdekking door stuifzand. Ook kunnen resten verstoven zijn, waardoor archeologische resten verloren zijn gegaan. In het grootste deel van het plangebied zijn mogelijk archeologische relevante niveaus en vondsten hoogstwaarschijnlijk verstoord als gevolg van de zand- en grindwinning. Bij duinvaaggronden zijn de omstandigheden voor het aantreffen van organische resten minder goed: door de lage grondwaterstand (GWT VII) kunnen organische resten vaak enkel in dieper ingegraven, waterhoudende sporen zoals waterputten bewaard blijven. Op basis van het uitgevoerd verkennend veldonderzoek middels boringen kan worden gesteld dat de in het bureauonderzoek omschreven verwachte duinvaaggronden niet aanwezig zijn. Als gevolg van de zandwinning en het gebruik als stortplaats zijn de rivierduinafzettingen diepgaand verstoord geraakt. De verstoring is dusdanig diep dat de kans klein wordt geacht dat er nog intacte archeologische waarde aanwezig zijn. De lage verwachting voor de periode mesolithicum – vroege middeleeuwen blijft gehandhaafd. De middelhoge verwachting voor late middeleeuwen – nieuwe tijd wordt ook bijgesteld naar laag. Alleen in zone I (boring 4) kunnen eventueel nog archeologische resten voorkomen uit alle perioden. Echter, aangezien de voorgenomen ontwikkeling niet in deze zone plaatsvindt wordt er voor het gehele plangebied geen archeologisch vervolgonderzoek noodzakelijk geacht.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-04-17



