Transect-rapport 2921: Een inventariserend veldonderzoek d.m.v. proefsleuven, karterende en waarderende fase. Noordhoek, Oudlandsedijk 10, Gemeente Moerdijk (NB).
收藏DANS Data Station Archaeology2020-10-05 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XD3-ZVS6
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In juli 2020 heeft Transect b.v. een archeologisch proefsleuvenonderzoek uitgevoerd aan de Oudlandsedijk 10 te Noordhoek (gemeente Moerdijk). De aanleiding voor het onderzoek is het voornemen om een nieuwe woning te bouwen. Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 1.200 m2 en is momenteel in gebruik als weiland. De nieuwe woning zal een oppervlakte van circa 135 m2 hebben. Voor de funderingen en het zandbed eronder wordt de bodem geroerd tot ongeveer 0,95 m -Mv. Verder worden boorpalen gebruikt. Het boorpalenplan is nog niet bekend. Op de archeologische verwachtingenkaart van de gemeente Moerdijk ligt het plangebied in een zone met een hoge archeologische verwachting, gerelateerd aan een historisch erf gelegen op een kreekrug. Dit houdt in dat archeologisch onderzoek verplicht is bij bodemingrepen dieper dan 50 cm -Mv en groter dan 100 m2.</p><p>Als eerste stap in het archeologisch onderzoeksproces is een bureauonderzoek uitgevoerd (Verboom-Jansen 2020; Transect-rapport 2626). Hieruit bleek een verwachting op archeologische resten uit de perioden Laat-Paleolithicum – Romeinse tijd en uit de Nieuwe Tijd. Archeologische resten uit Laat-Paleolithicum – Mesolithicum werden verwacht op een diepte van 4,7-4,8 m -NAP (ca. 4 m -Mv). Archeologische resten uit de periode Neolithicum – Romeinse tijd werden verwacht op een diepte van 2,1-2,4 m -NAP (ca. 1,7 m -Mv). Archeologische resten uit de Nieuwe Tijd werden verwacht vanaf het maaiveld. Aangezien de bodemingrepen vrijwel zeker tot een verstoring van deze informatie zouden leiden, heeft de bevoegde overheid besloten dat vervolgonderzoek moest plaatsvinden.</p><p>Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd in de vorm van een proefsleuvenonderzoek, karterende en waarderende fase (KNA 4.1, protocol 4003 Inventariserend veldonderzoek, proefsleuven). Het onderzoek had als doel de archeologische verwachting te toetsen en aan te vullen door het opsporen en het waarderen van eventueel aanwezige archeologische resten. Het onderzoek moest, voor zover mogelijk, inzicht geven in de aanwezigheid, aard, datering, omvang, gaafheid, conservering van de mogelijk aanwezige archeologische resten.</p><p>Resultaten<br>Het proefsleuvenonderzoek heeft slechts één grondspoor opgeleverd en enkele archeologische vondsten. Het spoor betreft een kuil, waarvan de functie onbekend is. De vondsten bestonden uit aardewerk, fragmenten van kleipijpen, botfragmenten en één metalen buisje. De vondsten dateren uit de Nieuwe Tijd en betreffen allemaal aanlegvondsten. Waarschijnlijk zijn het vondsten die met het bemesten van het land in de bouwvoor terecht zijn gekomen of bij de ontginning van het gebied en verspoeld materiaal als gevolg van de Sint Elisabethsvloed. Gezien dat de bodemopbouw intact is, is het waarschijnlijk dat het plangebied in het verleden nooit bewoond is geweest.</p><p>Conclusie en advies<br>Uit het proefsleuvenonderzoek is gebleken dat er geen sprake is van een behoudenswaardige vindplaats in het plangebied. Echter is wel gebleken dat een B-horizont aanwezig is van het dekzand, waardoor er een hoge verwachting is op archeologische resten uit het Laat-Paleolithicum op dit niveau. Als zodanig wordt geadviseerd het plangebied archeologisch vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkelingen tot een diepte van 1,36 m -NAP (top dekzand + 30 cm buffer). Vanaf deze diepte adviseren wij de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’ te behouden voor het plangebied. Voor de nieuwe woning worden 12 boorpalen gebruikt van 30 cm in diameter (0,8 m2 in totaal). Hierdoor is de verstoring minimaal (<1% van het plangebied).</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2020-09-01



