Bureauonderzoek Archeologie Strandweg 3 en Korfwaterweg 1 en 1B gemeente Schagen
收藏Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-zgp-dxay
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
Hamaland Advies heeft in opdracht van Buro Ontwerp en Omgeving voor een locatie aan de Strandweg 3 en Korfwaterweg 1 en 1B in Petten, gemeente Schagen, een archeologisch bureauonderzoek conform de BRL SIKB 4002 uitgevoerd. De oppervlakte van het gehele plangebied bedraagt 68.100 m² (6,81 hectare). Het plangebied bestaat uit twee vrijwel aangrenzende deelgebieden. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de geplande herontwikkeling van het terrein, waarbij een bestaand hotelgebouw gerestaureerd wordt en vijf nieuwe gebouwen gerealiseerd worden (deelgebied hotel) die met een kelderbak met elkaar verbonden worden. Onder bijna het gehele bouwvlak van de nieuwe gebouwen wordt een kelderlaag gerealiseerd tot een diepte van 3 à 4 m-mv. Tevens wordt een campingterrein (deelgebied camping) herbestemd tot een huisjespark met 100 huisjes, waarvoor ook sloopwerkzaamheden plaats zullen vinden. De diepte van de verstoringen ten behoeve van de funderingen voor deze huisjes zal niet meer dan 80 cm-mv bedragen. Tot slot zullen de in het plangebied aanwezige bunkers uit de Tweede Wereldoorlog en het woonhuis aan de Korfwaterweg 1B gesloopt worden. Indien er in het onderzoek over ‘het plangebied’ gesproken wordt, wordt verwezen naar beide deelgebieden. Indien de informatie betrekking heeft op één van beide, zal hier specifiek naar verwezen worden. In het bestemmingsplan Petten, ’t Zand, Callantsoog, Groote Keeten (2010) hebben beide deelgebieden een dubbelbestemming Waarde – Archeologie 4. Er geldt een verplichting tot archeologisch bodemonderzoek voor bodemingrepen groter dan 2500 m² en dieper dan 50 cm-mv.ConclusieHet plangebied is gelegen buiten de kern van Petten, in een zone die is geclassificeerd als een vlakte die ontstaan is door afgraving en/of egalisatie van duinen of strandwallen en deels ter plaatse van kustduinen met bijbehorende vlakten en laagten. Hierin is een duinvaaggrond in grof zand ontstaan, en in een klein deel een vlakvaaggrond in grof zand.Op basis van historisch kaartmateriaal kan opgemaakt worden dat het plangebied gelegen was in een zeegat, dat na 1617 dichtgeslibd is. Het plangebied is pas vanaf het eind 19e eeuw op kleine schaal bebouwd is geraakt. Deze bebouwing stond in het zuidelijk deel van deelgebied camping en in het deelgebied hotel in de vorm van bunkers. De grootste ontwikkelingen vinden plaats in de 20ste eeuw, wanneer er meer bebouwing gerealiseerd wordt (maar nog steeds op kleine schaal) en er in het deelgebied hotel een kleutertehuis gebouwd wordt. Dit gebouw is nu nog in gebruik als hotel. Het deelgebied camping is ontwikkeld tot campingterrein. Beide deelgebieden lagen in een duingebied en maakten tussen 1880 en 1950 deel uit van het Land van Korfwater (ook wel Eerste Korfwater). Op basis van geologische boringen die in de omgeving van het plangebied gezet zijn, kunnen uitspraken worden gedaan over de geologische opbouw rondom het plangebied. Hier is sprake van klei- en zandafzettingen van de Formatie van Naaldwijk. In deze Formatie komen inschakelingen van veen voor van de Formatie van Nieuwkoop (Hollandveen en Basisveen). Het Basisveen vormt de ondergrens van deze mariene zand- en kleiafzettingen. Als gevolg van overstromingen vanuit zee zal het veen vermoedelijk grotendeels geërodeerd zijn. Vanaf 8,00 à 10,50 m-mv is zand van de Formatie van Boxtel aangetroffen. Dit pleistocene zand gaat op circa 21,35 m-mv over in zand- en klei van de Formatie van Kreftenheye.SelectieadviesDe resultaten van het bureauonderzoek geven aan dat het plangebied tot minstens 1617 in een zeegat gelegen was. De holocene afzettingen in het plangebied hebben derhalve een datering in de Nieuwe tijd. De pleistocene afzettingen worden vanaf 8,0 m-mv verwacht. De geplande bodemverstoringen in het deelgebied camping reiken tot maximaal 80 cm-mv en ter plaatse van het deelgebied hotel tot 3 à 4 m-mv en blijven derhalve beperkt tot de afzettingen uit de nieuwe tijd. Op basis van het bureauonderzoek kunnen vindplaatsen uit de nieuw tijd echter niet uitgesloten worden. Hamaland Advies adviseert derhalve om een verkennend booronderzoek uit te voeren om de mate van intactheid van de bodem te toetsen en te toetsen in hoeverre de oorspronkelijke sedimenten van na het dichtslibben van het voormalige zeegat in 1617 nog aanwezig zijn. In deze sedimenten kunnen aan water gebonden vindplaatsen aanwezig zijn zoals steigers en scheepswrakken. In oudere sedimenten kunnen moerneringsputten aanwezig zijn. Daarnaast zijn er in het plangebied nog restanten aanwezig van een bunkerstelling van Stützpunkt XXib H L – ‘Heeresküstenbatterie Petten uit 1942-1943 die onderdeel uitmaakte van de Atlantikwall. Voorafgaand aan de bodemingrepen adviseren wij daarom om een Historisch Voor Onderzoek (HVO) conform de WSCS-OCE te laten uitvoeren en eventueel een Project Risico Analyse (PRA) op te laten stellen door een WSCS-OCE gecertificeerd bedrijf. Het betreft een selectieadvies. Het uiteindelijke besluit hierover is voorbehouden aan Archeologie West Friesland.SelectiebesluitOp 15 augustus 2019 heeft mw. C. Soonius het rapport en de aanbevelingen getoetst. Hierbij is aangegeven dat een verkennend booronderzoek ter plaatse van deelgebied camping niet noodzakelijk is indien de bodemingrepen hier niet dieper reiken dan 80 cm-mv. In het deelgebied hotel dient nader archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden. Hierbij wordt opgemerkt dat verkennend booronderzoek geen inzicht kan geven in alle te verwachten archeologische resten. Het doel van dit onderzoek is derhalve het opsporen van afgedekte bodemhorizonten/veenlagen. Funderingen uit de Nieuwe tijd kunnen hiermee niet opgespoord worden.VoorbehoudVerder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (Erfgoedwet artikel 5.10 en 5.11) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: ‘Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister’. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Regioarcheologen van Archeologie West-Friesland (c.soonius@hoorn.nl en m.bartels@hoorn.nl ).
创建时间:
2024-01-31



