five

Maastrichterweg 114 te Valkenswaard, gemeente Valkenswaard

收藏
DataCite Commons2025-12-08 更新2026-04-25 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/PT1NAN
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Op basis van het bureauonderzoek is een gespecificeerde verwachting opgesteld. Hieruit is gebleken dat het plangebied bevindt zich in een zone met dekzandwelvingen tussen de beekdalen van de Dommel en de Tongelreep in. Op grond van de landschappelijke ligging en verwachte bodemopbouw kunnen archeologische resten vanaf de vroege prehistorie voorkomen. De resten kunnen bijvoorbeeld bestaan uit restanten van kleine mesolithische kampementen. Ook resten uit latere perioden, zoals de Bronstijd en IJzertijd, zijn mogelijk. Vuursteenvondsten die ten westen van het beekdal van de Tongelreep zijn aangetroffen, tonen aan dat de regio door de prehistorische mens werd bezocht. Eventuele grondsporen zullen zich in de top van het dekzand (podzolbodem of C-horizont) bevinden. Een vondstlaag zal, op grond van het ontbreken van een conserverend plaggendek, zijn opgenomen in de bouwvoor. Organische en botanische resten zullen door de relatief droge en zure bodemomstandigheden slecht zijn geconserveerd. Anorganische resten zullen redelijk tot goed bewaard zijn gebleven. Gezien de vernatting van het landschap worden geen resten uit de Romeinse tijd en de Middeleeuwen verwacht. Archeologisch onderzoek ten zuiden van het plangebied heeft aangetoond dat het gebied voor de ontginning in het tweede kwart van de 20e eeuw zeer nat was. Behalve losse vondsten en sporen van ontginning en landbewerking, zoals spitsporen en greppels, zijn daarom geen resten uit de Nieuwe tijd te verwachten. Ten zuiden van het plangebied bevond zich vermoedelijk de in de Late Middeleeuwen gegraven ‘Boomgragt’, die als landweer fungeerde en daarnaast ook gebruikt werd voor het vervoer van turf, en is gebruikt als gracht bij een boerenschans. Het is niet uitgesloten dat hieraan gerelateerde resten zich in het zuiden van het plangebied bevinden. Vermoedelijk zal de bodem als gevolg van agrarische grondbewerking, en de latere inrichting van het terrein als nertsenfokkerij, deels zijn verstoord. Teneinde de in het bovenstaande beschreven verwachting te toetsen en aan te vullen is in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd. Hierbij zijn 10 boringen verspreid over het plangebied gezet. Hieruit is gebleken dat de natuurlijke ondergrond bestaat uit verspoeld dekzand (Laagpakket van Wierden van de Formatie van Boxtel). De exacte aard en ouderdom van het dekzand is onbekend. In boring 9 zijn in de top van het pakket resten van een podzolbodem in de vorm van een BC-horizont aanwezig. In de overige boringen zijn deze niet aangetroffen. Het dekzand gaat naar boven toe over in een 35 tot 65 cm dik zandpakket (A- of AC-horizont). In boringen 2, 4 en 9 is een A-horizont aanwezig, en in boring 8 is een A-horizont op een dunne AChorizont aanwezig. In boringen 1, 6 en 7 is sprake van een menglaag (AC-horizont). In boring 3, in het noordoosten van het plangebied is een dikkere menglaag aanwezig, deze is 90 cm dik. In het westen van het plangebied is een relatief dik humeus zandpakket (130/140 cm dik) aanwezig direct boven het dekzand. Omdat de top van het dekzand hier lager ligt dan in de aangrenzende boringen is hier mogelijk sprake van een opgevulde laagte (zandwinningskuil of greppel). In het plangebied gold een hoge verwachting bij het aantreffen van (deels) intacte podzolbodem. Bij het booronderzoek is in slechts één boring een restant van een podzolbodem aangetroffen. Mogelijk was deze als gevolg van de ondiepe grondwaterspiegel zwak ontwikkeld en is deze door bodembewerking opgenomen in de bovengrond of is deze niet gevormd. Vanwege de aanwezigheid van een verstoorde bovengrond is geen sprake van een potentieel vondstniveau. Grondsporen kunnen echter nog aanwezig zijn. De archeologische verwachting voor vindplaatsen uit het Laat-Paleolithicum en Mesolithicum kan worden bijgesteld naar laag, vindplaatsen uit deze perioden hebben geen of nauwelijks grondsporen. De verwachting voor resten uit het Neolithicum, Bronstijd en IJzertijd blijft gehandhaafd. Door de huidige inrichting (nertsenstallen, loods, silo) zullen de mogelijk aanwezige resten deels zijn verstoord. Op basis van het veldonderzoek kan in de onbebouwde delen van het plangebied de aanwezigheid van grondsporen niet worden uitgesloten. ADC ArcheoProjecten adviseert om in het midden van het plangebied, ter plaatse van de geplande verstoringen, een inventariserend veldonderzoek uit te voeren door middel van het aanleggen van proefsleuven (IVO-P). Dit gebied heeft een omvang van ca. 6800 m2 (afb. 22). Het doel van dit onderzoek is het onderzoeken van de gaafheid, omvang, datering en conservering van archeologische resten.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-12-05
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务