five

Bureauonderzoek en Karterend Booronderzoek Archeologie Plangebied Waliënseweg 18 te Winterswijk, Gemeente Winterswijk

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-z9z-kr4n
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
ConclusieDoor de ligging binnen een dalvormige laagte en een vlakte van ten dele verspoelde dekzanden is het plangebied vermoedelijk minder geschikt geweest voor permanente bewoning (vanaf de Prehistorie) dan de hoger gelegen locaties (dekzandkopjes) die zich in de directe omgeving van het plangebied bevinden. Wel kan het gebied als foerageergebied worden aangemerkt voor jagers/verzamelaars. De kans op vindplaatsen uit deze periode is echter klein. De kans op archeologische resten uit de Late Middeleeuwen – Nieuwe tijd wordt, vanwege de aanwezigheid van een historisch erf (het Waliën), groot geacht. De kans op verstoring van potentiële archeologische niveaus ter plaatse van de bebouwing is echter zeer groot. Uit de resultaten van het karterend booronderzoek is gebleken dat er in het plangebied van oorsprong een veldpodzol aanwezig was die in dekzand (Formatie van Boxtel, Laagpakket van Wierden) ontwikkeld is. Als gevolg van mengwoelen en (diep)ploegen is de bodem echter volledig verstoord tot op een diepte van minimaal 25 cm-mv en maximaal 110 cm-mv.SelectieadviesOp basis van de resultaten van het karterend booronderzoek adviseert Hamaland Advies om het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkelingen. In het plangebied is sprake van een volledig verstoorde bodemopbouw, waardoor eventuele archeologische resten verstoord zijn. Tevens ontbreken archeologische indicatoren. De kans dat er met de geplande bodemingrepen archeologische waarden verloren gaan, wordt derhalve gering geacht.BeoordelingOp 19 juli 2019 is het rapport en selectieadvies van Hamaland Advies getoetst door dhr. D. Kastelein (regioarcheoloog ODA). Dhr. Kastelein onderschrijft het selectieadvies van Hamaland Advies niet. Voor het bouwen van het nieuwe bijgebouw op locatie van de ligboxenstal is het reëel om te veronderstellen dat de bodem diep genoeg geroerd zal zijn om eventuele archeologische resten opgeruimd te hebben. Ook voor het tweede bijgebouw is vastgesteld dat de bodem verstoord is. Voor beide bijgebouwen wordt vervolgonderzoek niet noodzakelijk geacht.De nieuwe woning is op de locatie van de schöppe gepland. Voor deze locatie geeft dhr. Kastelein aan dat het onduidelijk is in hoeverre de bodem hieronder verstoord is en of de schöppe een oudere voorganger kent. Tenzij aangetoond kan worden dat de bodem op deze locatie diep genoeg geroerd is en er geen resten van een voorganger onder aanwezig zijn, dient er vervolgonderzoek in de vorm van een archeologische begeleiding plaats te vinden op deze locatie. Alle graafwerkzaamheden beneden het maaiveld zouden archeologisch begeleid moeten worden – dit geldt voor de sloop van eventuele funderingen en de verdere uit te voeren ontgravingen ten behoeve van de nieuwbouw. De begeleiding dient conform protocol 4003 (proefsleuven) uitgevoerd te worden zodat eventueel aanwezige archeologische resten gewaardeerd kunnen worden. Voor aanvang van het veldwerk dient een PvE (Programma van Eisen) opgesteld te worden dat door het bevoegd gezag, de gemeente Winterswijk, getoetst dient te worden.VeldopnameOp 10 oktober 2019 heeft op verzoek van de opdrachtgever en in overleg met gemeente Winterswijk een aanvullende veldinventarisatie plaatsgevonden van de aanwezige schoppe. Uit de inventarisatie blijkt dat de schoppe niet ouder is dan de 20e eeuw en geen funderingen van een oudere voorganger (meer) heeft. Indien deze aanwezig was, dan is deze vergraven tijdens de aanleg van de huidige schoppe inclusief de latere uitbreiding met uitpandige en inpandige mestkelders in de tweede helft van de 20e eeuw. Derhalve is geadviseerd om het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling (geen vervolgonderzoek).SelectiebesluitOp 24 oktober 2019 hebben wij van dhr. T. Schopman van gemeente Winterswijk het bericht ontvangen dat het rapport geaccordeerd is en dat het selectieadvies overgenomen is. Vervolgonderzoek is niet noodzakelijk.VoorbehoudHet uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (Erfgoedwet 1-7-2016, art. 5.10 en 5.11) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: ‘Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister’. Deze aangifte dient te gebeuren bij de RCE te Amersfoort. Het verdient aanbeveling ook de verantwoordelijk ambtenaar van de gemeente Winterswijk (dhr. K. Meinderts) hiervan per direct in kennis te stellen
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务