Bredeweg (nabij nummer 178) te Zevenhuizen, gemeente Zuidplas
收藏DANS Data Station Archaeology2018-07-09 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-23R-G77X
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Synthegra B.V. heeft een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor een terrein aan de Bredeweg (nabij nummer 178) in Zevenhuizen. De aanleiding voor het onderzoek is de aanvraag ter verkrijging van een omgevingsvergunning t.b.v. de aanleg van een zonnepark.<br>Het plangebied ligt binnen een vlakte van getij-afzettingen aan het uiteinde van een getij-inversierug. Op basis van het bureauonderzoek geldt voor het overgrote deel van het plangebied een middelhoge archeologische verwachting voor de aanwezigheid van archeologische resten uit het Mesolithicum en Neolithicum. In het noordwestelijk deel van het plangebied geldt een hoge archeologische verwachting voor de aanwezigheid van archeologische resten uit het Neolithicum. Voor een klein deel van het plangebied geldt een lage archeologische verwachting voor resten uit het Mesolithicum t/m Nieuwe tijd.<br>Voor de aanwezigheid van archeologische resten uit het Paleolithicum geldt voor het zuidelijk deel van het plangebied een hoge verwachting. Deze hoge archeologische verwachting is gebaseerd op de aanwezigheid van een pleistocene rivierterrasrand vanaf 7 meter beneden maaiveld. De vindplaatsen uit deze periode zullen bestaan uit kleine kampementen, die gekenmerkt worden door een dunne vondststrooiing en eventueel de aanwezigheid van een vegetatieniveau in de rivierafzettingen.<br>Vindplaatsen uit het Mesolithicum kunnen voorkomen in de top van (dieper gelegen) fluviatiele afzettingen, specifiek crevasseafzettingen. Het kan gaan om kleine jachtkampen. Deze worden waarschijnlijk gekenmerkt door een dunne vondststrooiing of vegetatieniveau waarin houtskool en (bewerkt) vuursteen en natuursteen kunnen voorkomen. De top van de crevasseafzettingen wordt vanaf 3 meter beneden maaiveld verwacht.<br>Deze crevasseafzettingen worden afgedekt door mariene wadafzettingen van het Laagpakket van Wormer. Hiervoor geldt een lage archeologische verwachting voor vindplaatsen uit het Neolithicum. Mogelijk komen in deze wadafzettingen nog getijdengeulen/kreeksystemen voor. Op de oevers van getijdengeulen en kreken (inversieruggen) kunnen vindplaatsen uit het Neolithicum voorkomen. Dit betreffen waarschijnlijk net als in het Mesolithicum kleine jachtkampen. Ze worden aan of direct onder het maaiveld verwacht. Het onderscheid tussen de mesolithische crevasseafzettingen en de neolithische kreeksystemen is vaak niet duidelijk.<br>Vanaf het Neolithicum is vervolgens veenvorming opgetreden. Mogelijk heeft er in de Bronstijd tot en met de Romeinse tijd wel bewoning plaatsgevonden op het veen, maar zijn de restanten hiervan in latere perioden bij het afgraven van het veen voor de turfwinning en als gevolg van oxidatie en erosie (golf-afslag in de Zuidplas) verdwenen.<br>Uit de Middeleeuwen worden geen resten verwacht, het plangebied ligt niet op een belangrijke ontginningsas van het voormalige veengebied. Door de middeleeuwse veenwinning bestond bijna de hele gemeente in de 18e eeuw uit water. In 1839 is de Zuidplas drooggemalen. Op grond van de historische kaarten worden geen overblijfselen van gebouwen uit de Nieuwe tijd (19e en 20e eeuw) in het plangebied verwacht.</p>
创建时间:
2018-07-10



