five

Kaag en Braassem Leimuiden Dorpsstraat 49 51 Booronderzoek

收藏
DANS Data Station Archaeology2025-06-13 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZSP-FJBP
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van de Protestantse Gemeente van Leimuiden heeft ADC ArcheoProjecten een bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Dorpsstraat 49- 51 in Leimuiden. (gemeente Kaag en Braassem). In het plangebied zal de pastorie en een vleugel van de Nederlands Hervormde Kerk gesloopt worden en hier zal een nieuw kerkelijk centrum verrijzen. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een aanvraag van een bouwvergunning en was noodzakelijk om te bepalen of bij de voorgenomen activiteiten de kans bestaat dat archeologische resten in de ondergrond worden aangetast.</p><p>De diepere ondergrond van het plangebied bestaat uit een pakket kwelderafzettingen van het Laagpakket van Wormer, onderdeel van de Formatie van Naaldwijk, dat tot ongeveer 3000 voor Christus is afgezet. Bewoning vond toen voornamelijk op de oevers van de kreeksystemen plaats, en in de naastgelegen geulen kunnen archeologische indicatoren aanwezig zijn. Daarna heeft in het onderzoeksgebied op grote schaal veenvorming plaatsgevonden. De uitgestrekte veenmoerassen waren ongeschikt voor bewoning, met uitzondering van de kleiige oeverwallen langs de riviertjes, zoals de Drecht.</p><p>In de ontginningsassen van waaruit de ontginningen en vervening van het veenlandschap in de Mideleeuwen zijn begonnen is het veen voor deze activiteiten bespaard. In deze smalle, hoger gelegen stroken is het veen vermoedelijk niet geheel afgegraven. In het zogenoemde restveen (Hollandveen Laagpakket binnen Nieuwkoop Formatie) kunnen jongere archeologische waarden, zoals ontginningssporen uit de Middeleeuwen, bewaard zijn gebleven. Langs de ontginningsassen is tot op heden de bebouwing geconcentreerd, zoals dit ook in de Middeleeuwen en Nieuwe tijd het geval was. Ophogingspakketten alsmede funderingsresten van woningen kunnen hier aangetroffen worden. Deze kunnen echter door aanleg en uitbreiding van infrastructuur, zoals wegcunetten en ingraven kabels en leidingen, en recentere bebouwing zijn verstoord.</p><p>Teneinde deze verwachting te toetsen werd in het plangebied een booronderzoek (specificatie VS03) uitgevoerd. De natuurlijke ondergrond bestaat uit ongerijpte kwelderklei vanaf een diepte van 420 cm onder het maaiveld. Het pakket is waarschijnlijk te slap geweest om als een goede ondergrond voor bewoning te dienen en daarom worden er weinig tot geen archeologische resten in verwacht. Boven dit pakket was een intact veenpakket aanwezig. De dikte van dit veenpakket bedraagt ongeveer 180 tot en met 335 cm. De top van dit pakket is compact en veraard. In deze veraarde laag zijn ook sporen van baksteen en mortel gevonden wat waarschijnlijk duidt op menselijke (graaf)activiteiten in deze laag. Boven het veenpakket is een ophogingspakket aangetroffen van ongeveer één meter dik dat voornamelijk uit kleiig zand bestaat. In deze ophogingslaag zijn vondsten uit de Late Middeleeuwen tot de Nieuwe Tijd gevonden. Door de vondsten in deze laag en doordat deze laag een antropogene ophogingslaag is kunnen we deze als archeologische laag bestempelen.</p><p>ADC ArcheoProjecten adviseert om in de gebieden met een hoge archeologische verwachting een inventariserend veldonderzoek uit te voeren door middel van het aanleggen van proefsleuven (IVO-P), teneinde gaafheid, omvang, datering en conservering van archeologische resten te onderzoeken.</p><p>Het onderzoek zal plaatsvinden tussen de plaats waar nu de pastorie en de noordelijke vleugel van de kerk staan. In totaal zal het nieuwe kerkelijke centrum een oppervlakte van 800 tot 900 m2 bestrijken. De bouwplannen van het nieuwe centrum waren tijdens dit onderzoek nog niet bekend en daarom verdient het ook de aanbeveling om de plaats en ligging van de proefsleuven te bepalen aan de hand van de goedgekeurde bouwplannen. Gezien de geringe grootte van de verstoring is het misschien mogelijk om tijdens het proefsleuvenonderzoek het onderzoek op te waarderen tot een opgraving als daar aanleiding toe is. De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE).</p><p>Het is niet uit te sluiten dat buiten het voor vervolgonderzoek geselecteerde gebied toch nog archeologische resten voorkomen. Daarom merken wij op dat het aanbeveling verdient om de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in de Monumentenwet 1988 en de Wet op de Archeologische Monumentenzorg.</p>
创建时间:
2010-01-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务