Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase: Steemertseweg 12 te Lierop
收藏DANS Data Station Archaeology2017-01-10 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XHY-98A5
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Het onderzoek is uitgevoerd ten behoeve van de nieuwbouw van een bedrijfshal.</p><p>De oorspronkelijke bodem is een eerdgrond geweest waarbij is<br>vastgesteld dat het voormalige maaiveldniveau ca. 1,1 – 1,35 m lager<br>heeft gelegen. Dit bevestigt de lage ligging op de flank van het dal van<br>de Vleutloop zoals op basis van het bureauonderzoek werd verwacht.<br>Ook de aangetroffen fluvioperiglaciale zand- en leemlagen passen in dit<br>beeld. Vermoedelijk is er grond opgebracht om de waterhuishouding te<br>verbeteren zodat de grond in gebruik kon worden genomen als<br>landbouwgrond. Daarnaast is nog sprake van recente lagen die zijn<br>opgebracht/verstoord bij de aanleg van het bedrijfsterrein van de<br>garage.</p><p>Op basis van het bureauonderzoek is aan het plangebied een hoge<br>verwachting toegekend voor vuursteenvindplaatsen uit het LaatPaleolithicum tot en met het Neolithicum. Aangezien de oorspronkelijke bovengrond (eerdlaag) plaatselijk nog aanwezig is, kunnen (deels) intacte vuursteenvindplaatsen aanwezig zijn. De inschatting is dat ook op de plaatsen waar de eerdlaag is verdwenen de top van de Chorizont (leesbare sporenniveau) nog wel intact is. Er zijn namelijk geen diepe bodemverstoringen aangetroffen. Dit betekent dat eventuele diepere grondsporen zoals haardkuilen nog intact kunnen zijn. De hoge verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het Laat-Paleolithicum tot en met het Neolithicum blijft op basis van de deels intacte bodemopbouw gehandhaafd.</p><p>De resultaten van het onderzoek bevestigen de relatief lage ligging<br>naast de dekzandrug op de flank van het dal van de Vleutloop. Wel kan<br>het plangebied binnen de randzone van een nederzettingsterrein uit de<br>IJzertijd – Romeinse tijd liggen die ten zuiden van het plangebied<br>aanwezig is of kunnen off-site sporen uit deze periode worden<br>aangetroffen. Voor het plangebied geldt daarom een middelhoge<br>verwachting voor nederzettings-/off-site sporen uit de IJzertijd –<br>Romeinse tijd.</p><p>De resultaten van het onderzoek geven geen aanleiding om de lage<br>verwachting voor vindplaatsen uit de Late-Middeleeuwen (vanaf de 14e<br>eeuw) tot en met de Nieuwe tijd bij te stellen.</p><p>De bouwput voor de nieuwe hal zal tot een diepte van 90 cm beneden<br>maaiveld worden ontgraven. Dit betekent dat het potentiële<br>archeologische niveau in de bodem behouden blijft. Op grond hiervan<br>wordt geen vervolgonderzoek geadviseerd.</p><p>Wanneer toch graafwerkzaamheden nodig zijn die dieper dan 1,0 m<br>beneden maaiveld reiken, wordt vervolgonderzoek aanbevolen om vast<br>te stellen of ter plaatse van het plangebied sprake is van een<br>vuursteenvindplaats. Eventuele sporen van de randzone van de<br>nabijgelegen vindplaats/off-site sporen uit de IJzertijd – Romeinse tijd<br>kunnen niet door middel van een systematisch onderzoek worden<br>opgespoord. Deze sporen worden gekenmerkt door een lage dichtheid<br>en/of zijn zogenaamde puntlocaties. Dergelijke sporen worden alleen<br>per toeval aangetroffen of kunnen in kaart worden gebracht als zeer<br>grote oppervlakken worden ontgraven. Het huidige bouwplan beslaat<br>echter een kleine oppervlakte van 500 m2 waardoor de kans klein is dat<br>nederzettings-/off-site sporen worden aangetroffen.</p><p>De bevoegde overheid (gemeente Someren) heeft de resultaten van<br>het onderzoek laten beoordelen door de omgevingsdienst ZuidoostBrabant.</p><p>Zij kunnen instemmen met het advies om de bodem voor de<br>bouw van de loods niet dieper dan 100 cm beneden maaiveld te<br>ontgraven. Verder onderzoek is voor de bouw van de loods dan ook<br>niet nodig.</p>
提供机构:
Archeodienst bv
创建时间:
2017-01-10



