Archeologisch onderzoek rondom Station Terwinselen te Heerlen, gemeente Heerlen
收藏DataCite Commons2024-07-11 更新2024-07-13 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/O65ILC
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In opdracht van TenneT TSO heeft Sweco Nederland B.V. een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) uitgevoerd naar de locatie rondom Station Terwinselen te Heerlen, gemeente Heerlen (zie bijlage 1). De aanleiding voor dit onderzoek is het uitbreiden van het hoogspanningsterrein. Bureauonderzoek Op basis van het bureauonderzoek blijkt dat er een lage archeologische verwachting is voor het aantreffen van resten uit de periode vanaf het Paleolithicum en Mesolithicum. Resten uit het Midden-Paleolithicum kunnen gezien de ouderdom van het Maasterras voorkomen onder het lössdek vanaf circa 8 m -mv. Resten uit het Laat-Paleolithicum en Mesolithicum kunnen voorkomen vanaf maaiveld. Er geldt een middelhoge verwachting voor resten uit het Neolithicum, Bronstijd en IJzertijd. Verder geldt er een hoge verwachting voor resten uit de Romeinse tijd en Vroege Middeleeuwen. De archeologische resten die bij deze perioden mogelijk zijn betreffen o.a. grondsporen van structuren zoals boerderijen, bijgebouwen, sloten, greppels en afvalkuilen, en vondsten van o.a. aardewerk, bot en metaal. Deze sporen kunnen in principe op of vlak onder het maaiveld worden aangetroffen. De bodem bestaat uit Bergbrikgronden, een afgetopte leemgrond. Hierbij is de oorspronkelijke top van de bodem (de A-horizont en E-horizont) geërodeerd en is de inspoelingslaag (Bt-horizont) overgebleven. Hierdoor is er enkel een verwachting voor dieper ingegraven sporen voor dit type bodem. Booronderzoek Er zijn mogelijke archeologische waarden in het gebied ter hoogte van boring 14 en 15 op 0,90 m onder maaiveld (146,93 m +NAP). Op deze locatie is een intacte bodem aangetroffen die is afgedekt met een colluviumlaag. In boringen 5 en 19 is een Bt-horizont aangetroffen op 0,5 en 0,2 m onder maaiveld (147,46 m en 149,50 m +NAP). In boringen 10, 12, 18 en 19 is er een onderkantje van de Bt-horizont aangetroffen op 0,4 tot 0,55 m onder maaiveld (148,93 tot 149,62 m +NAP). Op deze locaties kunnen archeologische waarden worden aangetroffen. Voor het deel van het plangebied waar geen Bt-horizont meer aanwezig is, kan de verwachting naar beneden toe worden bijgesteld naar laag. Op deze locaties is de kans dat er nog archeologische sporen aanwezig zijn, klein. Voor boorpunten 5, 10, 12, 14, 15, 18 en 19 blijft de archeologische verwachting behouden. Op deze locaties zijn archeologische sporen nog mogelijk aanwezig. Er geldt hier een middelhoge verwachting voor de periode Neolithicum t/m IJzertijd en een hoge verwachting voor de periode Romeinse tijd en Vroege Middeleeuwen. Advies Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek wordt geen grondroerende activiteiten dieper dan 0,2 meter onder maaiveld te verrichten ter hoogte van boringen 5, 10, 12, 14, 15, 18 en 19 (zie Bijlage 6). Mochten er diepere werkzaamheden worden uitgevoerd op deze locaties dan wordt er vervolgonderzoek aanbevolen. Geadviseerd wordt om een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek (IVO-P) uit te voeren. Voorafgaand aan het proefsleuvenonderzoek dient er een Programma van Eisen opgesteld te worden en te worden goedgekeurd door de bevoegde overheid. De Omgevingswet regelt dat in het geval van archeologische toevalsvondsten van algemeen belang, niet alleen de minister van OCW, maar ook de gemeente bevoegd is om bodemverstorende werkzaamheden stil te leggen. Dit rapport is opgeleverd aan de opdrachtgever en dient ter goedkeuring te worden voorgelegd aan de bevoegde overheid. Wij wijzen u erop dat de bevoegde overheid op basis van dit rapport een besluit neemt. De mogelijkheid bestaat dat dit besluit afwijkt van het door ons opgestelde advies.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2024-07-10



