Bergen – Afferden (L), Langstraat 30
收藏DANS Data Station Archaeology2008-11-10 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XS8-R3XB
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Op 30 maart 2008 verleende dhr. M. Zegers aan BILAN opdracht voor een archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek in het plangebied ‘Langstraat 30’ in Afferden in de gemeente Bergen (provincie Limburg).</p><p>Uit het bureauonderzoek bleek dat het plangebied volgens de IKAW op basis van de ligging in een gebied met hoge bruine enkeerdgronden langs een beekdal een hoge archeologische verwachting heeft. Indien ontstaan door plaggenbemesting, kunnen hoge bruine enkeerdgronden het oorspronkelijke bodemprofiel,en dus de mogelijk onderliggende archeologie, tegen diepe grondverstoringen beschermd hebben.<br>Wanneer geen sprake is van een plaggendek, maar van een vermengingslaag, zal de bodem veel gevoeliger zijn voor verstoring door bodemingrepen en zal het oorspronkelijke podzolprofiel door aftopping en verploeging zijn verdwenen, waardoor het bodemprofiel onder het humeuze dek direct overgaat in het moedermateriaal (C-horizont). In de omgeving van het plangebied zijn in vergelijkbare landschappelijke ligging sporen van bewoning aangetroffen uit de periode vanaf het Neolithicum. Relatief hoog gelegen gebieden langs een beekdal, zoals het plangebied, zijn van oudsher favoriete vestigingsplaatsen. Bekend is in ieder geval dat het noordwestelijke deel van het plangebied vanaf het begin van de negentiende eeuw bebouwd is geweest. Het zuidelijke deel van het plangebied, aan de voet van de Eckeltse dijk, was een relatief natte, laaggelegen zone. Door het grondverzet, dat aan het eind van de twintigste eeuw heeft plaatsgevonden, zal in ieder geval de humeuze bovengrond en mogelijk ook diepere lagen (plaatselijk) verstoord zijn geraakt. Op basis van het bureauonderzoek wordt aan hetplangebied een hoge archeologische verwachting voor archeologische waarden uit de periode vanaf het Neolithicum toegekend.</p><p>Het veldonderzoek bevestigde dat het zuidelijke deel van het plangebied een lager gelegen zone is die minder aantrekkelijk voor bewoning was. Er werden in deze zone geen aanwijzingen voor een archeologische vindplaats aangetroffen.</p><p>Het noordelijke deel van het plangebied is door grondverzet en (deels) ophoging aan het einde van de twintigste eeuw deels verstoord geraakt tot in de top van de C-horizont. Hierdoor is niet duidelijk of de aangetroffen vondsten uit het plangebied zelf afkomstig zijn, en dus kunnen duiden op een archeologische vindplaats ofwel van elders afkomstig zijn.</p><p>Omdat een groot deel van het plangebied verstoord is en slechts de gronden rondom de bestaande boerderij, die niet gesloopt zal worden, nog intact zijn, wordt een lage verwachting voor het aantreffen van onverstoorde archeologische waarden bij de realisatie van de nieuwbouw toegekend en wordt geen vervolgonderzoek aanbevolen. Dit selectieadvies moet, voordat bodemverstorende activiteiten plaatsvinden, door de verantwoordelijke overheid worden beoordeeld en worden onderschreven in een selectiebesluit. De aanwezigheid van archeologische resten of sporen kan op basis van het uitgevoerde onderzoek echter nooit geheel worden uitgesloten. Bij het aantreffen van archeologische vondsten of structuren, dient men, conform de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz), hiervan zo spoedig mogelijk melding te maken bij de bevoegde instanties.</p>
提供机构:
BILAN
创建时间:
2008-11-11



