five

Bureauonderzoek en Karterend booronderzoek Archeologie Plangebied P. Stuyvesantweg 109, Oldetrijne gemeente Weststellingwerf

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xnt-pn4g
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Hamaland Advies heeft in opdracht van de heer A. Witteveen een archeologisch Bureauonderzoek en Karterend booronderzoek uitgevoerd voor het plangebied P. Stuyvesantweg 109 te Oldetrijne, gemeente Weststellingwerf (zie Afbeelding 1 en bijlage 1) ten behoeve van de geplande nieuwbouw van een aardappelschuur. De oppervlakte van de nieuwbouw bedraagt 805 m² (0,08 hectare). De maximale verstoringsdiepte die aangegeven is bedraagt circa 80 cm-mv. De nieuwe schuur grenst aan de westzijde van de bestaande aardappelschuur.Voor de ontwikkeling dient het een omgevingsvergunning te worden aangevraagd. Voorafgaand aan de graafwerkzaamheden, dient een archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden conform de Wet op de archeologische monumenten zorg (Wamz). Op de gemeentelijke waardenkaart heeft het plangebied een lagere verwachtingswaarde voor de periode Steentijd-Bronstijd en een hoge verwachtingswaarde vanaf de IJzertijd en later, vanwege de ligging in een oude ontginningsas. Op grond van deze hoge verwachting is inventariserend veldonderzoek noodzakelijk bij bodemingrepen groter dan 500 m². Gemeentelijk beleid is dat advieskaarten geraadpleegd moeten worden bij voorziene bodemingrepen in het kader van een aanvraag voor een omgevingsvergunning of een bestemmingsplanwijziging. Vanwege deze verwachting dient conform de gemeentelijke richtlijnen een historisch en verkennend onderzoek te worden uitgevoerd. Het door Hamaland Advies uitgevoerde onderzoek bestaat uit een KNA conform Bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek door middel van boringen (karterende fase).Conclusie BureauonderzoekOp grond van de bestudeerde bronnen kan geconcludeerd worden dat het plangebied in principe een hoge archeologische verwachting kent voor vindplaatsen van steentijdsamenlevingen als van landbouwende samenlevingen. Door waarnemingen in de directe omgeving van het plangebied is het aannemelijk dat er mogelijk archeologische vindplaatsen aanwezig zullen zijn (zie tabel 3). Derhalve geldt een verhoogde trefkans op vindplaatsen uit de periode IJzertijd en de periode Middeleeuwen tot en met de Nieuwe Tijd. In de periode tussen de Steentijd en de vroege Middeleeuwen is het plangebied door veenvorming niet of minder geschikt geweest voor bewoning. Dit moet aangetoond worden door middel van karterend booronderzoek.VeldonderzoekDe onderzoeksresultaten komen overeen met de verwachtingen uit het bureauonderzoek. Er is sprake van een dunne bouwvoor op een ondergrond van dekzand, zoals werd verwacht. Oorspronkelijk was sprake van een intacte veldpodzol die door moderne grondbewerking (ploegen, frezen, mengwoelen) grotendeels verloren is gegaan. Daardoor wordt de hoge archeologische verwachting uit het bureauonderzoek niet bevestigd met het veldonderzoek. Met de grondwerkzaamheden zijn eventuele archeologische vindplaatsen uit zowel de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd als de Steentijd hoogstwaarschijnlijk verloren gegaan.SelectieadviesVanwege het grotendeels ontbreken van een intacte bodemopbouw en het ontbreken van archeologische cultuurlagen of archeologisch relevante indicatoren achten wij vervolgonderzoek door middel van waarderende boringen of proefsleuven niet noodzakelijk.VoorbehoudBovenstaand advies vormt een zogenaamd selectieadvies. Met nadruk wijst Hamaland Advies erop dat dit selectieadvies nog niet betekent dat reeds bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek zullen namelijk eerst moeten worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Weststellingwerf), die vervolgens een selectiebesluit neemt of vervolgonderzoek noodzakelijk is of niet.SelectiebesluitHet selectieadvies is voorgelegd worden aan de opdrachtgever, het bevoegd gezag (Gemeente Weststellingwerf, dhr. R. Hekman) en diens adviseur (drs. A. Mennens-van Zeist), archeoloog bij Steunpunt Monumentenzorg Fryslân. Op 31 januari 2015 heeft mevrouw Mennens-van Zeist het advies beoordeeld en op tekstuele aanpassingen die in deze versie 2.0 zijn verwerkt, onderschreven.Zij adviseert de gemeente Weststellingwerf om het selectiebesluit te nemen dat nader archeologisch onderzoek niet noodzakelijk is vanwege het ontbreken van een intacte bodemopbouw of relevante archeologische indicatoren. Wel moet bij het afgeven van de omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 53 Monumentenwet 1988) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de gemeente Weststellingwerf (dhr. R. Hekman) of de provinciaal archeoloog. Mevrouw A. Mennens-van Zeist, als adviseur van de gemeente, kan de vondstmelding vervolgens invoeren in de database van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort.
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务