five

Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van een Brede School aan de Knotwilg (ong.) te Almkerk, gemeente Woudrichem

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-x2p-hdr9
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft een archeologisch bureau- en veldonderzoek uitgevoerd voor een plangebied aan de Knotwilg (ong.) te Almkerk, gemeente Woudrichem. Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 1,1 hectare en is in gebruik als schoolgebouw, parkeerplaats en tennisbaan. Binnen het plangebied wordt een nieuw schoolgebouw gerealiseerd; de exacte inrichting staat nog niet vast. Gezien de aard van de ingrepen (nieuwbouw schoolgebouw, aanleg nutsvoorzieningen, etc.) zullen de geplande verstoringen naar verwachting tot in de archeologisch relevante niveaus reiken. Voorafgaand aan de ontwikkelingen dient in het kader van de bestemmingsplan wijziging in kaart gebracht te worden welke archeologische waarden mogelijk in het geding zijn. Volgens de gemeentelijke archeologische beleidskaart ligt het plangebied in een zone met een hoge archeologische verwachting. De hoge archeologische verwachting is gebaseerd op de ligging van de Almkerk stroomgordel. De stroomgordelafzettingen worden verwacht vanaf een diepte van 0,5 tot 1,5 m –mv. In het Bestemmingsplan WAAU2017 van de gemeente Woudrichem is voor het plangebied een dubbelbestemming Waarde - Archeologie 3 opgenomen. Hiervoor geldt dat archeologisch vooronderzoek verplicht is bij bodemingrepen met een oppervlakte van meer dan 100 m2 en dieper dan 30 cm beneden maaiveld. Het bureauonderzoek laat zien dat binnen het plangebied archeologische waarden uit de periode vanaf de Romeinse Tijd tot aan de Nieuwe Tijd kunnen worden aangetroffen op de oever- en geulafzettingen van de Alm(kerk) stroomrug. Deze resten kunnen vrijwel direct aan het maaiveld worden aangetroffen. De mogelijke archeologische sporen en vindplaatsen kunnen bestaan uit grondsporen van structuren zoals boerderijen, bijgebouwen, sloten, greppels en afvalkuilen, en vondsten van bijvoorbeeld aardewerk, bot en metaal. Op basis van historisch kaartmateriaal zijn er geen aanwijzingen dat binnen het plangebied sprake is van bebouwing in de Late Middeleeuwen/Nieuwe Tijd, maar archeologische sporen of vondsten uit deze periode kunnen ook niet geheel worden uitgesloten. De kans hierop wordt als laag tot middelhoog ingeschat. Eventuele sporen van bewoning of landgebruik in de Nieuwe Tijd zoals sporen van verkaveling en grondgebruik kunnen op of vlak onder het maaiveld worden aangetroffen.Tijdens het veldonderzoek is binnen het plangebied een bodemopbouw uit vier delen waargenomen. Onderin is beddingzand aangetroffen, daarboven zijn restgeulafzettingen aangetroffen en daarboven is komklei aanwezig. De natuurlijke afzettingen zijn afgetopt en vervangen door bouwzand. Bij de bouwwerkzaamheden zullen eventuele archeologische waarden uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe Tijd verstoord zijn geraakt. De archeologische verwachting voor eerdere archeologische periodes kan worden bijgesteld naar laag vanwege de lithologie en (de afwezigheid van) bodemopbouw van het sediment. Het plangebied lag voornamelijk in een restgeul; deze was bij hoogwaterstanden watervoerend. Bij laagwaterstand lag het plangebied nog steeds onder water getuige de aanwezigheid van veenlaagjes.Concluderend kan gesteld dat er binnen het plangebied geen begraven bodems zijn aangetroffen. Daarnaast is de toplaag vergraven in de recente tijd. Hierbij zullen eventuele archeologische waarden uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe Tijd verstoord zijn geraakt. Gezien de aangetroffen bodemopbouw kan worden gesteld dat de kans op het aantreffen van een (intacte) archeologische vindplaats zeer klein is. AdviesOp basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) kan gezien de aangetroffen bodemopbouw worden gesteld dat de kans op het aantreffen van een (intacte) archeologische vindplaats klein is. De archeologisch relevante lagen zijn in de (sub)recente tijd verstoord geraakt. De archeologische verwachting voor het plangebied kan daarom worden bijgesteld naar ‘laag’. Vestigia Archeologie en Cultuurhistorie adviseert dan ook geen vervolgstappen in het kade van de Archeologische Monumentenzorg.Het bevoegd gezag, de gemeente Woudrichem, dient op basis van de uitkomsten van dit rapport en het bovenstaand advies van Vestigia een selectie besluit te nemen (wel/niet vervolg, en zo ja, in welke vorm). Wanneer het bevoegd gezag besluit dat vervolgonderzoek niet noodzakelijk is en het plangebied wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Woudrichem, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务