Schoonhovenseveer 1 te Groot-Ammers, gemeente Molenlanden Een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek
收藏DataCite Commons2026-05-08 更新2026-05-10 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/WHMTEJ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Op basis van het bureauonderzoek is een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld.
Hieruit volgt dat in het plangebied op verschillende niveaus archeologische resten aanwezig
kunnen zijn. Het diepste niveau betreft de top van de pleistocene afzettingen. Hier kunnen
archeologische resten uit het Mesolithicum en/of Neolithicum aanwezig zijn. De top van deze laag
wordt verwacht op circa 11 m -NAP. Op basis van de diepteligging van dit niveau en de
grondwatercurve die voor de omgeving van het onderzoeksgebied is opgesteld, kan ervan worden
uitgegaan dat dit niveau reeds in het Laat-Mesolithicum is verdronken. Aan het pleistocene niveau
wordt daarom een lage archeologische verwachting toegekend.
Het niveau hierboven betreft de top van de oude rivierafzettingen (gevormd vóór het ontstaan van
de huidige Lek). In theorie kunnen hierop resten vanaf het Laat-Mesolithicum aanwezig zijn, maar
verwacht wordt dat deze afzettingen zijn geërodeerd tijdens latere rivieractiviteiten. Daarom wordt
aan dit niveau eveneens aan lage archeologische verwachting toegekend.</p><p>
Aan de oever- en crevasseafzettingen van de Lek wordt een middelhoge archeologische
verwachting voor resten uit de periode Romeinse tijd t/m Vroege Middeleeuwen toegekend. De top
van deze afzettingen is vanaf circa 1,25 m +NAP aan te treffen. Vanaf de Volle Middeleeuwen werd
het landschap ontgonnen en werd de rivier voorzien van doorgaande dijken. Vanaf deze periode
lag het plangebied buitendijks, in de uiterwaarden. Sporen van bewoning worden daarom niet
verwacht. Wel kunnen sporen van landgebruik aanwezig zijn. Uit een vergelijking van de
maaiveldhoogte van het bedrijfsterrein met de maaiveldhoogte van de onbebouwde delen van de
uiterwaarden, afgeleid uit het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN4), komt naar voren dat het
terrein circa 1,0 tot 1,5 m is opgehoogd. Op basis van oude kaarten en foto’s kan worden
aangenomen dat deze ophoging in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw ten behoeve van
de bouw van de betonfabriek heeft plaatsgevonden. Daarbij is ten behoeve van de aanleg van een
kade tevens na het plaatsen van een damwand een deel van de bedding van de Lek aangeplempt
met blokken beton, puin en zand. In deze lagen of pakketten zijn geen in situ archeologische resten
aan te treffen.</p><p>
Om bovenstaande verwachting te toetsen en aan te vullen is in het plangebied een verkennend
booronderzoek uitgevoerd. Het booronderzoek bestond uit twee boringen en beperkte zich tot één
bouwlocatie, omdat de plannen voor de overige locaties nog niet bekend waren. Een tweede
bouwlocatie die op de kade is gesitueerd, is niet onderzocht. In dit deel van het plangebied werd
het vanwege in het verleden gestort puin niet mogelijk geacht om boringen te verrichten. </p><p>
In de boringen die ter plaatse van de bouwlocatie zijn uitgevoerd, werd vastgesteld dat de
natuurlijke ondergrond wordt gevormd door afzettingen van de Lek (Formatie van Echteld). Deze
bestaan, van onder naar boven gezien, uit beddingzand afgedekt door geulafzettingen. Hierboven
ligt in een dik pakket uiterwaardafzettingen. In deze afzettingen is een sterk gerijpt niveau
aanwezig, respectievelijk op 200 cm -mv (1,0 m +NAP) en 220 cm -mv (0,80 m +NAP). Dit
representeert vermoedelijk een oud maaiveldniveau uit de periode na de bedijking van de Lek in de
Late Middeleeuwen. De bovengrond bestaat uit (sub)recent opgebrachte grond afgedekt door een
laag verharding. De top van de natuurlijke afzettingen is verstoord door bodemingrepen die
samenhangen met de bouw de huidige betonfabriek. Deze verstoringen reiken tot 135 à 195 cm -
mv (respectievelijk 1,60 en 1,05 m +NAP).</p>
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2026-04-30



