Wijkseweg 3, 7 en 7A, Terwolde (gemeente Voorst)
收藏DANS Data Station Archaeology2024-04-29 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/5FCVVF
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
ADC ArcheoProjecten heeft in de periode oktober 2023 tot en met maart 2024 een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek uitgevoerd op de locatie Wijkseweg 3, 7 en 7A in Terwolde, gemeente Voorst. Op basis van het bureauonderzoek is een gespecificeerde verwachting opgesteld. Het plangebied is gelegen op een oeverwal van de Gelderse IJssel, een relatief jonge aftakking van de Rijn. Op grond van de vormingsgeschiedenis van deze rivierloop die tussen 600 en 950 na Chr. aanving, moet in de aanwezige oeverafzettingen rekening worden gehouden met archeologische resten uit de Middeleeuwen en/of de Nieuwe tijd. Het is aannemelijk dat vorming van de oeverwal gepaard ging met erosie van het onderliggende pleistocene dekzand, waardoor oorspronkelijk in de top aanwezige oudere resten niet bewaard zijn gebleven. Een middeleeuws of nieuwetijds niveau zal zich manifesteren als een cultuurlaag, een omgewerkte kleilaag waarin archeologische indicatoren en vondsten zoals aardewerk, baksteen, houtskool en bot aanwezig zijn. Deze laag zal zich in de top van de oeverafzettingen, direct onder de bouwvoor of een (sub)recente ophogingslaag, bevinden. Onder een cultuurlaag kan zich een sporenniveau bevinden. Eventuele sporen kunnen verband houden met bewoning en/of landbouwactiviteiten. In spoorvullingen zullen anorganische resten goed bewaard zijn gebleven, organische of botanische resten zullen afhankelijk van de ligging ten opzichte van de grondwaterspiegel matig tot redelijk bewaard zijn gebleven. Specifiek voor het centrale deel van het plangebied geldt dat op basis van historische gegevens rekening dient te worden gehouden met de fundamenten van een korenmolen uit 1854/1896 en een loods of schuur die hier tot 1973 hebben gestaan. In het overige deel van het plangebied worden geen resten van historische bebouwing in de bodem verwacht. In het zuidelijk deel van het plangebied moet rekening worden gehouden met egalisaties en ontgravingen die verband houden met de aanleg van funderingen van de huidige bebouwing (in het bijzonder de halfverdiepte kantoorruimte), kabels en leidingen. In het noordelijk deel worden enkel ondiepe verstoringen verwacht die samenhangen met het agrarisch gebruik. Om deze verwachting te toetsen en aan te vullen is een verkennend booronderzoek uitgevoerd. Daarbij is vastgesteld dat de ondergrond uit een opeenvolging van pakketten kalkrijke, matig tot uiterst siltige klei en kalkrijk, sterk siltig, zeer fijn zand bestaat. Genoemde afzettingen zijn als oeverafzettingen (Formatie van Echteld) te interpreteren en houden verband met de Gelderse IJssel. In het uiterste zuiden (boring 11) is in de diepere ondergrond kalkrijk, zwak siltig, matig grof zand aangetroffen. Dit betreft mogelijk een geulafzetting van betreffend riviersysteem. Het bovenste deel van de oeverafzettingen wordt als een archeologisch relevant niveau beschouwd. De bovenkant van het niveau is op 35 tot 75 cm -mv (circa 5,00 tot 4,60 m +NAP) vastgesteld. Na uitvoering van het verkennend booronderzoek geldt, met uitzondering van de halfverdiepte kantoorruimte, voor het gehele plangebied onverminderd een hoge verwachting voor resten uit de Late Middeleeuwen en/of Nieuwe tijd en voor het centrale deel een specifieke verwachting op het aantreffen van resten van een 19e-eeuwse korenmolen.
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2024-01-01



