Transect-rapport 1018: Archeologische Begeleiding. Nieuwegein, Margrietstraat-Wilhelminastraat. Gemeente Nieuwegein (UT).
收藏Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xjk-mzvq
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In april 2016 is een archeologisch onderzoek uitgevoerd in een plangebied in Vreeswijk, op de hoek van de Margrietstraat en de Wilhelminastraat te Nieuwegein (gemeente Nieuwegein). Aanleiding hiertoe vormt de realisatie van drie te bouwen woningen en een garage langs de Wilhelminastraat. Voorafgaand aan de archeologische begeleiding heeft een vooronderzoek plaatsgevonden in de vorm van een gecombineerd bureau- en booronderzoek (verkennende fase; Hanemaaijer 2012). Uit dit onderzoek bleek dat in het plangebied mogelijke twee archeologische niveaus aanwezig kunnen zijn (respectievelijk de periodes Meso-/Neolithicum en de Middeleeuwen). Hanemaaijer heeft hierop geadviseerd een archeologische begeleiding (conform protocol opgraven) uit te laten voeren. Dit om de geschetste verwachtingen te kunnen toetsen, waarbij - indien aanwezig - archeologische resten direct worden gedocumenteerd. De gemeente heeft hiermee ingestemd. Landschappelijk gezien ligt het plangebied in het Midden-Nederlands rivierengebied, ter hoogte van de Benschopstroomgordel die gedurende het Meso- en Neolithicum zandige afzettingen in het plangebied heeft afgezet (momenteel liggen deze afzettingen op 4-7 meter -Mv). Hierop zijn, gedurende de IJzertijd (vanaf ca. 600 voor Chr.), vanwege een opnieuw toenemende invloed van de rivieren komafzettingen afgezet. Wel zal de top van de komafzetting zijn omgewerkt en/of afgedekt door (historische) ophogingslagen. Het plangebied bevindt zich immers cultuurhistorisch gezien binnen de historische kern van Vreeswijk; een dorp dat is ontstaan uit een vesting dat in de 15e eeuw als versterking van een (14e-eeuwse) houten sluis diende. Resultaten Uit de resultaten van de archeologische begeleiding blijkt dat de archeologische verwachting, gebaseerd op het vooronderzoek, grotendeels is bevestigd. In het plangebied zijn diverse ophogingslagen, sporen en vondsten uit de Late-Middeleeuwen en Nieuwe tijd aanwezig, die verband houden met de historische dorpskern van Vreeswijk. Wel zijn ook grootschalige verstoringen aanwezig die ontstaan zijn door de (recente) sloop van woningen. De ophogingslagen laten een relatief eenduidige tijdsverloop zien. De aangesneden lagen en sporen dateren op basis van het vondstmateriaal en stratigrafische positie vanaf de Nieuwe tijd A (laatste kwart 16e eeuw) tot in de Nieuwe tijd C (19e/20e eeuw). In de ophogingslagen zijn muurresten gevonden, waarbij twee verschillende oriëntaties zijn waargenomen. Daarnaast zijn de restanten van een houten tonput, een mogelijke haardvloer of de bodem van een bakstenen (afval)put, een forse eikenhouten staander, twee kleinere houten palen en een beschoeide sloot aangetroffen. Het vondstmateriaal bestaat met name uit: gebruiksaardewerk van diverse baksels (roodbakkend, steengoed, witbakkend, majolica, maar ook porselein en industrieel wit), pijpaardewerk en bouwmateriaal (tegels, baksteen). De kleinere vondstcategorieën betreffen dierlijk bot (met name rund), metaal (spijkers), een fragment van een leren schoen en een natuurstenen rechthoekige blok dat als poer gediend kan hebben. Hoewel het vondstmateriaal goed in het beeld past van een historische kern (nederzettingsresten), is het materiaal voornamelijk afkomstig uit de genoemde historische ophogingslagen. Het materiaal kan daarom goed van elders zijn aangevoerd, waardoor geen directe link met de voormalige gebruikers van het plangebied te maken is.
创建时间:
2024-01-31



