five

Archeologisch bureauonderzoek Kamerlingh Onnesweg 268 te Hilversum, gemeente Hilversum (NH)

收藏
DataCite Commons2025-11-28 更新2026-04-25 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/KORQYO
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Laagland Archeologie heeft in december 2023 een Archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd aan de Kamerlingh Onnesweg 268 te Hilversum. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de nieuwbouw van woningen. Het onderzoek is uitgevoerd conform protocol SIKB KNA 4002. Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.</p><p> Het plangebied ligt aan de voet van een stuwwal. Geomorfologisch ligt het plangebied op een smeltwaterwaaier. Bodemkundig zijn in het plangebied voornamelijk haarpodzolgronden in grof zand te verwachten. Op grond van de bodemkaart is podzolvorming te verwachten met een dunne A-horizont en een grijze E-horizont. Op basis van milieukundig bodemonderzoek is echter een stedelijke ophooglaag (0-1,0 m -mv) aangetroffen met bijmengingen met puin, sintels en slakken. Onder deze ophooglaag bestaat de ondergrond uit fluvioglaciale afzettingen. Er zijn geen sporen van bodemvorming (bodemhorizonten) aangetroffen die representatief zijn voor het oorspronkelijke bodemtype dat binnen het plangebied te verwachten is.</p><p> In de omgeving van het plangebied zijn archeologische resten uit de Bronstijd en de Late Middeleeuwen - Nieuwe Tijd bekend. Resten uit deze periode kunnen ook in het plangebied worden verwacht. In historische tijden (vanaf circa 1832) werd het terrein omschreven als heide. Uit oude kaarten blijkt dat rekening is te houden met bodemverstoring als gevolg van bebouwing vanaf 1966. Op basis van het uitgevoerde bureauonderzoek zijn funderingen en kruipruimten tot 123 cm – Peil (113 cm -mv) aanwezig onder de huidige bebouwing. De toekomstige bebouwing wordt precies binnen de contour van de huidige bebouwing gebouwd, waarbij de funderingen en kruipruimten niet dieper dan de huidige bebouwing worden aangelegd. Bovendien wordt riool- en leidingwerk gegraven tot ca. 60 – 80 cm -mv op het nieuw te verharden buitenterrein aangelegd. Afgezien dat de bodemingrepen op het buitenterrein qua oppervlakte relatief verwaarloosbaar zijn, wordt er niet gegraven tot onder de aanwezige ophoging. De ophoging is conform de Wet Bodembescherming ernstig verontreinigd, maar kan onder bepaalde voorwaarden worden hergebruikt op het terrein. Als bij de voorgenomen ontgravingen niet aan de voorwaarden kan worden voldaan, dient het terrein te worden gesaneerd.</p><p> Om deze reden adviseren we geen vervolgonderzoek uit te voeren en het plangebied vrij te geven. </p><p> We adviseren in de omgevingsvergunning wel voorwaarden omtrent archeologie op te nemen. Deze voorwaarden zijn bedoeld om mogelijk aanwezige archeologische waarden te beschermen. Als bij de aanvraag van een omgevingsvergunning blijkt dat dieper dan de ophogingslaag gegraven wordt (80 cm -mv, waarbij een veiligheidsmarge van 20 cm wordt aangehouden), terwijl de ondergrens qua oppervlakte (100 m2) wordt overschreden, dient alsnog archeologisch vervolgonderzoek uitgevoerd te worden in de vorm van een proefsleuvenonderzoek.</p><p> De implementatie van dit advies is in handen van de gemeente Hilversum, hierin vertegenwoordigd door de archeologisch adviseur van de gemeente, mevrouw Annette Koenders. </p><p> Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-11-25
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务