Archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, door middel van boringen Overakker 14 te Mierlo (gemeente Geldrop-Mierlo) AM24450
收藏DataCite Commons2026-02-16 更新2025-05-10 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/ICEFL2
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In de periode oktober – november 2024 is door Aeres Milieu, in opdracht van D. Swinkels, een archeologisch bureau- en
verkennend booronderzoek uitgevoerd aan de Overakker 14 te Mierlo (gemeente Geldrop-Mierlo). Het plangebied heeft een
oppervlakte circa 295 m2.</p><p>
Aanleiding voor het laten uitvoeren van dit bodemonderzoek betreft een omgevingsplanactiviteit (OPA) ten behoeve van de
(her)ontwikkeling van de locatie. Men is voornemens een extra woning te bouwen. De diepte van de toekomstige
bodemverstoring is op dit moment onbekend, maar uitgaande van de aanleg van bouwputten voor de voorgenomen nieuwbouw
zal de bodem waarschijnlijk tot in het archeologische niveau worden verstoord. Er wordt vooralsnog uitgegaan van een standaard
funderingsdiepte zonder onderkeldering en met een bodemverstoring van ten minste 0,8 - 1,0 meter beneden maaiveld.
De onderzoekslocatie ligt volgens de Archeologische Beleidskaart van de gemeente Geldrop-Mierlo (Interactieve erfgoedkaart
van Geldrop-Mierlo, 2012) in een zone met Beleidscategorie 2: gebied van archeologische waarde. Binnen het bestemmingsplan
Buitengebied Geldrop-Mierlo (2010) geldt de dubbelbestemming Waarde – Archeologie 1. Voor deze zone geldt een
onderzoeksplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 100 m2 en een verstoringsdiepte vanaf 30 centimeter onder
maaiveld. De gemeente heeft middels deze kaart aangegeven dat er een archeologische onderzoeksplicht geldt.</p><p>
Het plangebied bevindt zich op de overgang van de hoger gelegen dekzandruggen, ten noorden van het plangebied, naar het
lager gelegen beekdal van de Kasteelse Waterloop, bijna direct ten zuiden van het plangebied. Binnen het plangebied is er dus
sprake van een gradiëntzone. Voor het plangebied geldt een hoge verwachting voor de periode laat-paleolithicum –
mesolithicum vanwege de gunstige landschappelijke ligging.
Het plangebied ligt op de zuidelijke flank van een hoger gelegen zone van dekzandruggen nabij watervoorzieningen. De ligging
van het plangebied op een gradiëntzone zal ook voor latere landbouwende samenlevingen een aantrekkelijke vestigingsplaats
zijn geweest. Om deze redenen geldt er een hoge verwachting voor de periode neolithicum – vroege middeleeuwen.</p><p>
Het plangebied ligt aan de weg Overakker. Het stond vroeger bekend als de Bennedonksche Hoeven. Deze hoeve was in 1315
al in bezit van de heer van Mierlo lag aan de splitsing van de weg Overakker, op 60 meter ten westen van het plangebied. De
hoeve was mogelijk als kasteelboerderij in gebruik, behorend bij het middeleeuwse Cleijn Slotje. Het slotje werd eind 15e eeuw
genoemd en zal gedurende het einde van de 17e eeuw zijn verdwenen. De locatie is niet bekend. Direct ten noordoosten van
het plangebied werden tijdens een proefsleuvenonderzoek in 2016 de resten aangetroffen van een grachtenstelsel dat ook door
het plangebied heeft kunnen lopen. Op basis van historische kaarten was er sinds tenminste begin 19e eeuw een boerderij
aanwezig in het noordelijke deel van het plangebied. Deze verdwijnt begin 20e eeuw, waarna er in tenminste drie fasen nieuwe
bebouwing werd gerealiseerd en weer gesloopt. Binnen het plangebied wordt historische bebouwing verwacht. Het gaat hierbij
om resten van de 19e-eeuwse hoeve die terug kan gaan tot de late middeleeuwen of voorgangers uit de periode kan hebben,
mogelijk zelfs het Cleijn Slotje. Daarbij kunnen ook resten worden verwacht van de omgrachtingen van dit versterkte goed.</p><p>
Op basis van het uitgevoerd verkennend veldonderzoek middels boringen kan worden gesteld dat de in het bureauonderzoek
omschreven verwachte enkeerdgronden niet in het plangebied aanwezig zijn. De bodemopbouw binnen het plangebied bestaat
uit een scherp AC-profiel. Er zijn geen sporen aangetroffen van een oorspronkelijke podzolbodem. Dit is vermoedelijk het gevolg
van het (historische) gebruik van het plangebied en de voormalige aanwezigheid van meerdere (historische) bebouwing. Op
basis van deze gegevens is de archeologische verwachting voor het aantreffen van archeologische resten voor de perioden (laatpaleolithicum
– vroege middeleeuwen) bijgesteld van hoog naar laag.</p><p>
Voor de daaropvolgende periode van meer sedentaire bewoningsvormen met robuustere sporen kan worden gesteld dat deze
naar verwachting nog goed aangetroffen kunnen worden en blijft de hoge verwachting voor de periode late middeleeuwen –
nieuwe tijd gehandhaafd. In het plangebied wordt mogelijk een gracht verwacht behorende tot ‘Het Cleijn Slotje’.</p><p>
Op basis hiervan wordt voor het plangebied een vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een IVO-P
(proefsleuvenonderzoek). Omwille van de beperkte omvang van het terrein zou dit kunnen plaatsvinden in de variant
archeologische begeleiding van het bouwvlak. Voor het overige deel van het plangebied (zone plangebied buiten de te realiseren
woning) zal een archeologische dubbelbestemming van kracht zijn. Gezien het potentieel verstoorde karakter van het plangebied
evenals de beperkte omvang van het te verstoren deel is het aan de bevoegde overheid om hieromtrent een beslissing te nemen
en al dan niet akkoord te gaan met een vervolgonderzoek.</p>
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-04-17



