Utrecht, Leidseweg. Inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven
收藏DANS Data Station Archaeology2016-02-01 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZNC-UYA7
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Vink Aannemingsmaatschappij heeft BAAC bv (onderzoeks- en adviesbureau voor Bouwhistorie, Archeologie, Architectuur- en Cultuurhistorie) te ‘s-Hertogenbosch een Inventariserend Veld Onderzoek door middel van proefsleuven (IVO-p) uitgevoerd in plangebied Leidseweg te Utrecht. Het plangebied ligt in het centraal-westelijke deel van de bebouwde kom. Directe aanleiding tot het onderzoek is de voorgenomen nieuwbouw binnen het plangebied. Reeds in 2008 is door BAAC bv een bureau- en booronderzoek uitgevoerd op grond waarvan voor het plangebied in eerste instantie een hoge verwachting werd uitgesproken voor bewoning en begraving vanaf de late prehistorie tot en met de late middeleeuwen. Deze verwachting is op basis van de opnieuw geïnterpreteerde riviersystemenkaart uit 2012 bijgesteld tot een lage verwachting voor de perioden tot en met de Romeinse tijd, een lage tot middelhoge verwachting voor de vroege middeleeuwen tot en met de late middeleeuwen-A en een hoge verwachting voor de late middeleeuwen-B tot en met de nieuwe tijd. Uit het proefsleuvenonderzoek is gebleken dat de bodemopbouw binnen het onderzoeksgebied bestaat uit oeverwalafzettingen op beddingafzettingen, afgedekt door een verstoord/opgebracht pakket. De oeverwalafzettingen bestaan uit uiterst siltrijk fijn zand tot sterk tot uiterst siltige klei. De top van de oeverwalafzettingen is binnen het gehele plangebied verstoord. Desalniettemin kan worden geconcludeerd dat het maaiveld zo rond de 1,2 m + NAP moet hebben gelegen. In tegenstelling tot bij het vooronderzoek zijn ergeen komafzettingen aangetroffen. Het gehele pakket oeverwalafzettingen bevat relatief veel spikkeltjes baksteen, houtskool en kachelslak. Het betreft antropogeen materiaal dat als gevolg van bioturbatie waarschijnlijk vanuit de oude bouwvoor in de oeverwalafzettingen terecht is gekomen. Onder het pakket oeverwalafzettingen is op een gemiddelde hoogte van 0,55 m + NAP beddingzand van de kronkelwaard aangetroffen, behorende tot de middeleeuwse fase van de Oude Rijn. Tussen het beddingzand en de oeverwalafzettingen is een maximaal 20 cm dikke overgangslaag aangetroffen. Er is bij het onderzoek slechts één grondspoor aangetroffen. Het betrof de resten van een ingegraven houten ton met ijzeren hoepels. Gezien een enkel scherfje industrieel witbakkend aardewerk dat in het spoor is aangetroffen, moet het spoor gedateerd worden ná 1850. Het spoor bevond zich in proefsleuf 4, in het noordoosten van het onderzoeksgebied. Het lijkt zeer waarschijnlijk dat het spoor verband houdt met de in 1849 hier aanwezige bebouwing zoals zichtbaar op de kaart van Van den Bosch uit dat jaar. Andere sporen die wijzen de aanwezigheid van deze bebouwing zijn niet aangetroffen. Op grond van met name de beperkte informatieve waarde wordt de vindplaats niet behoudenswaardig geacht en adviseert BAAC bv geen vervolgonderzoek uit te voeren.</p>
提供机构:
BAAC bv
创建时间:
2016-02-02



