five

Bureauonderzoek en Verkennend Booronderzoek Archeologie Plangebied Doetinchemseweg 11 te Kilder Gemeente Montferland

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-x6v-an4h
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Hamaland Advies heeft in opdracht van Buro Ontwerp & Omgeving, ten behoeve van de sloop en nieuwbouw van woningen, een bureauonderzoek en een archeologisch verkennend booronderzoek uitgevoerd voor het plangebied Doetinchemseweg 11 te Kilder. In totaal zullen er drie woningen gerealiseerd worden en zal het gehele plangebied opnieuw ontwikkeld worden. Waar de nieuwe woningen komen te staan is nog onbekend. In totaal heeft het onderzoeksgebied een omvang van 9.500 m².Volgens de archeologische beleidskaart ligt het plangebied in drie verwachtingszones. De eerste zone komt voor langs de noordelijke en westelijke grens van het plangebied en heeft een lage archeologische verwachting (AWV categorie 8). De tweede zone, in het noordoostelijke deel, heeft een middelmatige archeologische verwachting (AWV categorie 7). Tot slot is langs de oostelijke en westelijke grens een bekende archeologische vindplaats aanwezig, met een attentiezone van 50 meter (AWG categorie 3). De ‘kern’ van deze vindplaats bevindt zich in de zuidoostelijke hoek van het plangebied. Bij meerdere archeologische verwachtingen is de hoogste waarde leidend. Dat betekend dat archeologisch onderzoek uitgevoerd moet worden bij bodemingrepen dieper dan 30 cm-mv of dieper dan de bekende bodemverstoring, en bij plangebieden groter dan 100 m2.Conclusie bureauonderzoekHet plangebied bevindt zich op dekzandwelvingen of een dekzandvlakte. Dergelijke gebieden zijn vanaf het Laat-Paleolithicum gunstig zijn geweest voor bewoning door jagers-verzamelaars. Het gebied was in principe tevens geschikt voor bewoning en het bedrijven van akkerbouw vanaf het Laat Neolithicum. Vondsten en sporen die verwacht kunnen worden voor de periode van de Steentijd zijn losse vuursteenstrooiingen en haardkuilen. Van landbouwende samenlevingen zijn nederzettingssporen te verwachten met paalkuilen, paalsporen, afvalkuilen, erfgreppels, zandpaden etc. Mobilia bestaan o.a. uit aardewerkscherven, slakmateriaal, bewerkt natuursteen, verbrande leem, houtskoolfragmenten.De verwachting voor vondsten vanaf de Late Middeleeuwen wordt hoog geacht. De vondsten die worden verwacht zijn losse(strooi)vondsten en mogelijk archeologische resten die in verband staan met bewoning van het erf uit de Nieuwe Tijd. Hierbij kan gedacht worden aan afvaldumps en oudere voorgangers van de op de Kadastrale kaart aangegeven boerderij. Mogelijk zijn er ook vondsten te verwachten die gerelateerd kunnen worden aan de nabijgelegen katerstede Leeuwerikskamp. Deze resten kunnen bestaan uit gewaarde erven, oude zandpaden en akkersystemen.Uit het bouwdossieronderzoek blijkt dat de in het plangebied aanwezige bebouwing tot een bodemverstoring van minstens 80 cm-mv geleid heeft. Een aantal van de stallen zijn dieper gefundeerd, tot een diepte van minimaal 125 cm-mv en maximaal 175 cm-mv. Uit de bouwdossiergegevens blijkt dus dat de archeologisch relevante lagen ter plaatse van alle bebouwing verstoord zijn.Conclusie veldonderzoekAlle boringen laten een bodemverstoring zien tot circa 20 centimeter in de C-horizont. De percelen zijn in het verleden diepgeploegd om een snelle afwatering te bevorderen. In boring 2, 4, 5 en 6 is de oorspronkelijke eerdlaag vermengd met de oorspronkelijke bodem (C-horizont) en in een tweetal boringen is ook de B-horizont (inspoelingslaag) ermee vermengd geraakt. In boring 1 is sprake van een Ap>A>C-profiel, waarbij de laagovergang tussen de oorspronkelijke eerdlaag (A-horizont) en de C-horizont scherp is. In boring 3 is sprake van een Ap>C-profiel.De overgangen tussen de afzonderlijke horizonten zijn bij alle boringen scherp als gevolg van diepploegen. In geen van de boringen is de top van de C-horizont nog intact. Het dekzand van de Formatie van Boxtel is aangetroffen op een minimale diepte van 55 cm-mv (boring 2) en een maximale diepte van 130 cm-mv (boring 1). Hierboven zijn alleen antropogeen beïnvloede lagen aanwezig. Het in boring 1 aangetroffen restant van de oorspronkelijke eerdlaag bevind zich op een diepte tussen 110 en 130 cm-mv.SelectieadviesOp grond van het ontbreken van een intacte bodemopbouw met een verstoring tot in de top van de C-horizont als gevolg van diepploegen en het ontbreken van archeologische niveaus, indicatoren of vindplaatsen op deze locatie, adviseert Hamaland Advies om op deze locatie geen vervolgonderzoek uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkelingen.SelectiebesluitHet selectieadvies is voorgelegd aan de opdrachtgever en gemeente Montferland. Op 4 juli 2018 heeft mevrouw A. Zonneveld van de gemeente Montferland ingestemd met het selectieadvies en ongewijzigd overgenomen. Op deze locatie is geen vervolgonderzoek noodzakelijk en het plangebied wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen.VoorbehoudHet uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen.Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Het verdient aanbeveling ook de verantwoordelijk ambtenaar van de Gemeente Montferland, mw. A. Zonneveld, hiervan per direct in kennis te stellen.
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务