five

Utrecht Paushuize Begeleiding

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xwb-8qjg
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
ADC ArcheoProjecten heeft een Archeologische Begeleiding (conform protocol Opgraven) uitgevoerd op de locatie Paushuize aan de Kromme Nieuwegracht 49 te Utrecht. Het onderzoeksgebied heeft een oppervlakte van ca. 668 m² en ligt in de kelders van Paushuize, de functionele residentie van de commissaris van de koning in Utrecht. Het gebouw is ingrijpend gerestaureerd en in de oude luister hersteld.Het onderzoek in de kelders van Paushuize bood een unieke kans om in het historische centrum van Utrecht onderzoek te doen naar Romeinse, middeleeuwse en Nieuwe tijdse resten. In negen werkputten (ruimtes in en net buiten de kelders van het gebouw) is archeologisch onderzoek verricht. De aangetroffen resten bestaan uit (paal)kuilen, greppels, afvoerkokers, waterputten, een beerkelder en muurresten.De oudste resten die in de kelders van Paushuize zijn aangetroffen, betreffen sporen (paalkuilen, kuilen, greppels en lagen) uit de Romeinse tijd die aan de bij het castellum (militaire vesting) behorende vicus (kampdorp) kunnen worden toegeschreven. Het opgravingsterrein bevindt zich ca. 100 m ten zuidoosten van het Romeinse castellum dat zich op het Domplein bevindt.Het is goed mogelijk dat de greppels en de twee rijen van paalkuilen de zuidoostelijke grens van deze vicus aangeven. Het aardewerk is, met name, aangetroffen in het noordelijke deel van de opgraving en in veel mindere mate aan de zuidzijde. Mogelijk dat deze afname in scherfmateriaal de grens van de activiteitenzone van de vicus betreft. Echter, het opgegraven areaal is te klein om dit met zekerheid te kunnen stellen.Het scherfmateriaal is, op een enkel fragment na, niet na het midden van de 2e eeuw n. Chr. te dateren.Dit kan met de vermoede overstroming van een deel van de vicus te maken hebben rond het midden van de 2e eeuw n. Chr. maar ook zullen hier bij het aanleggen van de woning van de Paus, of de voorafgaande bebouwing, de jongste lagen verstoord en afgegraven zijn.De oudste context uit de Romeinse tijd is in de pre-Flavische periode te dateren. Dit betreft het scherfmateriaal uit de veenlaag, dat tussen 50 en 70 n. Chr. gedateerd kan worden. Alle contexten zijn tussen deze twee uitersten te dateren. Hierbij is een duidelijke toename van scherfmateriaal en contexten uit de eerste helft van de 2e eeuw n. Chr. zichtbaar.Behalve in de werkputten 6 en 8 zijn er geen middeleeuwse lagen of sporen aangetroffen. In de overige werkputten is dit niveau weggegraven tijdens de aanleg van de kelders van Paushuize.Er is maar weinig middeleeuws aardewerk aangetroffen tijdens het onderzoek en al het materiaal komt uit lagen waaruit ook aardewerk uit andere perioden is aangetroffen.Eén laag is mogelijk een laat middeleeuwse laag. In deze laag is echter slechts één fragment van een ongeglazuurde steengoedkan afkomstig uit Siegburg aangetroffen (het overige aardewerk uit deze laag dateert in de Romeinse tijd), waardoor de datering niet overtuigend is. Bij de aanname dat de laag laatmiddeleeuws is, is een klein kuiltje het enige middeleeuwse spoor dat is aangetroffen.In de overige lagen die op het middeleeuwse niveau liggen, is weliswaar vondstmateriaal uit de Middeleeuwen aangetroffen, maar dat werd samen met aardewerk uit de Romeinse tijd, de Vroege Middeleeuwen, de Volle Middeleeuwen, de 16e eeuw en de Nieuwe tijd gevonden. Deze lagen zijn dus duidelijk in de loop der eeuwen vergraven, waardoor het vondstmateriaal zich gemengd heeft.De belangrijkste sporen uit de Nieuwe tijd die zijn aangetroffen, zijn de fundering van de oostmuur van het originele Paushuize uit 1517 en de aansluitende noordelijke traptoren met daarnaast een beerkelder die op een noord – zuid georiënteerde afvoerkoker staat.De fundering van deze oostmuur wijkt aan de onderzijde af van de oriëntering van het opgaande muurwerk en er is een ander, groter, soort bakstenen gebruikt. In de eerste instantie werd vermoed dat dit, weliswaar kleine verschil in oriëntering en gebruik van afwijkende bakstenen, een aanwijzing voor een vroeger gebouw zou kunnen zijn, met een iets afwijkende oriëntatie.In het muurwerk van deze voormalige oostgevel is op grond van de toegepaste baksteen en mortel echter geen fasering tussen het bovenste en onderste metselwerk aan te geven.Waarom het onderste muurwerk afwijkend georiënteerd is aangelegd ten opzichte van het bovenstaande metselwerk is niet met zekerheid te zeggen. Een mogelijke verklaring kan een korte onderbreking in het bouwproces zijn geweest, waarbij eerst de puinfundering met de onderste meter muurwerk is aangelegd en vervolgens, na zetting, het overige opgaande werk met een kleine correctie hierop is uitgezet. Vervolgens is de fundering van de noordelijke toren gelegd. Onduidelijk is waarom dit niet in verband met de oostgevel is gebeurd. De beerkelder, die op een noord – zuid georiënteerde afvoerkoker rust, is vervolgens tegen de noordelijke toren aangelegd, maar zal gezien de overeenkomstige baksteen en mortel bij de bouw van het huis in 1517 tot stand zijn gekomen. Al tijdens het gebruik moet deze (verschillende malen) geleegd zijn aangezien het in de beerput aangetroffen vondstmateriaal uit de periode van de 17e t/m de 18e eeuw dateert.In werkput 3 is een deel van de noordelijke muur van de originele zuidelijke traptoren uit 1517, nu in gebruik als een vloertje, gezien. Toen in 1633 het gebouw werd uitgebreid met het poortgebouw is hier een doorgang door de torenmuur gemaakt. De overkluisde waterput net ten noorden daarvan dateert waarschijnlijk eveneens uit de beginperiode van Paushuize. De waterput bestaat uit hetzelfde soort bakstenen als de traptoren.In de werkputten 2, 4, 7 en 9 zijn resten uit de volgende (ver)bouw fasen van het gebouw Paushuize aangetroffen. Het grootste gedeelte daarvan dateert uit de 17e eeuw, toen het poortgebouw gebouwd werd. Het gaat, onder andere, om waterputten (werkput 7 en 9), een afvoerkoker (werkput 4) en een mogelijke stortkoker van een beerput (werkput 9).Van de latere bouwfasen van Paushuize zijn niet veel archeologische resten teruggevonden. Deze vonden voornamelijk in de verdiepingen boven de kelders plaats en hebben alleen bouwhistorische resten achtergelaten.Uit historische bronnen is bekend dat Paushuize een voorganger, mogelijk in houtbouw, gehad zou hebben. Het aantreffen van 12e- 13e- en 14e-eeuws aardewerk en hergebruikte 14e-eeuwse kloostermoppen voor de fundering van het huidige Paushuize, de beerkelder en de afvoerkoker, zou eventueel kunnen aangeven dat er een voorganger van het huidige gebouw in deze periode aanwezig was. Daar zijn echter tijdens het archeologische en bouwhistorische onderzoek geen aanwijzingen in de vorm van grondsporen (en/of bouwsporen) van teruggevonden.Het is ook zeker niet uitgesloten dat het vondstmateriaal dat uit deze perioden dateert, is meegekomen met de verschillende ophogingslagen, waarbij mogelijk (waarschijnlijk) grond van elders is gebruikt.Heden ten dage is Paushuize in zijn oude glorie hersteld en wordt het gebruikt als de representatieve zetel van het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht en voor vergaderingen, congressen en feesten en partijen. Ook kan men rondleidingen (ook virtueel) krijgen door het gebouw.
创建时间:
2024-01-31
5,000+
优质数据集
54 个
任务类型
进入经典数据集
二维码
社区交流群

面向社区/商业的数据集话题

二维码
科研交流群

面向高校/科研机构的开源数据集话题

数据驱动未来

携手共赢发展

商业合作