Kaag en Braassem Leimuiden Dokter Stapenseastraat 34 Bureau-onderzoek
收藏DANS Data Station Archaeology2025-06-22 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZJ6-JTQ9
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van kinderopvang Snoopy heeft ADC ArcheoProjecten een bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Dokter Stapenseastraat 34 in Leimuiden (gemeente Kaag en Braassem). In het plangebied zal de huidige bebouwing gesloopt worden. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een sloopvergunning van een bouwwerk, gelegen binnen een beschermd stads- en dorpsgezicht en was noodzakelijk om te bepalen of bij de voorgenomen activiteiten de kans bestaat dat archeologische resten in de ondergrond worden aangetast.</p><p>Op basis van het bureauonderzoek bestaat de diepere ondergrond van het plangebied bestaat uit een pakket kwelderafzettingen van het Laagpakket van Wormer, onderdeel van de Formatie van Naaldwijk, dat tot ongeveer 3000 voor Christus is afgezet. Het onderzoeksgebied maakte in het Neolithicum deel uit van een uitgestrekt getijdenbekken. Op grond van de afwezigheid van archeologische waarnemingen is het echter de vraag in hoeverre de wad-en kwelderafzettingen geschikt waren voor bewoning. Als er bewoning plaats vond, dan moet deze op de hogere kwelders en op de zandige oevers langs kreken aanwezig zijn. Dergelijke sites zijn echter zeer vondstarm. In geulen, waar het materiaal kon accumuleren, bestaat de grootste kans op het aantreffen van archeologische indicatoren. Na het sluiten van de Hollandse kust nam de mariene invloed in het gebied af en vond in de periode Bronstijd t/m de Vroege Middeleeuwen op uitgebreide schaal veenvorming plaats. De uitgestrekte veenmoerassen waren ongeschikt voor bewoning, met uitzondering van de kleiige oeverwallen langs de riviertjes. Hier vond op natuurlijke wijze ontwatering van het veenoppervlak plaats. Gezien de middeleeuwse verveningen en het feit dat het gebied in de 11e eeuw is drooggemalen, is de verwachting voor vindplaatsen uit de periode Bronstijd t/m de Vroege Middeleeuwen nihil. Dit geldt niet voor de ontginningsassen, die het gebied doorsnijden. In deze smalle, hoger gelegen stroken is het veen vermoedelijk niet geheel afgegraven. Ook kunnen deze zijn opgehoogd, omdat ze veelal een waterkerende functie kregen. In het zogenoemde restveen (Hollandveen Laagpakket binnen Formatie van Nieuwkoop) kunnen jongere archeologische resten, zoals ontginningssporen uit de Middeleeuwen, bewaard zijn gebleven. Langs de ontginningsassen is tot op heden de bebouwing geconcentreerd, zoals dit ook in de Middeleeuwen en Nieuwe tijd het geval was. Ophogingspakketten alsmede funderingsresten van woningen kunnen hier aangetroffen worden. Deze kunnen echter door aanleg en uitbreiding van infrastructuur, zoals wegcunetten en ingraven kabels en leidingen, en recentere bebouwing zijn verstoord. Binnen het plangebied zal de reeds bestaande bebouwing worden gesloopt. Vervolgens zullen in het gebied tijdelijke units worden geplaatst. Hierbij zal geen additionele bodemverstoring plaatsvinden. Wat hierna echter gaat gebeuren is nog onbekend.</p><p>ADC ArcheoProjecten adviseert, indien geen additionele bodemverstoring zal plaatsvinden, om het terrein vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. Het is echter niet volledig uit te sluiten dat binnen het onderzochte gebied toch nog archeologische resten voorkomen. Het verdient daarom aanbeveling om de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 53 van de Monumentenwet. ADC ArcheoProjecten adviseert, indien bodemverstoring zal plaatsvinden, om een inventariserend veldonderzoek uit te voeren door middel van het aanleggen van proefsleuven (IVO-P), teneinde gaafheid, omvang, datering en conservering van archeologische resten te onderzoeken. De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE).</p>
创建时间:
2011-07-26



