Alphen aan den Rijn Aarlanderveen Dorpsstraat 25-29 Booronderzoek
收藏DANS Data Station Archaeology2014-01-08 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X33-QCJJ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>ADC ArcheoProjecten heeft in december 2012 en januari 2013 ten behoeve van sloop en nieuwbouw een bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek uitgevoerd op de locatie Dorpsstraat 25-29 te Aarlanderveen.</p><p>Het plangebied maakt deel uit van het bewoningslint van Aarlanderveen, waarvan de oorsprong teruggaat tot in de Late Middeleeuwen. Daarom kunnen binnen het plangebied resten vanaf de Late Middeleeuwen aanwezig zijn. De resten kunnen bestaan uit ophogingspakketten, funderingsresten, erfstructuren en afvalkuilen. Op historische kaarten zijn aanwijzingen voor bebouwing van het plangebied vanaf de 17e eeuw. De resten worden vrijwel direct onder het maaiveld verwacht en zullen zich met name aan de straatzijde van het plangebied bevinden.</p><p>Aangenomen wordt dat bij de aanleg van funderingen de bodem plaatselijk is verstoord. De omvang en diepte van deze verstoring is niet bekend.</p><p>Behalve laat- en postmiddeleeuwse resten kunnen ook oudere resten aanwezig zijn. Deze zullen dateren uit het Neolithicumen en de Bronstijd en zijn gerelateerd aan oeverafzettingen van kreeksystemen (Laagpakket van Wormer binnen de Naaldwijk Formatie). Het is echter niet bekend of deze ter plaatse van het plangebied in de ondergrond aanwezig zijn.</p><p>Teneinde deze verwachting te toetsen werd in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd. Hierbij zijn tussen 120 en 25 cm –mv ophogingspakketten met daarin baksteen- en puinresten aangetroffen. Hoewel in één van de pakketten 19e eeuwse aardewerkfragmenten zijn aangetroffen, is het vraag in hoeverre dit vondstmateriaal representatief is voor de ouderdom van de pakketten.<br>Mogelijk gaat het om een lokale verstoring. Eventuele oudere resten kunnen daarom niet uitgesloten worden. Op historische kaarten zijn aanwijzingen voor bebouwing van het plangebied vanaf de 17e eeuw. Mogelijk was het plangebied vanaf de Late Middeleeuwen bebouwd. De voornaamste conclusie die uit het veldonderzoek kan worden getrokken is dat er geen sprake is van grootschalige verstoringen als gevolg van de recente sloop- en verbouwwerkzaamheden.</p><p>Het Laagpakket van Wormer is tot de maximale boordiepte (3 m –mv) niet aangetroffen. Omtrent resten uit het Neolithicum en de Bronstijd kunnen daarom geen uitspraken worden gedaan.</p><p>Aanbeveling ADC ArcheoProjecten ADC ArcheoProjecten adviseert om na de sloop van de huidige bebouwing een inventariserend veldonderzoek uit te voeren door middel van het aanleggen van proefsleuven (IVO-P), teneinde gaafheid, omvang, datering en conservering van archeologische resten te onderzoeken. Verder wordt geadviseerd om het slopen van de opstallen alleen bovengronds uit te voeren, zodat ondergrondse funderingen behouden blijven, teneinde eventuele archeologische resten zoveel mogelijk intact te laten en archeologisch onderzoek van de funderingen mogelijk te maken. Het proefsleuvenonderzoek dient zoveel mogelijk te worden afgestemd met sloop- en graafwerkzaamheden ten behoeve van de toekomstige bebouwing. Gezien het geringe oppervlak van de onderzoekslocatie dient er rekening te worden gehouden met een doorstart van het proefsleuvenonderzoek naar een definitieve opgraving. De beslissing tot het overgaan tot een definitieve opgraving dient in het veld en in overleg met opdrachtgever en de bevoegde overheid te worden genomen. De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE).</p><p>Advies gemeente Alphen aan den Rijn Gezien het geringe oppervlak van de onderzoekslocatie is een proefsleuvenonderzoek vrij kostbaar. Daarom adviseerd de gemeente Alphen aan den Rijn de grondwerkzaamheden ten behoeve van de sloop en de nieuwbouw archeologisch te begeleiden. Het onderzoek dient zoveel mogelijk te worden afgestemd met de civieltechnische werkzaamheden. De archeologische begeleiding dient hetzelfde doel als een inventariserend veldonderzoek door middel van het aanleggen van proefsleuven (AB/IVO-P). Dit betekent dat indien bij de civiele werkzaamheden toch 6 vondsten of archeologische sporen worden aangetroffen, deze worden geregistreerd en, in zover de werkzaamheden dat toelaten, worden gedocumenteerd. De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE).</p>
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2014-01-09



