Gemeente Horst aan de Maas. Plangebied Steeghoek 4-6 te Sevenum. Archeologisch bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek (verkennende fase).
收藏DANS Data Station Archaeology2016-02-11 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XA8-PZYM
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek</p><p>In opdracht van Agron Advies heeft het onderzoeks- en adviesbureau BAAC bv een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek met behulp van boringen (verkennende fase) uitgevoerd in het plangebied Steeghoek 4-6 te Sevenum. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied deel uit maakt van een dekzandrug met vrijwel direct ten zuiden een laagte, waarvan echter niet bekend is of er ook daadwerkelijk een beek heeft gestroomd. Gebieden op een landschappelijke gradiënt vormden van oudsher aantrekkelijke vestigingsgebieden. In de omgeving van het plangebied zijn archeologische waarden bekend uit de bronstijd, de ijzertijd, de middeleeuwen en de nieuwe tijd. Gezien de ligging op de rand van een hoge dekzandrug is de verwachting dat het natuurlijke bodemprofiel als gevolg van egalisatie in de late middeleeuwen grotendeels zal zijn afgedekt. Het gebied is vervolgens als gevolg van plaggenbemesting afgedekt met een esdek met een dikte van 50 cm of meer. Het oorspronkelijke bodemprofiel, en dus mogelijk aanwezige archeologische sporen, raakten hierdoor tegen bodemverstoringen beschermd. Op basis van deze gegevens wordt aan het plangebied een hoge verwachting voor archeologische waarden (nederzettingen, grafvelden, e.d.) uit het neolithicum tot en met de late middeleeuwen A. Gezien het intensieve gebruik in de loop der eeuwen geldt voor onverstoorde vuursteenvindplaatsen uit het laatpaleolithicum tot en met het neolithicum een lage tot middelhoge verwachting. Gezien de ligging buiten en oud bebouwingslint geldt voor de periode vanaf de late middeleeuwen B een lage verwachting. Uit het veldonderzoek blijkt dat in het noordelijke deel van het plangebied intacte akkereerdgronden of hoge zwarte enkeerdgronden aanwezig zijn met een humeus dek oftewel een esdek van 40 tot 55 cm dik. In het zuidelijke deel van het plangebied is de bodem door het gebruik als erf afgetopt en verstoord. De bodem kan hier als een verstoorde gooreerdgrond worden geclassificeerd. In het plangebied zijn archeologische vondsten aangetroffen, die dateren uit de veertiende tot en met de achttiende eeuw. Vermoedelijk is het materiaal met de bemesting op de akker gebracht en duiden ze niet op de aanwezigheid van een vindplaats in het plangebied. Voor het zuidelijke deel geldt een algemeen lage verwachting voor onverstoorde archeologische vindplaatsen. Het noordelijke deel van het plangebied behoudt een hoge verwachting voor archeologische waarden (nederzettingen, grafvelden e.d.) uit het neolithicum tot en met de late middeleeuwen A. De verwachting voor onverstoorde vuursteenvindplaatsen wordt bijgesteld naar laag. Door de geplande bouwwerkzaamheden zal de bodem tot diep in het archeologisch sporenniveau (de C-horizont) worden verstoord. Derhalve wordt geadviseerd de archeologische verwachting in het gebied met een hoge verwachting (5570 m2) te toetsen en aan te vullen door middel van een proefsleuvenonderzoek.</p>
提供机构:
BAAC bv
创建时间:
2016-02-12



