five

Hilvarenbeek Diessen Diessen-Vroonakker Opgraving

收藏
DANS Data Station Archaeology2012-10-31 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XTZ-MBYX
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>ADC ArcheoProjecten heeft een Archeologische Opgraving uitgevoerd voor het plangebied Vroonacker te Diessen. In het plangebied zullen woningen worden gebouwd. De voorgenomen bouwplannen zullen deze archeologische resten vernietigen of ernstig beschadigen. Tijdens de archeologische opgraving zijn resten aangetroffen uit de Midden- en Late IJzertijd, de Vroege en Volle Middeleeuwen en de Nieuwe tijd. De aangetroffen sporen bestaan uit bewoningsresten in de vorm van gebouwplattegronden, spiekers en bijgebouwen, waterputten, een graf, perceelsgreppels en spitsporen.<br>De oudste sporen dateren uit de overgang van de Vroege IJzertijd naar de Midden-IJzertijd en zijn aangetroffen in deelgebied C. De resten bestaan uit een vierkant crematiegraf met daar omheen een zogenaamd langbed. In het zuiden van het langbed is een rechthoekige kuil aangetroffen met daarin veel houtskool, een verpulverde kraal van blauw glas en crematieresten.<br>De overige sporen uit de IJzertijd zijn aangetroffen in het zuiden van de deelgebieden B en C. In deelgebied B zijn een spieker en een bijgebouw aangetroffen. In deelgebied C een enkele spieker.<br>De volgende periode waaruit archeologische resten zijn aangetroffen, is de Vroege Middeleeuwen (midden van de 8e eeuw). In alle deelgebieden zijn gebouwplattegronden en waterputten uit deze periode aangetroffen. Het gaat om vijf clusters die, gezien de onderlinge afstand, waarschijnlijk vijf erven vertegenwoordigen. De onderlinge afstand tussen deze erven bedraagt steeds ca. 50 meter.<br>Het eerste erf ligt in deelgebied B en bestaat uit een waterput, twee spiekers en twee, elkaar opvolgende, gebouwen. Gezien de relatief kleine afmetingen van de gebouwen is het mogelijk dat het om bijgebouwen gaat en dat de plattegrond van het hoofdgebouw zich buiten het onderzochte gebied bevindt. De gebouwen liggen vrijwel op dezelfde plek, maar laten onderling geen oversnijdingen zien, zodat een chronologie niet te geven is.<br>Het tweede erf ligt in het zuiden van deelgebied D. Dit erf bestaat uit een hoofdgebouw, een schuur en een spieker. In de nabijheid van deze structuren is geen waterput aangetroffen. De waterput in het noorden van het deelgebied ligt waarschijnlijk te ver weg om bij dit erf te horen. Deze waterput hoort waarschijnlijk bij een derde erf, waarvan het grootste gedeelte buiten het onderzochte gebied ligt.<br>Hetzelfde geldt voor de waterput en mogelijk andere (bij)gebouwen van erf twee. Erf vier ligt in het zuiden van deelgebied C en bestaat uit een enkel hoofdgebouw. Ook hier zal ervan uit moeten worden gegaan dat de overige erfelementen (waterputten, spiekers, bijgebouwen) zich buiten het onderzochte gebied bevinden.<br>In het noorden van deelgebied C bevindt zich het vijfde erf dat bestaat uit twee spiekers, een waterput en (hoofd)gebouw en drie opeenvolgende schuren. Gezien de relatief kleine afmetingen van het gebouw is het ook hier mogelijk dat het om een bijgebouw gaat en dat de plattegrond van het hoofdgebouw zich buiten het onderzochte gebied bevindt.<br>De volgende bewoningsperiode speelt zich in de Volle Middeleeuwen (11e/begin 12e eeuw) af, in het noorden en midden van deelgebied C. In het midden bevindt zich een klein bootvormig gebouw. In de omgeving van het gebouw zijn verder geen sporen uit deze periode aangetroffen. Deze bevinden zich waarschijnlijk buiten het onderzochte gebied.<br>In het noorden van deelgebied C bevindt zich een erf dat bestaat uit een (hoofd)gebouw, een waterput, een waterkuil en een spieker. Aan de west- en zuidzijde zijn verschillende greppels aangetroffen die mogelijk een erfgrens aangeven. De noordelijke en oostelijke grens van het erf liggen buiten het plangebied.<br>Aan het einde van de Late Middeleeuwen gaat men de zandgronden geschikt maken voor landbouw.<br>Vanaf dat moment zijn de landbouwgronden op de van oorsprong arme zandgronden intensief bemest met potstalgrond, vermengd met heideplaggen en stadsvuil. De spitsporen die in de deelgebieden B en D zijn aangetroffen, zijn hier de neerslag van. Dat deze nieuwe landbouwgronden in percelen werden ingedeeld, laten de perceelsgreppels zien die in de deelgebieden D en C zijn aangetroffen. De perceelgreppels, die tussen 1600 en 1800 worden gedateerd, hebben dezelfde oriëntatie als de huidige percelen.<br>Tot aan de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk in de huidige tijd is de Vroonacker als landbouwgrond gebruikt. Deelgebied D is tot voorkort in gebruik geweest als volkstuinencomplex.</p>
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2012-11-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务