five

Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Sportcampus Diekman te Enschede, gemeente Enschede (OV) Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Sportcampus Diekman te Enschede, gemeente Enschede (OV)

收藏
DANS Data Station Archaeology2024-09-10 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X22-PP8E
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Laagland Archeologie heeft in april 2024 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Sportcampus Diekman te Enschede. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de herontwikkeling van het sportpark.<br>Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003. Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd. Ruwweg de noordelijke helft van het plangebied is eerder onderzocht. Daarbij bleek sprake van een diep verstoord bodemprofiel; nader onderzoek werd niet geadviseerd. Het hier uitgevoerde bureauonderzoek omvat het gehele plangebied; het veldonderzoek richt zich op het nog niet onderzochte zuidelijke deel van het plangebied.<br>Het plangebied ligt op de westelijke flank van een keileemrug. Het zuidelijke plangebied ligt in een dalvormige laagte. Bodemkundig zijn overwegend beekeerdgronden te verwachten, maar onder meer op basis van oude topografische kaarten zijn ook enkeerdgronden en/of laarpodzolgronden te verwachten. In en rondom het plangebied zijn geen archeologische resten bekend. In de noordelijke helft lag voorheen het historische erf Diekman, dat is terug te voeren tot in ieder geval 1475. Ten zuiden van dit erf – ook nog in het noordelijke plangebied – lag een tweede boerenerf dat vermoedelijk van omstreeks de 17e eeuw dateert. Tijdens eerder uitgevoerd archeologisch veldonderzoek in de noordelijke helft van het plangebied is consequent een tot in de C-horizont verstoord bodemprofiel aangetroffen. Rond 1832 was het plangebied overwegend in gebruik als hooiland, wat wijst op (zeer) natte bodemcondities. Enkele delen waren echter ontgonnen tot bouwland (kampontginningen). De oudere plaggendekken werden opgeworpen op locaties die geschikte omstandigheden boden voor landbouw. Waarschijnlijk was op die delen sprake van dekzandopduikingen, waardoor die delen een betere ontwatering kenden. Vanaf 1953 is het plangebied ingericht als sportpark. In het zuidelijke, nog te onderzoeken deel liggen voornamelijk sportvelden. Om de grond- en waterhuishouding van sportvelden te verbeteren is meestal op grote schaal bodemverbetering toegepast en zijn drainagesystemen aangelegd. Op basis van geomorfologische en bodemkundige bronnen zijn in het plangebied resten vanaf het Laat-Paleolithicum te verwachten, met name op de locaties die op de kaart van 1832 zijn aangemerkt als bouwland. De kans is echter groot dat hier sprake is van een diep verstoorde bodem.<br>Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen. Tijdens het veldonderzoek is consequent een tot in de C-horizont verstoord bodemprofiel aangetroffen. De archeologische verwachting kan daarmee worden bijgesteld naar ‘laag’ voor alle perioden. Nader onderzoek wordt niet geadviseerd.<br>Dit advies is overgenomen door de bevoegde overheid, de gemeente Enschede. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, mevr. dr. E. Kaptijn (regio-archeoloog Twente).<br>Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
Laagland Archeologie VOF
创建时间:
2024-01-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务