Bureauonderzoek en Verkennend Booronderzoek Archeologie Plangebied Utrechtseweg 15-15A te Houten, gemeente Houten
收藏DANS Data Station Archaeology2019-03-17 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XQ9-PTHN
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Conclusie Bureauonderzoek<br>Het bureauonderzoek toont aan dat, gezien de ligging van het plangebied op de Jutphaas stroomgordel, de datering van deze stroomgordel en de reeds aangetroffen archeologische resten op deze stroomgordel, er voor het plangebied een hoge archeologische verwachting geldt voor vindplaatsen uit de periode IJzertijd, Romeinse Tijd en de Late Middeleeuwen-Nieuwe Tijd. Er geldt een middelhoge archeologische verwachting voor vindplaatsen uit de periode Paleolithicum tot en met de Late Bronstijd en de Vroege Middeleeuwen. Er geldt een lage verwachting voor vindplaatsen en relicten uit de Tweede Wereldoorlog.</p><p>Pas op de topografische kaart van 1959 staat bebouwing in het plangebied afgebeeld. Daarvoor is het plangebied als akker en boomgaard in gebruik geweest. In het zuidelijk deel van het plangebied is tot 1947 een laan naar het nabijgelegen kasteel Oud Wulven aanwezig geweest. Uit de boorgegevens is niet ter herleiden of de aanwezige bodemverstoringen in boring 5 en boring 6 ter herleiden zijn tot deze voormalige laan, aangezien deze verstoringen ook in andere boringen buiten het tracé van de voormalige laan aangetroffen zijn. Archeologische resten worden verwacht vanaf het maaiveld tot in het pleistocene zand op ca. 7m-mv. De bodemverstoringen zullen naar verwachting niet dieper reiken dan 1,20 m-mv, waardoor met het onderzoek uitsluitend resten uit de periodes vanaf de IJzertijd kunnen worden aangetoond. Vindplaatsen uit de IJzertijd en de Romeinse Tijd worden in de oever- en beddingafzettingen onder het maaiveld vanaf 0,5 m-mv (onder de bouwvoor) tot op ca. 1,20 m-mv verwacht.</p><p>Archeologische resten kunnen bestaan uit nederzettingsterreinen en graven, maar ook archeologische resten uit de nabijheid van dit soort complexen, zoals akkerlagen, karrensporen, afvaldumps, vuursteenstrooiingen etc. Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat resten van graven en andere kleinschalige fenomenen als dumps en veldovens lastig op te sporen zijn met behulp van booronderzoek. Eventuele archeologische niveaus zijn te herkennen als een ‘vuile’ laag met archeologische indicatoren als fosfaten, scherven aardewerk, houtskoolfragmenten, verbrande leem, etc. Booronderzoek Binnen het plangebied is in de meeste boringen onder de subrecent geroerde lagen sprake van oeverafzettingen van de Jutphaas-stroomgordel. In een tweetal boringen worden deze oeverafzettingen doorsneden door een pakket komklei en zijn er vegetatiehorizonten ontstaan. In een drietal boringen is onder de subrecent geroerde lagen een pakket komklei aangetroffen, die in twee boringen overgaat in bovengenoemde oeverafzettingen en in één boring in beddingafzettingen van de Jutphaas-stroomgordel. De beddingafzettingen karakteriseren zich door een afwisseling van zand- en kleilagen. De beddingafzettingen gaan geleidelijk over in de oeverafzettingen van voorgenoemde stroomgordel. In het plangebied zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen die kunnen wijzen op een archeologische vindplaats, hoewel opgemerkt dient te worden dat het niet het primaire doel van een verkennend onderzoek is om archeologische vindplaatsen op te sporen. </p><p>Selectieadvies<br>Op basis van het verkennend booronderzoek wordt vervolgonderzoek niet noodzakelijk geacht. De bodem is minimaal tot 80 cm-mv en maximaal tot 110 cm-mv verstoord, waardoor de geplande bodemingrepen zoals aanleg van funderingen en nutsvoorzieningen naar verwachting niet tot in deintacte oever- en beddingafzettingen reiken27. Alleen een paalfundering kan het archeologisch relevante niveau verstoren. In het plangebied is zijn echter geen aanwijzingen aangetroffen, zoals bodemvorming of cultuurlagen met archeologische indicatoren, die duiden op menselijke aanwezigheid in het verleden.</p><p>Selectiebesluit<br>Het conceptrapport is op 12 maart 2019 getoetst door de gemeentelijk archeoloog (dhr. B. Peters). De opmerkingen op het conceptrapport zijn verwerkt in deze definitieve versie. Het rapport is akkoord bevonden en het selectieadvies (geen vervolgonderzoek) wordt onderschreven, omdat er geen cultuurlagen zijn aangetroffen en geen andere archeologische indicatoren, en ook omdat er een verstoring lijkt te zijn in het gehele plangebied tot ongeveer 80 a 100 cm –maaiveld. </p><p>Voorbehoud<br>Het onderzoek is verricht volgens de gebruikelijke methoden en technieken. Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 5.10 en artikel 5.11 van de Erfgoedwet) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort en de gemeentelijk archeoloog van Houten.</p>
提供机构:
Hamaland Advies
创建时间:
2019-03-18



