five

Archeologisch bureauonderzoek Langestraat (kadastraal F2746 en F4681) te Wijk en Aalburg Gemeente Altena

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/LQEUAA
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Het doel van het archeologische bureauonderzoek was het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. In het plangebied staan op de archeologische beleidskaart reeds drie vondstclusters/vindplaatsen aangeduid in het plangebied en voor de controle van een voorganger van de huidige beleidskaart zijn reeds boringen gezet in het westen van het plangebied (Ellenkamp 2010). De vondstlocatie in de westelijke helft van het plangebied is een verwachting voor de huisplaats ‘Duive(ls)put’. Bij een veldtoets zijn geen aanwijzingen gevonden voor deze huisplaats (Ellenkamp 2010). Op basis van archiefonderzoek van Jacob Vos kan deze huisplaats (minimaal 18e eeuw tot 1806, mogelijk ouder) niet uitgesloten worden in het plangebied. Deze huisplaats is op de huidige archeologische beleidskaart nog aanwezig. De verwachting voor deze huisplaats is hoog. De overige vondstlocaties zijn aangegeven in het oosten van het plangebied. Dit betreft aardewerk uit de Romeinse tijd t/m Nieuwe tijd. Een van de vondstlocaties maakt ook melding van resten uit de IJzertijd, maar hiervan is de aard onduidelijk. Archeologisch booronderzoek in het noordwesten van het plangebied (veldtoets in Ellenkamp 2010) en de landschappelijke opbouw in boor- en proefsleuvenonderzoek op de Taxhof ten oosten en het terrein ten noorden van de westelijke helft van het plangebied geven een beeld van de bodemopbouw. In het plangebied kunnen oeverafzettingen uit de actieve periode van de Biesheuvel-Hamer stroomgordel aanwezig zijn. In het plangebied zijn reeds enkele verkennende archeologische boringen gezet (Ellenkamp 2010). Op basis van dit onderzoek lijken in het plangebied enkel komafzettingen aanwezig te zijn van matig siltige (zware) klei. In de diepere ondergrond komen ook iets lichtere afzettingen voor van sterk siltige (lichte) klei. Het meest kansrijk op een oeverafzetting lijkt een niveau vanaf ca. 3 m-mv. Hier geldt een middelhoge verwachting voor vindplaatsen uit het Neolithicum tot en met de Bronstijd. Deze afzettingen zijn afgedekt met een dik pakket komafzettingen uit de IJzertijd en Romeinse tijd. De Maas heeft vervolgens sediment in het plangebied afgezet en bij een dijkdoorbraak uit 1413 is een overslaggrond in het plangebied afgezet. In die tijd stroomde Maas nog langs Heusden en is vanuit het zuiden een dijkdoorbraak ontstaan. Op basis van de lage maaiveldhoogtes nabij deze Maasloop lijkt de Maas geen oeverafzettingen ten noorden van de maasmeander afgezet te hebben. Het vondstmateriaal uit de IJzertijd en Romeinse tijd t/m 1413 duidt waarschijnlijk op verspoelde resten. De overslaggrond is op basis van Ellenkamp (2010) ca. 0,5 tot 1,5 m dik en daaronder beginnen de komafzettingen. Het plangebied heeft daardoor een lage verwachting voor vindplaatsen uit de periode IJzertijd tot en met Volle Middeleeuwen (tot 1413). Na de overstroming uit 1413 is het huidige landschap ingericht. Kaartmateriaal uit de periode 1811-1832 tot heden geeft geen aanleiding om bebouwing in het plangebied te verwachten. Ten zuiden van het plangebied is een bebouwingslint aanwezig, maar deze wordt begrensd door een sloot. Resten hiervan worden niet in het plangebied verwacht. Op basis van archiefonderzoek van Jacob Vos kan een huisplaats ‘Duive(ls) Put’ (minimaal 18e eeuw tot 1806, mogelijk ouder) niet uitgesloten worden in het plangebied. De verwachting voor deze huisplaats is hoog. Elders geldt een lage verwachting voor de periode 1413 tot heden.
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务