five

Bureauonderzoek (BO) Westeremden, kabeltracé. Gemeente Eemsdelta (GR)

收藏
DataCite Commons2025-02-03 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/ZCJD9A
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Het plangebied omvat een tracé in het dorp Westeremden. Het plangebied ligt in het noordelijke zeekleilandschap. Dit landschap is voor een belangrijk deel gevormd tijdens het Holoceen, vanaf circa 11.000 jaar geleden. Westeremden ligt op een kwelderwal omgeven door een vlakte van getij-afzettingen, direct ten westen van de oude geul van de Fivel. Met name de zee is van grote invloed geweest op de vorming van het landschap. I Volgens paleogeografische reconstructies lag het plangebied vanaf ca. 3850 v. Chr. in een omvangrijk getijdenbekken. Rond 1000 v. Chr. maakten de noordelijkste delen van het Hunze- en Fiveldal gezamenlijk nog altijd deel uit van dit getijdengebied. In de daaropvolgende eeuwen zorgde het voortschrijdende verlandingsproces ervoor dat het wad-geul systemen van de Hunze en de Fivel steeds kleiner werden. Langs de zuidelijke rand van de Fivelboezem ontstonden kwelderwallen, waarvan af ongeveer 650 v. Chr. sprake is van bewoning. Om bij hoog water droog te blijven werden (delen van) de kwelderwallen opgehoogd, waardoor zogeheten wierden ontstonden. De oudste wierden in de omgeving van het onderzoeksgebied bevinden zich op de kwelderrug die van Ten Post naar Loppersum en Eenum loopt. Op de paleogeografische reconstructiekaart uit 100 n. Chr. ligt het plangebied op deze kwelderwal. Vanaf de 13e eeuw wordt het volledige kweldergebied van Groningen bedijkt. In de bedijkte gebieden stopte daarmee de sedimentatie van kwelderklei en in het onderzoeksgebied verandert de omgeving van een kwelderlandschap naar een polderlandschap met een regelmatige blokverkaveling. De archeologische waarden in het plangebied hangen samen met de bewoning op de wierde van Westeremden en de verhoogde huisplaatsen in de omgeving van de bebouwde kom van Westeremden. Laat-paleolithicum t/m neolithicum In deze periode werden tijdelijke kampementen aangelegd op hoge droge locaties nabij water in het paleolithische landschap. Het landschap ligt tegenwoordig op meer dan 10 tot 12 m diepte. Dit niveau zal niet worden verstoord door de geplande ingrepen. Het plangebied ligt daarnaast op de rand van een geul in deze periode. Aanwezige archeologische resten zijn vermoedelijk geërodeerd en daarmee niet meer aanwezig. Voor deze perioden geldt daarom een lage archeologische verwachting. Bronstijd In deze periode waren de omstandigheden in het Groningse kustlandschap naar verwachting niet aantrekkelijk voor menselijke bewoning of activiteiten. Het plangebied maakte onderdeel uit van een getijdenzone die te nat was voor menselijke bewoning. Voor deze periode geldt daarom een lage archeologische verwachting. IJzertijd t/m nieuwe tijd Vanaf de late ijzertijd raakte de omgeving van het plangebied weer bewoond. Bewoning vond plaats op kwelderwallen, die werden opgehoogd. Het deel van het plangebied in de kern van Westeremden lag vanaf ongeveer 650 v.Chr. op een kwelderwal. Uit de omgeving van het plangebied zijn vondsten uit de ijzertijd-Romeinse tijd, middeleeuwen en nieuwe tijd bekend. De wierde van Westeremden is net zoals veel andere wierden uit de omgeving ontstaan in de (late) ijzertijd. Voor de late ijzertijd tot en met de nieuwe tijd geldt op basis van eerder uitgevoerd onderzoek een hoge archeologische verwachting. Resten uit de perioden late ijzertijd – nieuwe tijd kunnen bestaan uit huisplattegronden, haard-, paal- en beerkuilen, wierdelagen, afvalkuilen, puinlagen, ophogingslagen, water/beerputten en mogelijk ook greppels en infrastructuur. In het deel van het tracé buiten de dorpskern van Westeremden dat langs verschillende verhoogde huisplaatsen loopt geldt eveneens een hoge verwachting voor de perioden late ijzertijd – nieuwe tijd. Deze delen zijn vermoedelijk minder opgehoogd dan de wierde van Westeremden. Dit is ook zichtbaar op de AHN. Resten vanaf de ijzertijd tot en met de nieuwe tijd kunnen zich hier mogelijk in de geplande ontgravingsdiepte bevinden. Daarnaast kunnen buiten de bebouwde kern van Westeremden resten voor komen van dijken. Resten kunnen bestaan uit huisplattegronden, haard-, paal- en beerkuilen, wierdelagen, afvalkuilen, puinlagen, ophogingslagen, water/beerputten en mogelijk ook greppels en infrastructuur. De conservering van deze resten is waarschijnlijk goed vanwege de inbedding in zuurstofarme kwelderafzettingen. In de nieuwe tijd is het wegtracé vrijwel onveranderd gebleven. Op basis van eerder gravend onderzoek in de omgeving van het plangebied wordt het archeologische niveau van de ijzertijd en romeinse tijd in de wierde verwacht op een diepte van circa 2 tot 3,5 m -mv. Ondanks de hoge verwachting is het vanwege deze grote diepteligging niet waarschijnlijk dat er archeologische resten uit de periode ijzertijd en Romeinse tijd worden aangetroffen binnen de wierde van Westeremden. Alleen resten uit middeleeuwen – nieuwe tijd worden op de wierde binnen de ontgravingsdiepte verwacht. Buiten de wierde van Westeremden worden eveneens resten verwacht uit de periode ijzertijd- Romeinse tijd Ten oosten van de dorpskern van Westeremden ligt een deel van het tracé tussen de Fiveldijk en in de verzande bedding van de Oude Fivel (zie afb. 4). De Fivel is pas in de loop van de late middeleeuwen verzand. Het gebied is niet bewoonbaar geweest voordat de bedding is verzand. Daarnaast zullen archeologische resten uit eerdere periode mogelijk door de Fivel verstoord en geërodeerd zijn geraakt. Zodoende is er een lage verwachting voor de Oude Fivel. Daar waar de bodem, ter plaatse van het plangebied, verstoord is door eerdere gegraven tracés ten behoeve van kabels en leiding kan de hoge verwachting naar beneden worden bijgesteld. Een groot deel van de werkzaamheden zullen plaatsvinden in sleuven waarbij tijdens de aanleg van eerdere kabels en leidingen de bodem reeds verstoord is geraakt. De kans dat ter plaatse van deze sleuven nog intacte archeologische resten in de bodem zitten is klein. Hier is geen vervolgonderzoek nodig. In de zones waar op basis van de KLIC is gebleken dat er geen ondergrondse infra in de boden aanwezig is blijft de hoge archeologische verwachting gehandhaafd. Ter plaatse van de Fiveldijk komt de geplande kabel onder een bestaand kabeltracé van een datakabel te liggen. De kans dat de bij de geplande werkzaamheden dieper gelegen intacte archeologische resten worden verstoord is aanwezig. De archeologische verwachting voor deze locatie blijft daarom gehandhaafd. Echter geld in deze zones een dubbelbestemming archeologie waarbij afwijkende regels voor het graven van sleuven ten behoeve van ondergrondse transport-, energie-, telecommunicatieleidingen, drainage en funderingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur gelden. Indien sleuven breder zijn dan 0,5 m en dieper dan 1,0 m beneden maaiveld, dient archeologisch onderzoek plaats te vinden. Omdat de geplande sleufdiepte varieert tussen 0,5 en 0,8 m beneden maaiveld, wordt de minimaal vereiste diepte voor onderzoek niet gehaald en is geen archeologisch onderzoek noodzakelijk. Geadviseerd wordt daarom om het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen bodemingrepen. Ook in de vrijgegeven delen van het plangebied bestaat altijd de mogelijkheid dat er tijdens graafwerkzaamheden toch losse sporen en vondsten worden aangetroffen. Op grond van artikel 5.10 van de Erfgoedwet 2016 dient zo spoedig mogelijk melding te worden gemaakt van de vondst bij de gemeente, provincie of de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2024-10-02
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务