Vinkenpolderweg 2 en 4 te Alblasserdam (gemeente Alblasserdam)
收藏DANS Data Station Archaeology2012-06-11 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-2ZU-CKSZ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>ADC ArcheoProjecten heeft in augustus 2018 een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek uitgevoerd op de locatie Vinkenpolderweg 2 en 4 te Alblasserdam, gemeente Alblasserdam. De aanleiding van het onderzoek is de voorgenomen sloop van de huidige bebouwing, uitgezonderd de schuur in het oosten van het plangebied, en de nieuwbouw van een vrijstaande woning.<br>Op basis van het bureauonderzoek is een gespecificeerde verwachting opgesteld. Hieruit blijkt dat het plangebied zich uitstrekt op de zuidelijke oeverwal van de Alblas, een perimariene getijdekreek die in de Romeinse tijd ontstond. Op grond van bekende archeologische gegevens in de omgeving moet rekening worden gehouden met vindplaatsen uit de Romeinse tijd, de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd. Vindplaatsen uit de Vroege Middeleeuwen zijn tot op heden niet bekend, maar kunnen niet geheel uitgesloten worden. Eventuele vindplaatsen zullen zich in de top van de oeverafzettingen bevinden en zich manifesteren als een archeologische laag: een humeuze en/of ontkalkte laag met kleine fragmenten aardewerk, houtskool, bot en/of baksteen. Ze kunnen bestaan uit verschillende complextypen, waaronder nederzettingen en akkerlagen.<br>Met de afdamming van de Alblas in 1280 n. Chr. verbeterde de waterhuishouding en werd het gebied op grote schaal ontgonnen voor de landbouw. Hierbij fungeerden de oeverwallen van de Alblas als ontginningsbasis. In de loop der eeuwen ontstond langs deze as een bewoninglint, dat zich geleidelijk verdichtte.<br>Op basis van oude kaarten en de gegevens uit de Basisadministraties Adressen en Gebouwen (BAG) lijkt in het plangebied pas vanaf 1924 sprake te zijn van bebouwing. Als gevolg van de aanleg van deze woningen en bijgebouwen in het oostelijke deel van het plangebied moet met name hier rekening worden gehouden met bodemverstoringen.<br>In de diepe ondergrond (circa 9 m –mv) bevinden zich mogelijk rivierduinafzettingen. Hierop moet rekening gehouden met archeologische vindplaatsen uit het Mesolithicum en het Neolithicum.<br>Indien aanwezig zullen deze door afdekking met veen- en kleipakketten goed geconserveerd zijn.<br>Gezien de diepteligging zal dit niveau door de voorgenomen ontwikkeling nauwelijks worden aangetast en wordt het daarom verder niet onderzocht.<br>Teneinde bovengenoemde verwachting te toetsen en aan te vullen is in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd. Hierbij werd vastgesteld dat de ondergrond van het plangebied uit mineraalarm tot zwak kleiig bosveen (Hollandveen Laagpakket binnen de Formatie van Nieuwkoop) bestaat. Dit pakket gaat geleidelijk over in een pakket oeverafzettingen (Formatie van Echteld). Deze houden verband met de aanwezige Alblas stroomgordel en bestaan uit sterk siltige klei. In geen van de boringen is een ontkalkt en/of humeus niveau aangetroffen, dat beschouwd kan worden als een potentieel archeologisch niveau.<br>In het centrale deel van het plangebied wordt het pakket oeverafzettingen tussen 300 en 230 cm – mv onderbroken door een pakket restgeulafzettingen bestaande uit donkergrijze, sterk humeuze klei. Hierin is een 30 cm dik fragment hout aangetroffen.<br>De oeverafzettingen zijn aan de bovenkant scherp begrensd en worden afgedekt door een 95 tot 125 cm dik heterogeen pakket, bestaande uit deels opgebrachte en deels omgewerkte lagen klei en zand. Dit pakket houdt vermoedelijk verband met de huidige inrichting van het plangebied.<br>Vanwege de geringe rijping van de oeverafzettingen van de Alblas, het ontbreken van potentieel archeologische niveaus en het feit dat oorspronkelijke top is opgenomen in de bovengrond dient de archeologische verwachting voor het plangebied naar laag te worden bijgesteld.<br>ADC ArcheoProjecten adviseert daarom het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. Het is echter nooit volledig uit te sluiten dat binnen het onderzochte gebied toch nog archeologische resten voorkomen. Het verdient daarom aanbeveling om de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet.<br>Wij wijzen erop dat de bevoegde overheid op basis van dit rapport een selectiebesluit neemt. De mogelijkheid bestaat dat dit selectiebesluit afwijkt van het door ons opgestelde advies.</p>
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2012-06-12



