Transect-rapport 1970: Een archeologisch bureauonderzoek. Hooge Zwaluwe, Horenhilsedijk (ong.). Gemeente Drimmelen (NB).
收藏DANS Data Station Archaeology2018-12-05 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZTX-UYSV
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In december 2018 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Horenhilsedijk in Hooge Zwaluwe (gemeente Drimmelen). De aanleiding voor het onderzoek vormt het voornemen om in het plangebied een zonnepark aan te leggen. Om inzicht te krijgen in mogelijke kansen en risico’s ten aanzien van deze ontwikkeling op het terrein heeft AGEL Adviseurs b.v. Transect b.v. gevraagd de kansen en risico’s in beeld te brengen met betrekking tot de aanwezigheid van archeologische (verwachtings-)waarden binnen het plangebied. Dit is gedaan in de vorm van een bureauonderzoek.</p><p>Het plangebied heeft geen aanduiding gekregen in het (nu) vigerende bestemmingsplan “Buitengebied”. Volgens de gemeentelijke beleidskaart heeft het gebied een lage archeologische verwachting. Hiervoor geldt dat voor voorgenomen bodemingrepen in het kader van grotere ruimtelijke projecten, die groter zijn dan 50.000 m2, ongeacht de verstoringsdiepte, een archeologisch vooronderzoek uit te voeren. Dit onderzoek dient ter onderbouwing van de plannen. Aangezien het plangebied dit oppervlak overschrijdt, is een archeologisch vooronderzoek noodzakelijk.</p><p>Uit het archeologisch bureauonderzoek blijkt dat voor het plangebied in het westelijk deel van het plangebied sprake is van een middelhoge archeologische verwachting op resten uit de Late Middeleeuwen-Nieuwe tijd. De ligging van dit gebied is weergegeven in bijlage 6. Deze verwachting is gebaseerd op het voorkomen van een oeverwal langs een oude kreek, waarop mogelijk sinds de inpoldering en aanleg van de Boerenpolder bewoning heeft plaatsgevonden. Resten zijn hier vanaf een diepte van 50 cm -Mv te verwachten. Ook op een dieper niveau kunnen archeologische resten aanwezig zijn, namelijk op de top van het veen en de top van het dekzand. De verwachting hierop is voor de top van het veen laag, aangezien deze naar verwachting geërodeerd is. Voor de top van het Uit het archeologisch bureauonderzoek blijkt dat voor het plangebied een lage archeologische verwachting op de aanwezigheid van resten uit de periode Bronstijd-Nieuwe tijd. Het gebied is langdurig een veenmoeras geweest, dat in de Late Middeleeuwen is ontgonnen, afgegraven voor turfwinning en tijdens de Sint-Elisabethsvloed overstroomd. De archeologisch relevante top van het veen is hierbij naar verwachting verdwenen, vanwaar de verwachting op intacte archeologische resten laag is. Pas in 1538 is het gebied ingepolderd toen de Groot Zonzeelsepolder is aangelegd. Het plangebied is op basis van historisch kaartmateriaal nooit bebouwd geweest, waarmee de kans op het aantreffen van nederzettingsresten klein is. Hiermee is de archeologische verwachting voor deze periode ook laag. Wel kunnen sporen van landgebruik uit de Nieuwe tijd worden aangetroffen. Voor de top van het dekzand geldt theoretisch gezien een middelhoge archeologische verwachting op de aanwezigheid van resten uit het Paleolithicum-Neolithicum. Deze geldt echter pas vanaf een diepte van circa 2,0-4,0 m -Mv, waar zich volgens boringen van TNO in de omgeving van het plangebied het dekzand bevindt.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2018-12-06



