Bergambacht Benedenberg 38 Booronderzoek
收藏DANS Data Station Archaeology2025-06-22 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZQY-2MJB
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>ADC ArcheoProjecten heeft in juli 2012 een bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek uitgevoerd ten behoeve van de nieuwbouw van een woonhuis en het graven en verbreden van watergangen op de locatie Benedenberg 38 te Bergambacht Het laatmiddeleeuwse aardewerk dat direct ten westen en binnen het plangebied is aangetroffen wijst erop dat het plangebied zich bevindt binnen de randzone van een oude woongrond of terp uit de Middeleeuwen. Daarom worden archeologische resten verwacht uit de Middeleeuwen en de Nieuwe tijd, die verband houden met deze vindplaats. De resten kunnen o.a. bestaan uit funderingsresten en ophogingspakketten. Aangezien er ophogingspakketten worden verwacht kan geen diepte worden gegeven voor de archeologische resten. Organische resten (zoals bot, hout, leder en textiel) zullen door de boven het hoogste grondwaterpeil (1 m – mv) heersende relatief droge en zure bodemomstandigheden slecht zijn geconserveerd. Andere type indicatoren (aardewerk) zijn waarschijnlijk matig goed geconserveerd. De beperkte beschikbare gegevens laten niet toe, het complextype en de omvang van de verwachte resten nader te specificeren.<br>In de diepere ondergrond van het plangebied komen mogelijk rivierduinafzettingen of afzettingen van de Bergambacht stroomgordel voor. Hierop kunnen resten uit het uit het Mesolithicum en het Neolithicum voorkomen. Op basis van de boringen t.b.v. een sonderings- en milieukundig onderzoek reikt het veen tot een diepte van 7, 4 m –mv. Dit niveau zal door de toekomstige graafwerkzaamheden niet worden aangetast.<br>In het plangebied moet rekening worden gehouden met plaatselijk geroerde grond als gevolg van de aanwezige bebouwing.<br>Teneinde deze verwachting te toetsen werd in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd.<br>Boring 1 is ter hoogte van een te graven watergang gezet. Op een diepte van 60 cm –mv is een fragment 17e eeuws aardewerk aangetroffen. Aangezien op basis van de oudste geraadpleegde kaart (uit 1696) globaal ter plaatse van het plangebied bebouwing aanwezig is, en op de kadastrale minuut uit 1811-1832 zeker bebouwing aanwezig is binnen het plangebied, zijn archeologische waarden uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd niet uit te sluiten.<br>Ter plaatse van boring 4 en 5, die ter plaatse van de toekomstige bebouwing zijn gezet, wordt op basis van het voorkomen van recente indicatoren (plastic en hard gebakken baksteen) geconcludeerd dat de bodem recent is omgewerkt. Hier worden geen archeologische waarden uit de Late Middeleeuwen en/of de Nieuwe Tijd meer verwacht.<br>Aanbeveling ADC ArcheoProjecten Geadviseerd wordt om de watergang in het noorden van het plangebied niet aan te leggen. Indien dit niet mogelijk is adviseert ADC ArcheoProjecten om bij het graven van de watergang te voorzien in een archeologische begeleiding. De archeologische begeleiding dient hetzelfde doel als een inventariserend veldonderzoek door middel van het aanleggen van proefsleuven (IVO-P). Dit betekent dat indien bij de civiele werkzaamheden toch vondsten of archeologische sporen worden aangetroffen, deze worden geregistreerd en, in zover de werkzaamheden dat toelaten, worden gedocumenteerd. De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE).<br>Het resterende deel van plangebied kan worden vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkeling.<br>Het verdient verder de aanbeveling om de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 53 van de Monumentenwet.<br>5 Aanbeveling Omgevingsdienst Midden-Holland, adviseur gemeente Bergambacht We zijn het niet eens met de aanbeveling een archeologische begeleiding uit te laten voeren op basis van de aanwezigheid van uitsluitend scherf uit de 17e eeuw. Er zijn geen ophooglagen of vondstlagen aangetroffen die duiden op de aanwezigheid van een intensief gebruikte/bewoonde archeologische vindplaats. Op basis van het uitgevoerde booronderzoek achten we een archeologisch vervolgonderzoek binnen het plangebied niet meer noodzakelijk. Wel vragen we de vergunningaanvrager ons te berichten wanneer de graafwerkzaamheden voor de watergangen aanvangen. We willen in dit geval graag langs komen de te graven ontsluitingen te inspecteren op de aanwezigheid van archeologische resten en zodoende de archeologische verwachtingskaart van de gemeente te testen.<br>Tenslotte willen we de vergunningaanvrager erop wijzen dat wanneer er tijdens de werkzaamheden archeologische vondsten gedaan worden, deze gemeld moeten worden bij de bevoegde overheid (in deze de gemeente Bergambacht), zoals aangegeven in artikel 53 van de Monumentenwet.</p>
创建时间:
2012-08-16



